`Ik wil dat we eindelijk weer normaal kunnen leven'

De wachtkamer van president Laurent Gbagbo van Ivoorkust is een barometer van de macht. Niet zijn ministers, maar speciale raadgevers komen langs. Achter de verzoenende toon van Gbagbo schuilt een bikkelhard beleid.

De president wil praten. Het is een gok, zeker weet je het nooit. ,,Kom om vier uur 's middags, dan zullen we zien wat de mogelijkheden zijn'', zegt zijn woordvoerder. De ontvangst bij de residentie is hoopgevend. De mannen in camouflage-uniform bij de poort wijzen beleefd de weg naar de wachtruimte.

Het is een zaal met marmeren vloeren en sierlijke goudgerande stoeltjes waar een team van de Arabische televisie en twee Franse radiojournalisten op grote afstand van elkaar met gekruiste benen zitten. De wachtkamer is een begrip in Afrika. De tijd die gewacht moet worden is recht evenredig met het aanzien van de persoon op wie gewacht wordt. Het kan lang duren, misschien is het wachten tevergeefs.

Vandaag is dat niet erg. De wachtruimte van de president blijkt een barometer van de macht. Hier beweegt zich het schaduwkabinet van president Laurent Gbagbo. Het zijn mensen die iedereen van de televisie kent. Niet zijn ministers, maar zijn speciale raadgevers. Dat zijn degenen die écht invloed hebben.

Eerst komt het hoofd van de nieuwe cacao-commissie voorbij. Ivoorkust is de grootste cacaoproducent ter wereld, met veertig procent van de totale wereldproductie. Met een deel van de opbrengst zijn wapens en gevechtsvliegtuigen gekocht om de rebellen te bestrijden die sinds twee jaar het noorden van het land bezet houden. De cacaosector wordt geplaagd door corruptie en is aan hervorming toe. Maar de oogst moet doorgaan. De commissie is een lapmiddel om een staking van onderbetaalde en ontevreden boeren af te wenden. Cacao is van levensbelang voor de president. Geen cacao betekent geen geld.

Niet veel later schuift de speciale defensie-raadgever, Kadet Bertin, aan met een kopje thee. Van hem wordt gezegd dat hij wapens aankoopt. De VN-Veiligheidsraad vaardigde maandag een wapenembargo uit tegen Ivoorkust. Bertin is voorkomend, maar richt zijn aandacht op een roodgerokt meisje dat naast hem komt zitten. Hun gesprek wordt verstoord door de entree van Philippe Mangou, de nieuwe stafchef van het leger, die vorige week werd benoemd. Mangou staat bekend als een hardliner en is naar verluidt een beschermeling van de zeer invloedrijke vrouw van de president. Twee weken geleden vernietigde het voormalige moederland Frankrijk de bescheiden luchtmacht van het Ivoriaanse leger, als reactie op de beschieting van een Franse legerbasis. Volgens Parijs was de aanval op de legerbasis opzettelijk. Mangou voerde het luchtoffensief aan.

Simone Gbagbo, echtgenote van de president, laat niet op zich wachten. Haar aanwezigheid vult de ruimte. Ze glimlacht majesteitelijk. Mangou verdwijnt met haar naar de gang.

Het Arabische televisieteam neemt de tijd, maar na twee uur is het dan zover. De deur van de werkkamer zwaait open. Laurent Gbagbo geeft een hand en neemt plaats in een witleren stoel voor een met dossiers overladen bureau. Het is een man die onschuld en vriendelijkheid uitstraalt. Achter zijn verzoenende toon schuilt echter een bikkelhard beleid. Na de vernietiging van de luchtvloot openden zijn aanhangers een plunderjacht op de huizen van Franse burgers, onder wie velen die al tientallen jaren in Ivoorkust wonen. Het Franse leger zag zich genoodzaakt binnen enkele dagen bijna zesduizend Fransen te evacueren. De staatstelevisie schildert de Franse president Jacques Chirac af als een neo-koloniale duivel. Nooit eerder bereikte de relatie tussen Ivoorkust en Frankrijk zo'n dieptepunt.

Het Franse leger kwam in september 2002 tussenbeide om de rebellen en het regeringsleger uit elkaar te houden. Volgens diplomaten heeft Frankrijk het regime van Gbagbo gered. Het leger patrouilleert samen met een VN-troepenmacht in de bufferzone die het noorden van het zuiden scheidt. Wat voor rol ziet Gbagbo nog weggelegd voor de Franse vredesmacht?

,,Het is aan de VN om te beslissen wie hier een rol speelt en wie niet'', zegt de president. ,,Wat ik wil, is dat de vredesmacht niet langer nodig zal zijn. Ik wil dat de rebellen ontwapenen, ik wil dat het land herenigd wordt, ik wil in 2005 verkiezingen kunnen organiseren. Ik wil dat de oorlog ophoudt, zodat we eindelijk weer normaal kunnen leven.''

Ontwapening is een heikel punt. De rebellen zeggen pas te zullen ontwapenen als Gbagbo het in januari 2003 gesloten vredesakkoord uitvoert, dat voorziet in politieke hervormingen. De president ziet het vredesakkoord als een uitholling van zijn macht. Zijn partij, het Ivoriaanse Volksfront, ligt dwars bij de goedkeuring van een aantal cruciale wetsvoorstellen, onder leiding van Simone Gbagbo, fractievoorzitter in het parlement.

Het vredesakkoord bepaalt dat beide kanten moeten ontwapenen. In het zuiden worden gewapende milities getraind die het regeringsleger steunen, maar de regering ontkent dat ze bestaan. Ontkenning, herhaling, drogredeneringen: het zijn algemeen aanvaarde kenmerken van de landelijke politiek. Voor iedereen geldt: de schuld ligt altijd bij de tegenpartij.

Op de vraag of Gbagbo bereid is te ontwapenen, reageert hij: ,,De Fransen hebben ons al ontwapend door onze luchtvloot te vernietigen. Ze hebben ons ontwapening opgelegd. Maar als het om de rebellen gaat, zegt iedereen: oh nee, dat moet op vrijwillige basis gebeuren. Wij vinden dat de rebellen ontwapend moeten worden, of ze willen of niet.'' De president lacht. ,,We hebben de aanval geopend omdat zij zich met hun vrienden uit Liberia en Sierra Leone op een nieuwe aanval voorbereidden.''

Het gesprek komt op de plunderingen. Niet alleen Fransen, ook Nederlanders werden daarvan het slachtoffer. ,,Het spijt me heel erg, werkelijk. Maar ik hoop dat men begrijpt dat we een historisch proces doormaken. Dit zijn de laatste oprispingen van het tijdperk van het één-partij-systeem op weg naar een democratie. Ik dacht, naïef, dat dat pijnloos kon verlopen. Maar dat is niet zo.''

Het is zeven uur 's avonds en de president heeft nog allerlei vergaderingen voor de boeg. De speciale raadgevers worden ongeduldig. Nog ongeduldiger zijn de Franse radiojournalisten, die inmiddels eenzaam in de wachtzaal zitten. Vroeger kwamen ze als eerste aan bod, tegenwoordig zijn ze de laatsten.