Rusland en Europa moeten elkaar beter gaan begrijpen

Russische en Europese politici moeten het voorbeeld van ondernemers volgen, vindt Vladislav Inozemtsev.

Rusland is vandaag de dag in geen van zijn partners zo geïnteresseerd als in de Europese Unie. De Russische economie is voor de Amerikanen niet interessant en zou zonder steun van buiten niet kunnen overleven als zij geconfronteerd zou worden met de uitdagingen van de Aziatische landen door sommige Russische politici onbezonnen `strategische bondgenoten' genoemd.

Rusland van zijn kant heeft Europa ook veel te bieden. Kijk naar de gegarandeerde levering van grondstoffen. Kijk ook naar de Russische markt, waar Europese goederen als de aantrekkelijkste worden beschouwd. Bovendien zou verplaatsing van een deel van hun productiecapaciteit naar Rusland grote Europese bedrijven in staat stellen hun concurrentievermogen op de wereldmarkt te vergroten en het investeringsklimaat in Europa te verbeteren.

In economisch opzicht is Rusland nu al een belangrijk bestanddeel van Europa. Met de tien nieuwe leden zal de EU in 2004 volgens voorlopige schattingen verantwoordelijk zijn voor 51 procent van de Russische export en 46 procent van de import. Ongeveer 75 procent van de directe investeringen in de Russische Federatie komt uit Europa. Veel grote Europese bedrijven zijn erbuitengewoon actief.

Een paar voorbeelden. British Petroleum heeft in 2002 voor 5 miljard dollar een controlepakket aandelen (50 procent) van de Russische oliemaatschappij TNK gekocht. Deutsche Telekom bezit 25 procent van de aandelen van de Russische operator van mobiele communicatie MTS. Ruhrgas heeft 6 procent van Gasprom in handen en het Duitse Allianz 25 procent van de verzekeringsmaatschappij Rosno.

De banketbakkersindustrie in Rusland wordt gedomineerd door het Zwitserse Nestlé, dat 12 bedrijven en een grote distributienetwerk bezit. Het Franse Danone beheerst met vier fabrieken circa 18 procent van de zuivelproductie. De biermarkt wordt gedeeld door de Scandinavische Baltik Beverage Holding, de Nederlandse Efes Beverages, het Deense Carlsberg en het Britse SAB.

De lijst kan eindelos worden uitgebreid. In de buitenwijken van grote Russische steden zie je Europese supermarkten als Ikea, Karstadt, Metro en Auchan. De Russische takken van de Europese Raiffeizenbank, ING, ABN Amro, Dresdner Bank, Société Générale groeien snel.

Zowel Russische consumenten als Europese ondernemers zouden baat hebben bij verdere uitbreiding van de contacten. Juist samenwerking, en niet de strijd tegen het terrorisme, zou daarom centraal moeten staan tijdens ontmoetingen tussen de Europese en Russische leiders, zoals morgen in Den Haag.

Dat dit niet gebeurt, komt doordat Russische politici de Europese Unie nog steeds niet zien als een hoofdrolspeler in de wereldpolitiek ten onrechte.

In de jaren '90 hadden Russische leiders vooral aandacht voor de betrekkingen met de Verenigde Staten en in iets mindere mate voor de relaties met andere `grote mogendheden' en de NAVO. De uitbreiding van de Europese Unie in 1995 met Oostenrijk, Finland en Zweden; de instelling van de Schengenzone; de introductie van de euro; en zelfs het besluit om in 2004 een aantal landen van het voormalige sovjetblok toe te laten al deze gebeurtenissen zijn door Russische politici genegeerd. Daarom ontstonden `plotseling' problemen met de Kaliningrad-regio, met de rechten van de Russisch-sprekende bevolking van Estland en Letland, met tarieven en quota's.

