Tycoon is Namibië's beste vriend

De Israëlische tycoon Lev Leviev heeft de frontale aanval geopend op de honderd jaar oude hegemonie van de Zuid-Afrikaanse diamantgigant De Beers. Het slagveld ligt in Namibië.

Je zou er zo voorbij rijden. De diamantenslijperij van Lev Leviev Diamonds (LLD) ligt verborgen tussen de vlees- en steenfabrieken op het kleine industrieterrein van de Namibische hoofdstad Windhoek. Een fabriekshal, zo groot als vier tennisbanen. Meer is het niet. Maar revoluties beginnen klein.

Honderd jaar lang wordt de diamantindustrie gedomineerd door het bedrijf dat beter bekend staat als `Het Syndicaat'. Het Zuid-Afrikaanse De Beers groef al diamanten in Congo, Angola, Botswana en Namibië ver voordat die landen überhaupt bestonden.

Honderd jaar lang verdwenen de stenen ruw in de laadruimtes van oceaanstomers en vrachtvliegtuigen. Honderd jaar lang werden ze aan de andere kant van de oceaan aan een driehonderdtal geselecteerde slijpers (sightholders) verkocht. Zo bepaalde De Beers de wereldprijzen van diamant. Honderd jaar lang hielden de Zuid-Afrikanen vol: graven doe je in Afrika, slijpen in Antwerpen.

En toen kwam Lev Leviev. Vier maanden geleden opende de 48-jarige tycoon uit Israel de deuren van het fabriekje in Windhoek dat voorlopig werk biedt aan 550 werknemers. ,,De grootste diamantslijperij van Afrika'' noemt hij de operatie nu al, ,,dageraad van een nieuw Namibië.'' ,,Omdat het volk zou moeten profiteren van de natuurlijke bronnen die God u heeft geschonken.''

Leviev praat groot, denkt groot. De zoon van Russische immigranten heeft een geschat vermogen van 2 miljard Amerikaanse dollar (1,5 miljard euro). Hij snijdt, slijpt en slijt diamanten in China, India, Israël, Armenië, de Oekraïne, Angola, Zuid-Afrika. ,,Van mijn tot maîtresse'', is zijn slogan.

Ooit behoorde Leviev ook tot een van de sightholders van De Beers. Voor ononderhandelbare prijzen kocht hij zijn ruwe diamanten bij de Diamond Trading Company (DTC) van De Beers in Londen. Uit woede over de hoge prijzen van het monopolie brak hij in 1995 met De Beers en ging hij op zoek naar zijn eigen diamanten.

Hij vond ze in Rusland, bij zijn goede vriend Vladimir Poetin, tevens president. Op verzoek van Poetin bouwde Leviev diamantslijperijen en ging hij een joint venture aan met het staatsbedrijf dat nu geprivatiseerd is en Alrosa heet. Dankzij de hulp van Poetin krijgt Leviev de Russische diamanten nu rechtstreeks uit de mijn. Zonder tussenkomst van De Beers, dat voorheen alle ruwe Russische stenen opkocht.

Wat in Rusland kan, kan ook in Afrika, gelooft Leviev. ,,We willen afrekenen met de mythe dat Afrikanen niet in staat zijn hun eigen diamanten te slijpen'', zegt directeur Kombadayedu Kapwanga van Lev Leviev Diamonds in Windhoek. Zijn fabriek ruikt nog naar de stopverf. Zijn personeel bestaat negentig procent uit vrouwen. ,,Diamanten hebben liefde nodig'', knipoogt Kapwanga naar de meisjes in groene overalls.

Hij noemt ze ,,stagiaires'', geen werknemers. Ze moeten het vak nog leren van de mannen die met zwarte stoppelbaarden voor de klas staan. Armeniërs, Georgiërs en Russen leren Namibiërs de kunst van het slijpen.

