Jiddische liedjes

,,Mijn liefde voor Jiddische liederen is er altijd geweest. De muziek lag thuis gewoon op de piano. Toen ik twaalf was, heb ik het bekende Tum Balalaika eens doorgezongen. Daarna ben ik niet meer opgehouden. Door de muziek roep je een wereld terug die niet meer is.''

Shura Lipovsky, een van de bekendste zangeressen van het Jiddische lied, studeerde zang bij Margreet Honig en volgde lessen Jiddisch bij Mira Rafalowicz in Amsterdam en aan de universiteiten van New York en Oxford. Op het Joods Muziek Festival, tussen 25 en 28 november in het Nieuwe de la Mar Theater en Cristofori in Amsterdam, brengt zij met cymbalist Jan Rokyta en violiste Monique Lansdorp het programma `Tenderness in Word en Sound' met Hebreeuwse, Sefardische en vooral Jiddische liederen.

,,Het begon met één liedje. Maar daarna spreek je iemand die nog van huis uit Jiddisch spreekt, en voor je het weet roept de ene vraag de andere op. Wat was dat voor cultuur, geplaagd en weggevaagd door vijandigheid? Hoe wek je de schoonheid van die muziek met al zijn volkse humor en wijsheid tot leven én geef je je rekenschap van het feit dat men heeft getracht die cultuur uit te roeien? Ik kan de muziek niet van die context scheiden. Jiddische liederen zijn een muzikale weerspiegeling van de hele geschiedenis van het joodse volk. Dat merk je ook aan de thema's; van feesten en familie tot angst en onrecht. Maar de sombere onderwerpen zijn niet overheersend. Ik wil me daar ook niet te zeer op richten – integendeel.

,,In het programma `Tenderness in Word en Sound' richt ik me vooral op liedjes over liefde, hoop, kwetsbaarheid. Dan kun je zeggen: woorden zijn maar woorden, maar zowel geweld als tederheid begint bij het woord. Dat bedoel ik niet soft en niet bestraffend, maar meer als humanistisch, ethisch uitgangspunt: `Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.'

,,Melodisch zijn Jiddische liedjes doorgaans niet al te gecompliceerd. Maar juist die eenvoudige directheid is vaak ontzettend mooi. Voor mijn gevoel eist de intimiteit die daaruit voortkomt, ook een hele specifieke benadering. Daarom zing ik in het Jiddisch vaak een beetje alsof ik spreek en kies ik voor lage, natuurlijke liggingen. De Sefardische liederen zijn `vocaler', daarin hoor je me meer aan het werk als een `klassieke' zangeres.

,,Alleen de tijd kan leren of het Jiddisch zal voortbestaan. De hype, zoals die hier is geweest en elders nog moet beginnen, is daarbij niet de essentie. Modes komen en gaan. Maar mensen en kunstenaars die vanuit een diepgevoeld verlangen met de uitingen en de aard van de Jiddische cultuur bezig zijn – en dan doel ik niet exclusief op joden – zullen er altijd blijven zijn. Daarvan ben ik overtuigd. Buiten literatuur, theater en muziek is het Jiddisch sowieso nog heel levend. In Brooklyn kun je zelfs in het Jiddisch pinnen.''

Shura Lipovsky: 26/11 22 uur Cristofori, Prinsengracht 581-583 in Amsterdam, met een gastoptreden van de levende legende Theodore Bikel (80). Inl. www.joodsmuziekfestival.nl.