`Turijn' gul met schaatskaartjes

Van de 7.000 plaatsen die beschikbaar zijn voor elke afstand bij de schaatswedstrijden tijdens de Olympische Spelen van februari 2006 in Turijn, zal minstens de helft worden bezet door Nederlandse supporters. Gisteren werd bekend dat het Nederlandse reisbureau ATP beslag heeft weten te leggen op 3.500 kaarten per afstand.

De Nederlandse schaatsers weten pas twee maanden voor Winterspelen of zij zeker zijn van deelname. Dat was ook bij vorige Winterspelen het geval. De plaatsen worden verdeeld tijdens een olympisch kwalificatietoernooi, dat in december 2005 in het Thialf-stadion in Heerenveen wordt gehouden. De Winterspelen worden gehouden van 10 tot en met 26 februari 2006. Onder schaatsers wekt die late selectie ergernis, zoals recentelijk bleek uit uitlatingen van Renate Groenewold. Zij zou graag in een vroeg stadium zekerheid over deelname aan de Spelen willen hebben om zich goed op `Turijn' te kunnen voorbereiden. Groenewolds hoop is ijdel, bleek gisteren bij een persconferentie op het nationaal sportcentrum Papendal, waar sportkoepel NOC*NSF de normen en limieten voor de Winterspelen bekendmaakte. Eddy Verheijen en Marcel Sturkenboom, het duo dat het team de mission voor Turijn vormt, sprak heldere taal: uitzonderingen worden niet gemaakt.

De enige restrictie bij het kwalificatietoernooi betreft de laatste plaats op elke afstand: die geeft geen recht op rechtstreekse plaatsing. Het kan zijn dat die plek wordt opgeëist door een outsider in plaats van een schaatser die in een van de internationale wedstrijden een nominatie heeft verdiend. NOC*NSF en de schaatsbond (KNSB) hebben voor die situaties afgesproken uiterlijk één week voor het kwalificatietoernooi duidelijkheid te verschaffen over de procedure die nadien gevolgd moet worden. Vermoedelijk met een `skate-off', omdat als uitgangspunt wordt genomen, dat de strijd op het ijs moet worden beslecht; pas in het uiterste geval zal tot aanwijzing worden overgegaan.

Een beperkende factor is de omvang van het team. De totale Nederlandse schaatsploeg voor de Olympische Spelen mag maximaal uit tien mannen en tien vrouwen bestaan. Zij hebben vier plaatsen te verdelen op de 500, 1.000 en 1.500 meter en drie plaatsen op de 3.000, 5.000 en 10.000 meter. Voor de ploegachtervolging een nieuwe olympische discipline zijn geen extra startplaatsen; het team moet uit de aanwezige schaatsers worden samengesteld.

Buiten de schaatsers hebben alleen bobbers, shorttrackers, snowboarders en eventueel skiërs kans op plaatsing. Hun kwalificatie-eisen zijn overzichtelijk: bij benoemde internationale wedstrijden kan een nominatie worden verdiend die later moet worden omgezet in kwalificatie.