Spanning loopt op over doelstellingen Ahold

Ahold ziet de schuld weer oplopen en de verliezen terugkeren. Is het supermarktconcern de controle kwijt of legt het bedrijf potjes aan?

Ahold kampt met een bekend familieprobleem: juist op het moment dat alle aandacht naar het zorgenkind gaat, begint de dochter die nooit voor hoofdbrekens zorgt de weg kwijt te raken.

Dat het supermarktconcern bedrijfsonderdelen in Azië of Zuid-Amerika met verlies verkoopt, is geen verrassing. De rode cijfers bij US Foodservice, de Amerikaanse cateringdochter waar vorig jaar grootschalige fraude werd ontdekt, verbazen evenmin. Hersteloperaties vergen nu eenmaal tijd en geld.

Maar de belangrijkste winstmotor van Ahold is nu ook gaan haperen. De supermarkten aan de Amerikaanse oostkust, die tweederde van Aholds bedrijfsresultaat leverden, zagen dat resultaat het afgelopen kwartaal meer dan halveren. En dat ligt niet aan de dalende dollarkoers: ook in dollars gemeten gingen de resultaten scherp naar beneden.

Stop & Shop, jarenlang Aholds beste winkelformule, kampt met tegenvallers. Ahold wijt dit voor een deel aan de integratie van formules onder een nieuwe werkmaatschappij – arena's in het jargon van bestuursvoorzitter Anders Moberg. Maar ook de toenemende concurrentie eist zijn tol.

Analisten hielden al rekening met een verslechterende positie van Aholds Amerikaanse supermarkten. Eerdere kwartalen toonden ook al een verzwakking. Waar zij geen rekening mee konden houden, was echter de stroom incidentele posten die Ahold gisteren bekendmaakte. ,,Ik heb sterk de indruk dat een groot deel van de eenmalige lasten bij de reguliere bedrijfsvoering horen'', liet een beleggingsexpert gisteren weten in een telefonische conferentie met de directie. Maar de bestuurders van Ahold wijzen dit van de hand. De eenmalige lasten hebben een eenmalig karakter, was hun boodschap. De operationele cijfers – belangrijke ratio's voor Ahold waarbij bijzondere posten niet meetellen – worden dus niet te gunstig voorgesteld.

Ahold trof een voorziening voor onderverzekering in Amerika, waardeerde om onduidelijke redenen een deel van de bezittingen af bij dochter Schuitema (C1000) en meldde een tegenvaller in Spanje. ,,Vanuit concurrentie-overwegingen zullen wij daar niet op ingaan'', liet Moberg gisteren herhaaldelijk weten als om toelichting werd gevraagd.

Schuldsanering staat hoog op de agenda bij Ahold, maar het concern heeft de schuld de laatste twee kwartalen wel laten oplopen. Dat komt deels doordat Ahold eerder verkocht vastgoed terugkoopt. ,,In sommige gevallen doen zich zulke buitenkansjes voor, dat we die niet aan ons voorbij kunnen laten gaan'', zei een woordvoerder vanochtend. Daarnaast is de schuldpositie verslechterd als gevolg van nieuwe boekhoudregels. Daardoor heeft Ahold van de balans afgevoerde vorderingen weer terug in de boeken moeten nemen, inclusief de bijbehorende schulden.

De inzichtelijkheid van Aholds cijfers is er volgens analisten niet op vooruitgegaan. Het aantal cijfers groeide, maar verschillende cijfers bleken niet te sporen met eerdere publicaties. Dat komt voornamelijk door aanpassingen van Aholds kant, herrekeningen of nieuwe boekhoudmethoden.

Analist Nick Coulter van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers wees er vanochtend op dat Aholds ambities wel heel erg hoog liggen. Het concern wil de marges (brutowinst op omzet) bij supermarkten eind volgend jaar overal op 5 procent hebben. Daarvan zijn de supermarkten nu ver verwijderd. ,,Beleggers moeten maar vertrouwen op deze doelstelling. Gezien de toenemende concurrentie in Verenigde Staten zien wij geen reden daartoe. Het herstelplan blijft er agressief uit zien.''

De analisten van Iris, onderdeel van Rabobank, zien de sleutel voor winstherstel nog steeds bij US Foodservice liggen. En de risico's zien zij in alle rechtszaken rond Ahold en in de toenemende concurrentie onder Amerikaanse supermarkten.

Op de aandelenmarkt was Ahold gisteren niettemin een uitblinker. Beleggers hopen kennelijk op een beproefd model van het sturen van de winst. Ditmaal niet het oppompen van de resultaten, maar juist op het tegenovergestelde: met overdreven veel voorzichtigheid een keur aan reserves aanleggen die straks de grote ommezwaai in de resultaten moeten financieren. 2004 is een `overgangsjaar'; 2005 is het jaar waarin de beloftes moeten worden waargemaakt.