Een tegenslag in de prijzenslag

Vindt u de limonade, koffie en thee de laatste tijd ook al zo lekker goedkoop? Er bestaat een reële kans dat deze producten onder de kostprijs langs de kassa gaan. Lang leve de prijsoorlog in de supermarkten.

In Surhuisterveen denkt men daar anders over. Een prijsoorlog is prettig voor de consument, maar toeleveranciers en supermarkten zitten met de gebakken peren. Joop Atsma, Kamerlid voor het CDA en Fries in hart en nieren, heeft daarom aan de bel getrokken. Hij diende deze week een motie in, gesteund door een Kamermeerderheid, waarin hij het kabinet vraagt onderzoek te doen naar de effecten van wetgeving die verkoop onder de inkoopprijs tegengaat. In acht Europese landen bestaat zulke regelgeving. Minister Veerman van Landbouw honoreert dan ook het verzoek van de Kamer.

Atsma maakt zich zorgen over de gevolgen van de prijzenslag voor de economie. De strijd zet in een sector als de land- en tuinbouw de opbrengsten van zuivel, groenten en vlees ,,zwaar onder druk''.

Ook de supermarktsector zelf heeft het niet makkelijk. Uit onderzoek van het Economisch Instituut voor het Midden- en kleinbedrijf (EIM) bleek onlangs dat de branche sinds het begin van de prijzenslag een kleine 10.000 banen heeft verloren. Vooral de zelfstandige buurtsuper legt het loodje. Het EIM waarschuwt dat als de prijsoorlog nog twee jaar voortduurt, de kleine supermarkt is verdwenen. Een deel van het MKB, altijd gezien als de groeimotor van de economie, is in het geding.

Naast de kleintjes worstelen ook sommige grote bedrijven met de prijsslag. Laurus, eigenaar van onder meer Super De Boer en Edah, haalde deze week 200 miljoen euro op om de supermarktketens van zuurstof te voorzien. Voedingsmiddelenproducent Unilever, bekend van Becel en Knorr, heeft zijn groeiverwachtingen zien imploderen.

Een verbod op verkoop onder de inkoopprijs staat op gespannen voet met vrije marktwerking. Sterker, de motie van Atsma en andere Kamerleden heeft er alle schijn van concurrentie te willen beperken.

Het is een geluid dat radicaal anders is dan ten tijde van de paarse kabinetten. Toen luidde het parool marktwerking en deregulering. De winkeltijden werden verruimd en andere knellende wetgeving geschrapt. Het imago van Nederland kartelland moest aan diggelen.

In Lissabon werd vier jaar geleden afgesproken van Europa in 2010 de meest dynamische economie te maken. Die doelstelling is al afgezwakt. Als het aan de Tweede Kamer ligt, draagt de Nederlandse prijsoorlog daar nog een steentje aan bij.