IFRS: eindelijk eenheid in de boeken

Eén standaard voor iedereen: de EU introduceert nieuwe internationale boekhoudregels. Onderling bedrijven vergelijken wordt makkelijker. Maar er is ook kritiek: ,,Het zou beter zijn geweest als dit nooit was ingevoerd.''

De nettowinst van bouwbedrijf Heijmans komt dit jaar 5 miljoen lager uit onder de nieuwe regels. Supermarktconcern Laurus moet een extra voorziening nemen van 60 miljoen euro voor pensioenen. En de halfjaarwinst van Rabobank wordt gedrukt met 100 miljoen euro.

De invoering van de International Financial Reporting Standards (IFRS) zal het komende jaar nog veel stof doen opwaaien in bestuurskamers en op beursvloeren. De verplichting van IFRS voor de zevenduizend beursgenoteerde bedrijven in de 25 EU-landen per 1 januari 2005 is de grootste verandering in de financiële verslaggeving die ooit in Europa is doorgevoerd. Het doel: de cijfers van bedrijven uit verschillende landen vergelijkbaar maken zodat beleggers makkelijker de grens oversteken.

,,Momenteel kent elk van de 25 EU-lidstaten een eigen standaard van financiële verslaggeving. Volgend jaar is er in één klap nog maar één standaard waardoor er meer inzicht komt in de prestaties van de beursgenoteerde fondsen'', zegt Leo van der Tas, de IFRS-expert van advies en accountantsbureau Ernst & Young, die eraan toevoegt dat er desondanks talloze verschillen tussen landen blijven. ,,Met name op fiscaal gebied''.

De eenheid in de financiële verslaggeving is echter een grote stap. Niet alleen voor Europa overigens. IFRS is een bestaand mondiaal boekhoudsysteem dat de afgelopen decennia werd ontwikkeld. Inmiddels hebben landen als Australië, China, Japan en een aantal Zuid-Amerikaanse en Afrikaanse landen IFRS ingevoerd of gaan dit doen.

Als de EU de regels heeft ingevoerd bestaan er in wezen nog maar twee wereldwijde boekhoudstandaarden, IFRS en het Amerikaanse US GAAP. ,,IFRS schuift al verder op richting US GAAP, en de Amerikanen, alhoewel minder snel, gaan richting IFRS. Uiteindelijk is het onvermijdelijk dat er maar één wereldwijde standaard overblijft, maar dit duurt nog wel een jaar of tien'', is de voorspelling van Van der Tas.

Maar eerst moet de invoering in de 25 Europese landen voltooid worden. Hoe dichterbij de datum van 1 januari komt, hoe luidruchtiger de kritiek op de invoering, een invoering waar de Europese Commissie in 2001 toe besloot. De kritiek komt met name van de bedrijven die de regels moeten invoeren. Zij worden geconfronteerd met kosten die van enkele tonnen (de kleinere en middelgrote bedrijven) kunnen oplopen tot miljoenen euro's voor de grote AEX-fondsen.

Niet alleen de kosten, maar de operatie als geheel heeft tot veel vertwijfeling geleid. ,,We hebben de afgelopen jaren regelmatig met de handen in het haar gezeten'', stelde Jos Streppel, financieel directeur van verzekeraar Aegon, onlangs. Een uitspraak die de wanhoop illustreert die door bestuurkamers heeft gewaard.

De kern van de veranderingen die IFRS met zich meebrengt lijkt eenvoudig: niet langer kunnen balansposten op historische gronden worden gewaardeerd. In plaats daarvan moet ieder jaar weer een een reële marktwaarde worden gebruikt. Dit kan volgens Bert Bruggink, hoofd van het directoraat Control Rabobank Groep die deze week werd benoemd tot financieel directeur van de bank, leiden tot grillige cijfers. ,,Het idee erachter is: wat is het bedrijf waard als het nú wordt verkocht. Dat is erg Amerikaans. In Nederland hebben we het altijd gehad over continuïteit'', stelt Bruggink.

Bij Aegon gaan ze verder. ,,De gekte van de dag zal terug te vinden zijn in de winst- en verliesrekening en in het eigen vermogen.'' Deze boekhoudregel zal vooral de financiële instellingen treffen, want veel bedrijven hebben contracten afgesloten om bijvoorbeeld de risico's van een andere dollarkoers of olieprijs af te dekken. De marktwaarde van zulke contracten – die iedere seconde wisselt – zullen bedrijven in de toekomst moeten verantwoorden. ,,Met terugwerkende kracht zeg ik dat het beter was geweest als dit nooit was ingevoerd, vooral om de regels rond derivaten [afgeleide effecten zoals opties en warrants]. Bovendien wordt de jaarrekening twee keer zo dik en denk ik dat de internationale vergelijkbaarheid een illusie is omdat er nog zoveel aparte wetten zijn in de diverse landen'', stelt Bruggink.

Dat er kritiek is op IFRS is logisch, zegt Van der Tas, en dat deze de laatste tijd aanzwelt ook. ,,Het is het logisch dat men zenuwachtig wordt. Het effect van IFRS kan groot zijn. Zo kan de verandering voor het omgaan met personeelsopties- en aandelen de kosten flink doen stijgen waardoor 5 tot 10 procent van de winst verdwijnt. Als het stof is neergedaald zal weer helder zijn waarom dit ook alweer is ingevoerd en dat doormodderen zoals we deden geen alternatief was.''