Emigratie

Verzoekje van de VPRO-tv: wilde ik voor hun dagelijkse R.A.M. IDFA Journaal mijn favoriete Nederlandse documentaire kiezen, met toelichting, opdat zij er een typerend fragment van konden uitzenden?

Aardig idee, behalve voor de magazijnbedienden van mijn geheugen die nors hun sjekkie bleven roken toen ik ze erover benaderde.

,,Omdat jij zo nodig met je kop op de buis moet, moet ik hier alles overhoop halen?'' zei de een. ,,Ik pieker er niet over.''

,,Ik heb geen idee waar ik het moet zoeken'', zei de ander, iets welwillender, maar in de kern even afwijzend.

Daar stond ik met de handen in het haar, dat ook al zijn beste tijd heeft gehad.

,,Denk er rustig over na, je vindt wel wat'', zei de VPRO geruststellend.

Ik mocht er een nachtje over slapen, wat een nachtje zónder slapen zou betekenen als ik al die oeuvres van voortreffelijke Nederlandse documentaristen mijn geestesoog zou laten passeren.

,,Ga gewoon af op de eerste titels die je te binnenschieten, dan vind ik misschien wel iets voor je'', zei de minst onvriendelijke magazijnbediende.

Zo kwam ik eerst op de mooie documentaire van Michiel van Erp over de begrafenis van prins Claus. Daarvan wist ik me nog hele fragmenten te herinneren, die ze bij de VPRO panklaar zouden kunnen uitzenden. Maar het had ook iets gemakkelijks, die keus voor een `jonge' documentaire, het was nogal onrechtvaardig tegenover al die meesterwerkjes die onder het stof van mijn herinneringen verborgen lagen.

Concentreer je op namen, prevelde ik tegen mezelf. Wiens documentaires sloeg je nooit over toen je nog tv-recensent was, nu alweer bijna tien jaar geleden? Ik wist het meteen: Hans Heijnen, een Limburgse filmer die het dagelijkse leven altijd zonder onnodig filmpoëtisch vertoon tot kunst wist te verheffen. Hoe heette die film ook weer over een Limburgs echtpaar dat veertig jaar geleden naar Amerika was geëmigreerd?

Ik zocht het op en vond het: Uncle Frank.

Ik was gered, maar de beproeving was nog niet ten einde. ,,Waarom vond je uitgerekend die film nou zo goed, welke beelden zijn je precies bijgebleven?'' vroeg de VPRO.

Ik stamelde wat over oude mensen aan een tafel, die na veertig jaar Amerika nog altijd in het Limburgs met elkaar praatten en zongen (,,Limburg allein!'') terwijl ze toepten, die het liefst alleen maar met andere Limburgers omgingen en naar oude opnamen van Toon Hermans keken en die in de war raakten als ze op de kortegolf de Nederlandse voetbaluitslagen niet meer konden vinden, de ontroering die dat alles opriep en...

,,Nu graag in anderhalve minuut'', zeiden ze bij de VPRO.

's Avonds, toen het achter de rug was, heb ik de film van Heijnen nog eens op mijn gemak bekeken. Hij was trager dan ik me herinnerde, maar de impliciete boodschap was actueler dan ooit: emigratie is pijn lijden, en het duurt generaties voordat de ergste pijn voorbij is. Blijf thuis, tenzij honger en dood op de deur kloppen.