Iederwijs 2

Ton Jörg, psycholoog en onderwijsonderzoeker, neemt stelling tegen de kritiek van Leo Prick op de Iederwijs-scholen (W&O, 6 nov). Hij put daarbij uit de website van de particuliere Iederwijzers. Volgens Jörg zou het best wel eens kunnen zijn dat deze scholen net zo effectief zijn als het reguliere onderwijs. Bovendien vinden de kinderen dit onderwijs leuk en Iederwijs wordt, althans volgens Jörg, gesteund door het bedrijfsleven. Nu lijken me uitspraken op de eigen website geen goed uitgangspunt voor de beoordeling van de Iederwijsclubhuizen.

De Iederwijsschool bestaat uit een groep van verschillende leeftijden van vier tot achttien jaar. De kinderen kiezen wat, hoe en op welk moment ze iets willen leren, vanuit eigen interesse en de school wordt bestuurd door kinderen en begeleiders samen. Zoals de school in Limmen bij Alkmaar die vorig jaar augustus begon met achttien leerlingen tussen de 4 en 10 jaar. Inmiddels zijn er 24. De nieuwste leerling, een jongen van 10, verwoordde volgens de berichtgeving precies waar het in de school om gaat. `Op alle andere scholen werd er altijd over mij beslist, hier mag ik meepraten, meebeslissen. Ik leer hier wat ik zelf belangrijk vind.' De kinderen leren om hun leven zelf vorm te geven in bijvoorbeeld een knutsel/stoeikamer, een meidenkamer, een jongenskamer, een atelier of een werkkamer, maar ze mogen ook tafelvoetballen. In de digitale folder van Iederwijs een kind op de schommel, aan de draaischijf, gezellig samen op de bank luisterend naar een voorleesverhaal, want `leren is een bijproduct'. Daarmee gaat Iederwijs terug tot de oorspronkelijk betekenis van het woord school, het Griekse scole dat vrije tijd betekent. Ik denk trouwens niet dat de Grieken bij scole aan schommelen, hutten bouwen, boomklimmen en kleien dachten. De scole was bedoeld om te leren.

Ruim honderd jaar geleden, in 1899, verscheen `De eeuw van het kind', een boek geschreven door de Zweedse schrijfster Ellen Key (1849-1926). Het werk, opgedragen aan alle ouders die hopen in de nieuwe eeuw de nieuwe mens te vormen, had veel succes en er kwamen veel vertalingen, ook in het Nederlands. Key geloofde in de goedheid van het kind. De school moet vervangen worden door een huiselijke school, waarin het kind vrij moet zijn om zelf te kiezen wat het wil leren. Met haar school is het nooit wat geworden. Haar goed bedoelde maar dwaze ideeën zijn nu in een nieuwe en eigentijdse vorm opgedoken in de Iederwijs scholen, waarvan er in Nederland intussen een aantal is opgericht. Er zijn plannen voor uitbreiding.

Wij moeten hieruit de conclusie trekken dat het romantische virus omtrent het nieuwe leren van de nieuwe mens zich een eeuw na Key door Nederland verspreidt.

Kinderen hebben recht op leiding en recht op basiskennis en die kennis maken ze zichzelf niet eigen en al helemaal niet in de leeftijd vanaf vier jaar. Iederwijs zou het recht ontzegd moeten worden zich een school te noemen. Hier worden geen nieuwe mensen maar nieuwe onnozelen gevormd.