De Russische leiders waarderen hun contacten met landen als Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland in hoge mate. Maar naarmate de structuren van de EU zich verder ontwikkelen, wordt het sluiten van bilaterale overeenkomsten problematischer: de bestuursmechanismen verplaatsen zich geleidelijk naar Brussel. En de Russische leiders blijken te weinig geduld te kunnen opbrengen om te onderhandelen met de Europese bureaucratie.

De presidenten Vladimir Poetin en George Bush hebben de afgelopen vier jaar hun politieke agenda bijna uitsluitend gebaseerd op het idee van de strijd tegen het terrorisme. Deze politiek kost zowel de VS als Rusland duizenden mensenlevens en tevergeefs uitgegeven miljarden.

De situatie in Europa ziet er anders uit. De meerderheid van de Europeanen aanvaarden de antiterroristische hysterie niet en eisen een weloverwogen benadering. De massademonstraties in Groot-Brittannië tegen de oorlog in Irak en de stemming van de Spaanse kiezers hebben laten zien dat veel Europeanen zich verzetten tegen pogingen van politici om over hen te regeren als over een gezichtloze menigte. Europeanen zijn veeleisender tegenover hun politieke leiders, en Russen lijden juist omdat zij niet zo veeleisendheid zijn.

Europa heeft al een halve eeuw ervaringen opgedaan met het tot overeenstemming brengen van belangen van verschillende leden van de Europese Unie. Dat maakt het mogelijk om compromisoplossingen te vinden voor de meest ingewikkelde politieke problemen. De belangrijkste taak voor Rusland is nu van deze ervaring gebruik te maken, zowel in het binnenlandse politiek als voor het aanknopen van vriendschaps- en samenwerkingsbetrekkingen met zijn buurlanden.

Rusland heeft in de huidige situatie in feite zijn status van wereldmacht verloren. De komende decennia zal het land goedschiks of kwaadschiks de sfeer van zijn politieke invloed tot de post-sovjetruimte moeten beperken. Ter zelfdertijd lijkt de invloed van de Europese Unie in dit gebied veel groter en, wat belangrijker is, veel positiever dan de invloed van de Verenigde Staten.

Daarom moet Rusland streven naar wederzijds begrip met de Europeanen als het gaat over de economische en politieke samenwerking in Oost-Europa. Rusland moet luisteren naar de Europese mening over het Tsjetsjeense probleem en terzelfdertijd aandringen op uitbreiding van de rechten van de Russisch-sprekenden in de Baltische republieken. Samen moeten de EU en Rusland de ontwikkeling van de democratische processen in de Oekraïne bevorderen en de separatismeproblemen in Moldavië en Georgië oplossen.

Zowel Europa als Rusland heeft behoefte aan rust en stabiliteit in het hart van het continent. Geen van beide heeft er baat bij als de volkeren van economisch minder welvarende en in cultureel opzicht voor hen vreemde landen hen als hun vijanden beschouwen. Europa en Rusland hebben beide belang bij de strijd tegen het terrorisme, in dezelfde mate als ze belang hebben bij het in bedwang houden van de antiterroristische hysterie.

Laat de Amerikanen zich maar afvragen of Rusland een `normaal' land is, laat ze jammeren over de `zwakheid' van Europa en daar hun `macht' tegenover stellen die trouwens niet evident is. Dat mag Rusland niet belemmeren zichzelf te beschouwen als een Europees land. En het mag de Europeanen niet belemmeren Rusland te aanvaarden als integrerend deel van een verenigd Europa.

De huidige Russische regeerders hebben geen begrip voor de Europese politieke cultuur. Maar Europese politici doen ook geen moeite om de bijzondere Russische omstandigheden te begrijpen. Als de politici het voorbeeld van de ondernemers volgen en gaan samenwerken, zal een verenigd Europa van de Atlantische Oceaan tot de Oeral de waardige geciviliseerde leider van de 21ste eeuw worden.

Vladislav Inozemtsev is directeur van het Centrum voor de studie naar de post-industriële maatschappij in Moskou en hoofdredacteur van het tijdschrift `Svobodnaja mysl' (Vrij denken).