Lobbyen voor Amnesty

Dick Oosting (58) kwam zelf op het idee, toen hij nog directeur van Amnesty Nederland was, nu bijna twintig jaar geleden. Een mensenrechtenorganisatie zou eigenlijk ook een buitenpost moeten hebben in Brussel. Oosting: ,,Toen was het nog alleen een economische gemeenschap, met hier en daar een bloempje aandacht voor mensenrechten.''

Het Brusselse lobbykantoor was aanvankelijk klein, inmiddels werken er acht mensen, en nu is Dick Oosting dáár de directeur. Vier dagen in de week woont en werkt hij in Brussel, de andere dagen is hij bij zijn gezin in Nederland. ,,Het is niet echt ideaal, maar veel lobbyisten, ambtenaren en parlementariërs hier doen het zo. Ze werken zich suf en gaan in het weekeinde naar huis. We maken geen deel uit van het Belgische bestaan, we zijn een raar soort enclave.''

Twintig jaar geleden waren mensenrechten een soort liefhebberij van het Europees Parlement, vertelt Oosting. Af en toe namen ze een resolutie aan waarin landen in de Derde Wereld of Oost-Europa werden gewezen op hun plichten. ,,Voor die landen had dat toch wel impact. Het parlement kan zelf geen maatregelen nemen, maar het was toch al een belangrijk politiek orgaan. En een belangrijke geldschieter voor veel ontwikkelingslanden.''

Amnesty Nederland zag in Brussel nieuwe kansen om invloed uit te oefenen. Oosting: ,,Toen was dat nog heel experimenteel, nu zou het ondenkbaar zijn dat we er niet zaten. We zijn nu een van de grootste niet-gouvernementele organisaties hier. Formeel zijn we een vereniging onder Belgisch recht, we staan dus los van het hoofdkantoor in Londen. Het geld krijgen we van de Amnesty-afdelingen in Europa. Andere lobbyclubs hier worden gefinancierd door de Europse Commissie. Die moeten elk jaar om geld vragen. Het voelt niet goed als Europa zijn eigen critici betaalt, daar hebben wij gelukkig geen last van.''

Na het Verdrag van Maastricht in 1992, toen de Europese Gemeenschap werd omgevormd tot Europese Unie, is er iets veranderd. Oosting: ,,Toen werd afgesproken dat het in de Unie niet alleen om geld en economie moest gaan, maar ook om waarden. Wij zeggen: maak dat maar waar. Zeg tegen derde landen hoe ze zich moeten gedragen, maar doe het ook in eigen gebied. Daar willen ze hier in Brussel nog niet echt aan.''

In bijna alle oude lidstaten zie je volgens Oosting hetzelfde. ,,Het gaat altijd om misbruik van bevoegdheden door overheidsinstanties. Geweldsuitoefening door politie en gevangenispersoneel. Incidenteel worden martelingen gemeld. Veel discriminatie, asielzaken die niet goed afgehandeld worden.''

Een nieuw en complex probleem vormt het antiterrorismebeleid. ,,Neem Engeland. Sinds 11 september 2001 zijn ze daar een stap verder gegaan dan de andere landen: daar hebben ze een noodwetgeving ingesteld waarbij administratieve detentie mogelijk is gemaakt, dus gevangenisstraf zonder vorm van proces. Het is daar klein Guantanamo Bay, maar de rest van de EU is er stil over. Wij niet'', zegt lobbyist Oosting.

Iedereen gaat ervan uit dat een niet-gouvernementele organisatie als Amnesty in Brussel aanwezig is en de weg weet te vinden. ,,Het systeem om te lobbyen is toegankelijk, je hoeft niet geweldig je best te doen om ergens binnen te komen. Het lastigste is eigenlijk om erachter te komen wat waar wanneer gebeurt. Wetgeving zit soms al jaren in de planning en dan komt het er voor ons op aan op het juiste moment met een rapport te komen dat invloed heeft. Timing is van cruciaal belang. En dan wordt er ook wel serieus naar ons geluisterd.''