`Student van islam' trekt met lezingen veel jongeren

Broeder Abdul-Jabbar van de Ven drukt zich graag nogal stevig uit. Maar het zijn volgens de imam de journalisten die zijn woorden misbruiken om de moslims in Nederland zwart te maken.

In januari 2002 wordt hij uitgenodigd door het praatprogramma Rondom Tien. Aanleiding: de dood van twee Eindhovense Marokkaanse jongens, die afreisden naar de Indiase deelstaat Kashmir en daar door grenstroepen werden doodgeschoten. Van de Ven komt tijdens de uitzending niet opdagen. De reden daarvoor is dat nabestaanden van de omgekomen Ahmed el-Bakiouli hem hebben gesmeekt niet te komen, schrijft Van de Ven aan zijn ,,broeders en zusters'' op de mailgroep Elkhatab. Wat zeker ook meeweegt, zo blijkt uit het bericht, is het telefonische voorgesprek met Rondom Tien, waarin de redactie zit te vissen naar Van de Vens mening over de jihad, en over Osama Bin Laden. ,,Vieze spelletjes'', vindt Van de Ven. ,,Ik begin steeds beter te snappen waarom onze broeders in Algerije zoveel journalisten hebben onthoofd''.

In publicaties wordt hij omschreven als `jongeren-imam', of `radicale jongeren-imam', maar zelf noemt liever `student van de islam'. Lezingen geeft hij in ieder geval volop – vooral in de moskeeën die bekend zijn geworden vanwege hun salafistische, ultra-orthodoxe geloofsinhoud. Op die lezingen komen veel jongeren af. Dat hij daarmee een zekere aanhang heeft verworven, lijkt vast te staan In oktober 2003 constateert de inlichtingendienst AIVD dat Jason W., één van de jeugdige leden van de `Hofstadgroep', ,,zich ondermeer laat inspireren door het gedachtegoed van Abdul-Jabbar van de Ven''. Jason (19) werd twee weken geleden door de antiterreur-eenheid BBE uit een bovenwoning in het Haagse Laakkwartier gehaald. Hij wordt verdacht van het voorbereiden van een aanslag op de Kamerleden Hirsi Ali, Wilders, de Amsterdamse wethouder Aboutaleb en burgemeester Cohen. In het Rotterdams Dagblad bevestigde Van de Ven vorige week Jason te kennen: ,,Hij kwam een paar keer naar de moskee waar ik preekte. Ik herinner me hem omdat hij in totaal driemaal na afloop van de dienst contact met me zocht. (...) iets extreems of gevaarlijks heb ik destijds nooit in hem gezien.''

Abdul-Jabbar Van de Ven werd in 1977 als Johannes Lambertus Henricus Maria in Veghel geboren. Volgens sommige bronnen bekeert hij zich al op zijn veertiende tot de islam. Van de Ven besluit Arabisch te studeren aan de Radboud-universiteit in Nijmegen, dat doet hij nog steeds. Meer invloed op zijn geestelijke vorming heeft waarschijnlijk zijn Algerijnse leraar buíten de universiteit, die hem doceert volgens de weg van de Salaf, de vrome voorgangers van de eerste drie generaties na de profeet Mohammed.

Uit zijn lezingen en uit zijn berichten blijkt dat Van de Ven behoort tot de radicale politieke tak van het salafisme. Kern van dat gedachtengoed is dat de islamitische staat op aarde moet worden gevestigd door het afzetten van de invoering van de islamitische wet. Dit kan worden bereikt, aldus Van de Ven, door dawah (prediking), maar zeker ook door de jihad. In zijn lezingen en berichten beperkt Abdul-Jabbar die jihad tot oorlogsgebieden als Irak of Tsjetsjenië. In Nederland dient de jihad volgens hem vooral met de pen te worden gevoerd.