Samen spioneren

Spionnen zijn van nature geheimzinnig en hebben geleerd om hun informatie met zo min mogelijk anderen te delen. Hoe groter de kring mensen onder wie de informatie wordt verspreid, des te meer kans dat er lekken ontstaan, zodat de vertrouwelijke bron bekend wordt en die loopt dan gevaar. Vandaar dat in elk land wordt geklaagd dat inlichtingendiensten hun informatie te weinig verspreiden. Andere onderdelen van de overheid richten hun eigen inlichtingendienst op, die informatie ook zoveel mogelijk onder zich houdt.

Overal ter wereld, van de VS en Groot-Brittannië tot Rusland en Nederland zijn er eilandenrijken van inlichtingendiensten die slecht samenwerken en met elkaar concurreren. Er worden bureaucratische guerrilla's gevoerd, er zijn verschillende lezingen van de zelfde feiten en soms breken er schandalen uit. De laatste tijd zijn er overal initiatieven om de verwerking van inlichtingen te centraliseren. Internationaal moslimterrorisme heeft dat urgenter gemaakt.

Nederland kent behalve de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD) de criminele recherche-informatiedienst, de militaire inlichtingen- en veiligheidsdienst, de inlichtingendienst van de Koninklijke Marechaussee, de afdeling van de communicatie-aftappers, de informatie die het openbaar ministerie verzamelt en de inlichtingenverwerking van de immigratie- en naturalisatiedienst.

Ook in Nederland is de roep om centralisatie van inlichtingen gehonoreerd door het instellen van een Centrale Coördinator Terrorismebestrijding. In een nieuwe `CT-infobox' moeten de inlichtingen van zoveel mogelijk diensten bij elkaar worden gebracht voor analyse. Wegens de belangrijke rol van inlichtingenverzameling voor terreurbestrijding ligt het voor de hand dat deze coördinator onder het ministerie van Binnenlandse Zaken valt en niet – zoals nu – onder het ministerie van Justitie.

Versplintering dreigt ook bij de coördinatie van de terreurbestrijding, die zo meldt de commissie-Havermans in haar rapport `AIVD in verandering' met spijt over vier organen is verdeeld.

Inlichtingenverwerving is een natuurlijke rol voor Binnenlandse Zaken, dat verantwoordelijk is voor het binnenlandse bestuur. De taak van Justitie ligt meer bij opsporing en juridische controle. Het rapport van de commissie-Havermans wijst terecht op de rommelige manier waarop de AIVD wordt bestuurd. Daar zijn vier ministers en drie nationale coördinatoren bij betrokken. Bij al die verdeeldheid aan de top is de AIVD een eigen koers gaan varen en dat is ook niet wenselijk. De aanbeveling van de commissie-Havermans om het bestuur nog verder onder Binnenlandse Zaken te brengen, is dan ook verstandig. Specialisten in de Kamer zouden de inlichtingendiensten beter kunnen controleren dan de huidige `commissie stiekem' van fractieleiders.

De reeksen arrestaties van terreurverdachten zijn mede te danken aan de oplettendheid van de AIVD. Dat is een opsteker na de moord op Theo van Gogh. Geen inlichtingendienst kan alles voorzien, hoe graag de Kamer dat zou willen. Nederland is geen politiestaat. Nu de AIVD snel uitbreidt moeten de gezagsverhoudingen duidelijk worden. Meer wettelijke bevoegdheden heeft de AIVD niet nodig, wel minder versplinterd bestuur en deskundige controle.