Irak heropent jacht op Ba'athleden

De Iraakse regering heeft besloten de jacht op vroegere leden van Saddam Husseins Ba'athpartij in overheidsdienst te heropenen nu is gebleken dat zij in de veiligheidsdiensten en het ministerie van Binnenlandse Zaken zijn geïnfiltreerd. Sommigen van hen steunen de opstandelingen. Dat heeft een hoge functionaris van de de-ba'athificatiecommissie, Sami al-Askari, gisteren in Bagdad meegedeeld. Hij wees op de arrestatie van een hoge officier van de Nationale Garde in verband met de dood van 43 rekruten die in oktober in een hinderlaag vielen. De daders waren op de hoogte van hun route.

De de-ba'athificatiecommissie werd in mei 2003 opgericht door de toenmalige Amerikaanse bestuurder Paul Bremer. Onder leiderschap van de fel anti-ba'athistische Ahmed Chalabi sloot de commissie 30.000 functionarissen van werk bij de overheid uit. Chalabi viel echter in ongenade bij de Amerikanen, en er ontstonden her en der bij de overheid, van de nieuwe veiligheidsdiensten tot en met het onderwijs, problemen doordat met de Ba'athleden ook veel deskundigheid wegviel. Besloten werd vervolgens de de-ba'athificatie op een laag pitje te zetten.

Bepaalde ministeries hebben daarvan geprofiteerd om hoge functionarissen van het oude regime aan te stellen. Zo had het ministerie van Binnenlandse Zaken 940 vroegere ambtenaren laten terugkeren. Maar, aldus Askari, van hen moesten onlangs 500 ,,schurftige schapen'' weer worden ontslagen.

Een internetsite heeft vandaag een aan rebellen in Falluja toegeschreven communiqué gepubliceerd waarin dezen hervatting van hun aanvallen aankondigen. Bagdad meldde gisteren dat bij het Amerikaanse offensief tegen rebellen in Falluja meer dan 2.000 mensen zijn gedood – zonder aan te geven hoeveel burgers onder hen zijn – en 1.600 gearresteerd. Overigens werden gisteren weer twee Amerikaanse mariniers gedood toen zij onder vuur kwamen bij het doorzoeken van huizen in Falluja. De Amerikanen willen alle huizen inspecteren. De 300.000 inwoners mogen kennelijk daarna pas terug.