`Je moet terroristen niet als psychopaten bekijken'

Moslims die aanslagen plegen zijn geen psychopaten, zegt hoogleraar sociale psychologie Roel Meertens. Het zijn normale mensen, die zich gedragen naar de regels van een sekte.

De belangstelling van Roel Meertens voor moslims die aanslagen plegen, begon met de aanval op de Twin Towers, 11 september 2001. ,,In alle commentaren waren er steeds twee verklaringen'', zegt hij. ,,De eerste was: dit is wraak op het rijke westen, op het christendom, op de kruistochten. En de tweede: het zijn psychopaten.''

Meertens, hoogleraar sociale psychologie aan de Universiteit van Amsterdam, denkt dat er een derde verklaring is die dichter bij de werkelijkheid komt. Volgens hem gedragen moslims die aanslagen plegen zich naar de regels van een sekte. En wat in sektes gebeurt, gebeurt ook in gewone groepen: zichzelf isoleren, uitoefenen van macht, gehoorzamen aan de leider, zichzelf overschatten, elkaar sterken in steeds extremere overtuigingen. In de sociale psychologie zijn die verschijnselen uitentreuren onderzocht.

Meertens zegt dat inzichten uit de sociale psychologie (die bestudeert hoe mensen in groepen functioneren) kunnen helpen verklaringen te vinden voor aanslagen zoals die van 11 september 2001 op de Twin Towers, of zoals die van Mohammed B. op Theo van Gogh. Hij heeft er, met twee andere onderzoekers, een vlugschrift over geschreven: `Terroristische sektes, een sociaal psychologische analyse'. Oplossingen staan er niet in, wel aanbevelingen voor een naar zijn mening verstandige aanpak.

Meertens zegt dat de leden van Al-Qaeda of van de Hofstadgroep, waar Mohammed B. in zat, zich net zo gedragen als de Mormonen in Amerika, of als de volgelingen van Lou de Palingboer in de jaren '60, of als de groep Japanners die in 1995 gif verspreidden in de metro van Tokio. Allemaal sektes, met steeds dezelfde kenmerken. De leden van de sekte delen een overtuiging of een geloof, ze streven met elkaar een hoger doel na en vertonen onderling een sterke samenhang. Er is een charismatische leider die aanspraak maakt op hogere machten.

,,Het zijn gewone mensen die zich aansluiten'', zegt Meertens. ,,Dat is uit allerlei onderzoeken gebleken. Het zijn gewone mensen met zonderlinge ideeën – waar die ook vandaan komen.'' Daarom denkt hij dat moslims die zich bij Al-Qaeda of verwante groepen aansluiten, geen psychopaten zijn, al kunnen ze op den duur wel psychiatrische ziektebeelden gaan vertonen. ,,Als je aanslagen voorbereidt, kun je last krijgen van achtervolgingswaan. Als je denkt dat je bent uitverkoren door Allah, kun je aan hoogmoedswaan gaan lijden. Maar daar begint het niet mee. Iedereen kan door omstandigheden tot extreme daden komen.'' Hij wil dat graag gezegd hebben, want het voorkomt volgens hem `demonisering'. ,,Als je weet dat het gewone mensen zijn die onderhevig zijn aan gewone psychologische processen, dan sta je anders tegenover ze dan als je denkt: het zijn gekken.''

Die gewone psychologische processen gaan over macht en leiderschap, over groepsdenken en sociale identiteit, over de cognitieve dissonantietheorie die zegt dat mensen steeds minder aan hun overtuigingen gaan twijfelen naarmate ze er meer voor hebben opgegeven en er meer naar zijn gaan leven. Mensen willen zichzelf niet afvallen. ,,Hoe vaker volgelingen van Osama bin Laden tegen elkaar zeggen dat terreur de beste oplossing is, hoe zekerder ze ervan zijn dát het de beste oplossing is.''

En dat is niet typisch voor moslims. Die psychologische processen, zegt Meertens, gelden ook voor Bush en zijn volgelingen. Die wisten zeker dat de aanval op Afghanistan en Irak het enige antwoord was. En die overtuiging is, nadat ze waren begonnen, alleen maar sterker geworden.

Hij gebruikt een berucht experiment uit de sociale psychologie om te laten zien hoe sterk mensen de neiging hebben te doen wat hun wordt opgedragen. Twee op de drie proefpersonen in dat experiment bleken bereid om andere mensen (zogenaamd) elektrische schokken van 450 volt toe te dienen, alleen maar omdat de leider van het experiment had gezegd dat het moest. ,,En ze hadden niet eens een band met die leider'', zegt Meertens. ,,Kun je nagaan hoe het is als de leider Osama bin Laden of Hitler heet.''

De leider van een sekte uitschakelen heeft volgens Meertens meestal weinig zin. ,,Zijn macht is zo sterk dat die zal blijven als hij er zelf niet meer is.'' Wat wel helpt: voorkomen dat mensen zich aansluiten bij een sekte. En: voorkomen dat mensen die om hun overtuigingen een groep vormen zichzelf gaan isoleren. In isolement worden die overtuigingen alleen maar sterker. Dus zit er voor de Nederlandse samenleving nu weinig anders op, zegt Meertens, dan te proberen ,,zoveel mogelijk met elkaar te blijven praten''. Hij denkt dat het ook goed is als op scholen ,,actief'' wordt geprobeerd om jongeren af te houden van extremisme. Zoals ook wordt geprobeerd om scholieren af te houden van roken en onveilige seks. Maar hij betwijfelt of het echt zal helpen. ,,Meedoen met de groep geeft status, spanning, activiteit. Het is prettig om onder elkaar te zijn. Het geeft zin aan het leven. En voor moslims die bereid zijn aanslagen te plegen zijn de beloningen hoog.'' Allemaal veel interessanter dan werkloos en geminacht door Amsterdam-West te sjouwen.

Meertens schrijft nog een kort vervolg op zijn vlugschrift voordat hij het wil publiceren. Dat gaat over de reacties van de Nederlandse samenleving op de aanslag van Mohammed B. op Theo van Gogh. Die waren vanuit de sociale psychologie ook voorspelbaar. Bij een deel van de mensen zal na zo'n gebeurtenis de woede overheersen, zegt Meertens. Onder hen zijn degenen die moskeeën in brand steken. Maar bij een groter deel overheerst de angst. ,,En die mensen reageren door verdraagzamer te zijn dan ze al waren. Ze beschermen zichzelf door terug te vallen op belangrijke normen.'' Onder hen zijn degenen die stille tochten houden.