Juun voor den dorden

`Platte zeuge' (harde schuurborstel) is zaterdag door de Zeeuwsche Vereniging voor Dialectonderzoek gekozen als mooiste Zeeuwse woord. Maar hoe lang zal het Zeeuws nog voortbestaan?

,,Tied voor 'n stuute'', zegt Kees Martens. De voorzitter van de Zeeuwsche Vereniging voor Dialectonderzoek (ZVD) spoedt zich naar de kantine van de bibliotheek in Middelburg waar een paar honderd leden al bezig zijn stuutes naar binnen te werken. De commissaris van de koningin in Zeeland, Wim van Gelder, heeft het gewoon over een broodje, want hij spreekt de taal niet. Toch vindt hij het `zeer belangrijk' dat het Zeeuws als streektaal gehandhaafd blijft. En niet alleen thuis. Als het aan de geboren Amsterdammer ligt mogen ook de raadsvergaderingen weer in het Zeeuws worden gehouden.

Die tijd lijkt echter verder weg dan ooit. Volgens de commissaris schamen de Zeeuwen zich voor hun dialect. Omdat ze bang zijn dat hun kinderen geen goede carrière zullen maken, spreken de meeste ouders bewust geen Zeeuws. ,,Jammer'', vindt Van Gelder (CDA), ,,want in de streektaal kun je zoveel gevoel kwijt.''

De Zeeuwse vereniging zette zaterdag tijdens de viering van haar 75-jarig jubileum de aanval in op de dreigende teloorgang van de streektaal. Onder het motto `In 't Zêêuws kan't ok' waren verscheidene bekende Nederlanders opgetrommeld wier wieg op de eilanden stond.

Zoals Cees Vis, lid van de Raad van Bestuur van de publieke omroep. Waarover zou hij gaan spreken? Toch niet over netprofilering en visitatiecommissies? ,,Nee'', zegt het vroegere lid van de raad van bestuur van PCM, ,,ik ga het hebben over juun.'' Volgens Vis spraken boeren op zijn geboorte-eiland Goeree-Overflakkee – behorend tot het Zeeuwse taalgebied, hoewel het Zuid-Hollands is – vroeger met hun landarbeiders af dat ze elke derde zak juun (uien) zelf mochten houden en verkopen. ,,Tegenwoordig noemen we zoiets een businessmodel van optimale variabele beloning zonder risico voor de werkgever. Op Flakkee spreken ze gewoon van juun voor den dorden.'' Zijn dialect is voor Vis nooit een beletsel geweest in zijn carrière. ,,Ik kan me herinneren dat ik vóór de Haringvlietbrug Flakkees sprak. Was ik de brug over, dan was het meteen Nederlands.''

Oud-VPRO-journalist Kees Slager, geboren in Scherpenisse, memoreert dat hij lang nadat hij zich in Amsterdam had gevestigd nog in het Zeeuws dacht. ,,Had jij dat ook?'', vraagt hij aan Vis. ,,Nee'', antwoordt de NOS-bestuurder, ,,ik denk dat ik in Hilversum niet anders denk dan op Flakkee. En ach, als er eens een plat woord uit mijn mond rolt, ben ik echt niet bang dat ik een promotie misloop.''

Ook Marjon de Hond, weervrouw van het NOS Journaal, heeft in haar loopbaan weinig last gehad van haar Zeeuwse achtergrond. Misschien komt dat doordat Zeeuws voor buitenstaanders goed is te verstaan. Marjons vriend heeft inmiddels door dat als je achter elke zin eeeee zegt, je al een aardig mondje Zeeuws spreekt. En, als je van Tholen komt, zoals De Hond, moet je de t vastplakken aan het volgende woord. `Het weermeisje' wordt dan `Tmisje van tweer'. Op de tv spreekt de meteorologe gewoon ABN, maar als ze vrij is en haar collega Erwin Kroll voorspelt dat het gaat miezeren, vindt ze het erg prettig om vanaf de bank te roepen: ,,Dat noemen we blaasgruusweer, Erwin!''

Het is de vraag of volgende generaties nog zullen weten wat blaasgruusweer is, want het Zeeuws is niet opgenomen in het Europese Handvest voor regionale talen. ,,De minister van Binnenlandse Zaken heeft anders beslist'', vertelt Kees Martens beteuterd, terwijl hij een bolus eet. Had premier Balkenende, een geboren Zeeuw, niet wat meer druk op de ketel kunnen zetten? ,,Balkenende heeft zijn vingers hieraan niet willen branden'', weet de in klederdracht gestoken voorzitter uit betrouwbare bron. Niettemin is hij optimistisch: ,,Honderd jaar geleden zeiden ze ook al dat het Zeeuws zou verdwijnen.''

Uit onderzoek blijkt dat dialecten verzwakken naarmate een gebied meer ontsloten raakt. Vis zag op zijn eigen eiland dat het Flakkees minder in zwang raakte na de bouw van de Haringvlietbrug. ,,Zelfs mijn moeder begon Nederlands tegen mij te praten. Als ik thuiskwam van de marine vroeg ze: `Heb je je was bij je?' Ik antwoordde dan: `Doe toch geweun mins. Ja, ik ha mun was bie mun.'''

Vis denkt dat het Zeeuws het hoofd boven water kan houden als het zich openstelt voor de woorden die jongeren en allochtonen aan de streektaal toevoegen. ,,Verruim de statuten en wees daar niet zunig in.''