De frontlijn van de vrijheid

Europa moet ondubbelzinnig duidelijk maken dat het geweld tegen vreedzame demonstranten in Oekraïne niet accepteert, meent Timothy Garton Ash.

Kan de fluwelen revolutie in Europa nóg een prijs in de wacht slepen? De Oekraïense demonstranten die in de ijzige straten van Kiev bloemen steken in de gaatjes van de schilden van de mobiele eenheid, sturen ons daarmee twee wanhopige maar waardige boodschappen: ,,Wij willen bij Europa horen'' en ,,Wij willen dit op een Europese manier doen.'' Vreedzaam, dat wil zeggen dat zij het oude jacobijns-bolsjewistische model van gewelddadige regimewisseling willen vervangen door het nieuwe Europese model van de fluwelen revolutie – zoals in Praag en Berlijn in 1989, zoals in Servië Miloševic is afgezet, en zoals in Georgië, waar een jaar geleden de president van het volk met een langstelige roos in zijn hand het parlement binnentrok. Als wij – behaaglijk weggedoken in het geïnstitutionaliseerde Europa waarnaar deze vreedzame demonstranten hoopvol en verlangend uitzien – hen niet onmiddellijk met alle ons ter beschikking staande middelen steunen, verraden wij de idealen die wij beweren aan te hangen.

Terwijl ik dit schrijf, respecteren beide partijen nog net het eerste gebod van de nieuwe Europese catechismus: geen geweld. Maar hoe lang nog? Tijdens de campagne voor de presidentsverkiezingen sloegen in leren jacks gestoken ploerten aanhangers van de pro-Europese kandidaat Viktor Joesjtsjenko in elkaar. Maar de jonge vrouw die in Kiev protesteert kan nog altijd hopen op een vreedzame oplossing ,,net zoals in Georgië een jaar geleden [...] zoals het in een beschaafd land zou moeten''.

Het is fascinerend om te zien hoe direct de fluwelen revoluties in Europa van elkaar leren. Een van de actiefste groepen van de democratische oppositie in Oekraïne heet Pora. Dat betekent: `het is tijd' – precies wat de menigte op het Wenceslasplein in Praag in november 1989 scandeerde. De studenten-activisten van Pora hebben persoonlijk les in geweldloos verzet gekregen van Servische studenten van Otpor (`verzet') die behoorden tot de voorhoede die Miloševic ten val heeft gebracht. Diezelfde Serviërs hebben ook de Georgische voorhoedebeweging Kmara (`genoeg is genoeg') geholpen. Dinsdag werd op het Plein van de Onafhankelijkheid in Kiev met een Georgische vlag gezwaaid. In Tbilisi onderbrak rozen-revolutionair Michaïl Saakashvili zijn toespraak ter gelegenheid van de eerste verjaardag van zijn regime om in het Oekraïens een paar bemoedigende woorden te spreken tot zijn ,,broeders en zusters'' in Kiev. Nu heeft de Oekraïense oppositie Lech Walesa, ooit de leider van Solidariteit – die Poolse moeder van alle vreedzame revoluties – gevraagd om in Kiev te komen bemiddelen.

De streken van de andere partij zijn al net zo vertrouwd. De belangrijkste is wel het groteske misbruik van de staatstelevisie ten gunste van de pro-Russische kandidaat Viktor Janoekovitsj. (De staatstelevisie is de Bastille van tegenwoordig.) Voeg daarbij lompe interventies vanuit Moskou, inclusief twee bezoeken van de Russische president en voormalige KGB-officier Vladimir Poetin. Intimidatie. Censuur. Leugens. Vuile streken, waaronder een nieuwe variant, die inhield dat aanhangers van Janoekovitsj blijkbaar meer dan één kiesregistratiekaart kregen, zodat zij `vroeg en vaak' konden gaan stemmen in verschillende districten. De Oekraïense oppositie noemt hen ironisch `vrije kiezers'. Er wordt bericht dat mijnwerkers uit de Donbass-regio in bussen worden aangevoerd om die linkse mietjes in de hoofdstad eens even mores te leren. (Zeer vergelijkbare maatregelen werden indertijd genomen om de opvolgers van Ceausescu in Roemenië in het zadel te houden.) En dan die ongelooflijke opkomstcijfers, zoals in de Europese dictaturen uit de oude tijd: in één wonderbaarlijk geval zelfs boven de 100 procent.

