Een zakcentje voor Friese studenten

Nederland telt eindeloos veel subsidieregelingen, fondsen en potjes ter ondersteuning van bijzondere projecten. Vandaag: steun voor Friese geneeskunde- en farmaciestudenten.

Willemijn van der Veen (23) is vierdejaars studente Geneeskunde in Groningen. Om rond te kunnen komen heeft ze een bijbaantje en krijgt ze studiefinanciering van de IB-Groep. De meeste studenten verkrijgen op deze manier hun inkomsten. Willemijn ontvangt echter jaarlijks een extra zakcentje, uit het fonds van de stichting Johannes Henricus Regenbogenleen. Wat ze daarvoor heeft moeten doen? In Friesland geboren worden.

Het bestuur van de stichting geeft sinds 1978 jaarlijks aan gemiddeld zeven studenten geld. In 1937 stelde de Friese Trijntje Regenbogen haar testament op. Ze liet haar inboedel na aan een neef en twee nichten en haar geld gaf ze aan de kerk, haar dienstmeisjes en de neef en nichten. Nadat de laatste erfgenaam overleden was, moest het overgebleven geld in een stichting ondergebracht worden, die ze vernoemde naar haar broer Johannes Henricus. Het geld van de stichting moest onder Friese geneeskunde- en farmaciestudenten verdeeld worden en het gemeentebestuur van Littenseradiel en twee predikanten zouden de stichting moeten besturen.

Lys Scarse, die bij de gemeente zorgdraagt voor de stichting, denkt dat Regenbogen alleen geld wilde geven aan geneeskunde- en farmaciestudenten, omdat haar broer huisarts was in Boazum, in de gemeente die nu Littenseradiel heet. ,,Wat ze voor beroep had of waarom ze de stichting naar haar broer vernoemde, weten we niet. Ze was waarschijnlijk niet getrouwd en had geen kinderen aan wie ze haar geld kon nalaten. Zeker is wel dat het iemand is geweest met een goed hart; ze liet zelfs de kinderen van een van haar dienstmeisjes geld na.''

In 1976 overleed de laatste erfgenaam en twee jaar later kreeg de eerste `onbemiddelde' student via het fonds een bedrag uitgekeerd. Het budget van het fonds is zo'n 70.000 euro, maar alleen de rente à 2.000 euro per jaar wordt gebruikt voor steun aan studenten. Er is geen einde vastgesteld, ,,maar die 70.000 euro wordt op den duur minder waard'', zegt Scarse. Ook betaalt de stichting van deze 2.000 euro de onderhoudskosten voor het graf, de Kamer van Koophandel en de advertenties voor het fonds. Uiteindelijk ontvangen circa zeven studenten 230 euro per persoon per jaar. ,,De term onbemiddeld is eigenlijk niet toepasselijk, want wie is er in Nederland nog onbemiddeld? Elke student krijgt studiefinanciering en velen hebben een bijbaan.''

Bij de bepaling van de studenten die geld krijgen kijkt het bestuur naar de afkomst, de inkomsten en uitgaven van de student. ,,Er komen jaarlijks zo'n 15 tot 25 aanvragen binnen. We kunnen niet iedereen geld geven, want dan wordt het bedrag nog lager dan 230 euro. Dit bedrag is echt het minimum.''

Als je opa of oma Fries is, kun je al aanspraak maken op het fonds. ,,Als er veel gegadigden zijn, gaan degenen die zelf in Friesland geboren zijn voor. Daarna bepalen we op basis van de inkomsten en uitgaven wie de steun het beste kan gebruiken. Studenten die eerder al een aanvraag hebben ingediend krijgen voorrang. Dat is uit het oogpunt van continuïteit: iemand niet laten vallen als je hem eenmaal gesteund hebt. Soms verlenen we geen steun meer aan studenten die het al hebben gehad, omdat die volgens ons wel erg lang studeren.''

Uitzonderingen zijn er ook. ,,In het testament staat bijvoorbeeld dat in een uitzonderlijk geval afgeweken kan worden van de eis om van Friese afkomst te zijn. Dat gebeurt een enkele keer. Een paar jaar geleden hebben we een buitenlandse student, ik meen uit Afghanistan, geld toegekend.''

De ouders van Willemijn van der Veen wezen hun dochter op een advertentie van het fonds in de Leeuwarder Courant. ,,Ik las dat je van Friese afkomst moest zijn. Is dat alles, dacht ik toen. Bizar eigenlijk. Ik wist wel dat er beurzen bestonden voor studies in het buitenland. Zo'n beurs draagt echt bij in de kosten, meer dan dit fonds. Voor studie of onderzoek in het buitenland ben je veel geld kwijt. Ik krijg nu wel dit geld omdat ik Fries ben, maar er zullen vast studenten zijn die het geld harder nodig hebben.''

Willemijn, die per maand zo'n 450 euro te besteden heeft, koopt van de 230 euro boeken voor haar studie. ,,Die zijn prijzig. In het eerste jaar was ik 1.700 gulden aan boeken kwijt.'' Ze heeft tot nu toe drie keer met succes een aanvraag bij de stichting ingediend. Ook voor komend jaar vraagt de in Groningen woonachtige studente weer om steun. ,,Het is een klein bedrag'', zegt Scarse, ,,maar ik vind het mooi dat deze Trijntje Regenbogen aan haar Friese nageslacht heeft gedacht. Ze is zeker niet de enige, want in Friesland bestaan veel van dit soort fondsen. Voor studenten is het vaak toch in aardige ynstruiïng, een financiële meevaller op z'n Fries gezegd.''

Dit is een serie over bijzondere fondsen, subsidies en potjes. Volgende week: een ijssalon starten dankzij een starterskrediet van uitkeringsinstantie UWV.