Lev Leviev speelt met gevoelige Afrikaanse sentimenten. Het monopolie van De Beers staat in Namibië, net als in de buurlanden, symbool voor het apartheidsverleden en koloniale uitbuiting. Zuidelijk Afrika leverde de goedkope arbeid, terwijl de miljarden aan toegvoegde waarde elders werden verdiend.

De Angolese regering is inmiddels ook in zee gegaan met Leviev en levert hem diamanten voor een slijperij in Tel Aviv. De MPLA-regering van José Dos Santos is gretig De Beers te ondermijnen. Angola verwijt De Beers financiële steun aan het Unita-rebellenleger dat tijdens de 27 jaar durende burgeroorlog de controle had over de diamantgebieden. Ook buurland Botswana volgt met belangstelling de verrichtingen van de Israëlische zakenman. In dat land heeft De Beers een belang van 50 procent in diamantdelver Debswana. Bij de opening van de fabriek in Windhoek, was een hoge ambtenaar van de Botswaanse regering aanwezig. Leviev beloofde hem ,,tienduizenden banen''.

Het Institute for Public Policy Research in de Namibische hoofdstad twijfelt aan de bedoelingen van Leviev. In een recent onderzoeksrapport schetsen de analisten het duistere imago van de tycoon. Leviev publiceert nooit jaarrapporten. Leviev komt afspraken niet na en doet zaken met ,,mensen met vieze handen''. In 2001 kocht hij een meerderheidsbelang in het noodlijdende Namibische mijnbedrijf Namco, waarin de Namibische regering een belang van 8 procent had. Toen het bedrijf failliet ging, kon de regering naar haar centen fluiten en nam Leviev voor drie miljoen Amerikaanse dollar Namco's mijnconcessies over. ,,Een schijntje'', aldus het rapport.

,,Leviev weet dat hij in China en India aanzienlijk goedkoper en grootschaliger diamanten kan slijpen'', zegt onderzoeker Robin Sherbourne. ,,Er moeten strategische redenen zijn waarom hij hier is.'' En dat zijn de ruwe diamanten van De Beers.

Lev Leviev zuigt momenteel met zes schepen zijn eigen diamanten uit de oceaan. Maar Leviev is geen graver, zoals hij zelf geregeld zegt, ,,ik ben een slijper''. Hij heeft zijn oog op de grote diamantvoorraden van Namibië die verborgen liggen onder het zand van het `Sperrgebiet', verboden voor onbevoegden, ten zuiden van Lüderitz. De Beers graaft er al sinds 1920, nu samen met het staatsbedrijf Namdeb.

Een wetsartikel verplicht de Namibische regering 10 procent van alle ruwe diamanten uit het Sperrgebiet rechtstreeks aan diamantslijpers te verkopen. De Beers heeft tot nu toe succesvol druk uitgeoefend op de regering om de wet niet uit te voeren. Behoud van het alleenrecht over de ruwe Afrikaanse diamanten is voor de Zuid-Afrikanen van levensbelang.

De hegemonie van De Beers ligt wereldwijd onder druk. Twintig jaar geleden controleerden de Zuid-Afrikanen nog 80 procent van de industrie, nu `slechts' 55 procent. De Beers zegt te vertrouwen op zijn goede relatie met de regeringen in zuidelijk Afrika. ,,Onze relatie met de Namibische regering is kloek en gebaseerd op wederzijdse commerciële belangen'', zegt Daniel Kali, vertegenwoordiger van De Beers in Windhoek. De Beers snijdt nu ook diamanten in Windhoek, in een fabriekje met 200 werknemers dat de Afrikaanse diamanten via DTC in Londen krijgt opgestuurd. De operatie breekt met de eeuwoude traditie van de Zuid-Afrikanen, die zeiden slechts geïnteresseerd te zijn in het graven en niet het slijpen van diamanten.

Maar met Lev Leviev in de buurt moet ook De Beers het lokaal bestuur charmeren. De tijden van tradities in de diamantindustrie zijn definitief voorbij.