Wie zei daar dat Europa saai is? En toch wisten tot dinsdag vele West-Europeanen waarschijnlijk niet eens dat er in Oekraïne presidentsverkiezingen werden gehouden. Wij werden allemaal in beslag genomen door die andere belangrijke verkiezingen, in de VS. Beschamend genoeg hebben de Amerikanen waarschijnlijk meer gedaan dan de West-Europeanen om de democratische oppositie in Oekraïne te steunen en wanpraktijken tijdens de verkiezingen aan het licht te brengen. De Polen, Tsjechen en Slowaken waren actiever betrokken, want zij beseffen wat er op het spel staat.

Wat er op het spel staat, is niet alleen maar de toekomst van Oekraïne: of het zal kiezen voor Europa, het Westen en de beschaafde democratie, of dat het zal terugkeren naar een autoritair bestel en het Rusland van Poetin. Het gaat ook om de toekomst van Rusland zelf, en daarmee van heel Eurazië. Als Rusland niet alleen Wit-Rusland maar ook Oekraïne terugwint, zal het, zoals Poetin wenst, weer een Russisch imperium zijn. Een Rusland dat zelfs Oekraïne Europa en het Westen ziet naderen, maakt kans om mettertijd zelf ook een normalere, beschaafdere, meer democratische staat te worden.

Maar op dit moment ligt Rusland, onder Poetin, op een andere, slechtere koers, en de westerse leiders hebben zich in dat verband eensgezind wankelmoedig opgesteld. Wij zijn daarin allen `appeasers' geweest.

Natuurlijk vindt hier ook een mondiaal krachtenspel plaats. Georgië is onder zijn nieuwe bewind een nauwere partner van de VS geworden. Oekraïne zou onder Joesjtsjenko hetzelfde kunnen doen. Maar bovenal zal het zich naar Europa wenden. De vurigste aanhangers van Europa zijn dezer dagen te vinden aan de randen van Europa, en niemand méér dan de Oekraïeners die de blik op het Westen richten. Zij hopen zich ooit bij de Europese Unie aan te sluiten, niet bij de VS.

Op korte termijn zijn er grenzen aan wat wij kunnen doen. Deze keer heeft de leiding van de EU zich tenminste eens net zo duidelijk uitgesproken als Washington. ,,Wij aanvaarden deze [verkiezings]uitslagen niet'', zei Bernard Bot, de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, namens de huidige voorzitter van de EU. ,,Volgens ons is er fraude gepleegd.'' Goed zo, Bot. En Javier Solana, toch een soort collectieve minister van Buitenlandse Zaken van de EU, heeft gewaarschuwd dat de relatie van Oekraïne tot de EU zal afhangen van zijn relatie tot de democratie. Dat neemt niet weg dat de crisis op korte termijn intern zal moeten worden opgelost, tussen de Oekraïeners onderling.

Wij dienen evenwel ondubbelzinnig het standpunt in te nemen dat vreedzame burgerlijke ongehoorzaamheid een legitieme en zelfs noodzakelijke reactie is op verkiezingsfraude; en dat de inzet van leger of politie om het volk het recht op een vreedzaam protest te ontnemen, iets is wat we in het Europa van de 21-ste eeuw niet accepteren. In feite kun je in plaatsen als Kiev beter dan in Brussel zien wat een geweldig verhaal Europa te vertellen heeft, als je maar weet hoe je het moet brengen. Het is het verhaal van een onstuimige uitbreiding van de vrijheid: van een positie, zestig jaar geleden, toen er in Europa maar een handjevol landen waren die een wankele vrijheid genoten, terwijl vrijwel heel het werelddeel in oorlog was, naar vandaag, nu er in Europa maar twee of drie landen zijn waar werkelijk onvrijheid heerst, en nu vrijwel heel het werelddeel in vrede leeft. Nu ligt de frontlijn van die mars voorwaarts in Oekraïne.

Timothy Garton Ash is schrijver en historicus. Hij is verbonden aan het St. Antony's College in Oxford.