De man die geen `Mister Europe' mocht worden (Gerectificeerd)

Vijf jaar leidde Romano Prodi het dagelijks bestuur van de Europese Unie. Aan ambities heeft het zijn Commissie niet ontbroken. Het schortte vooral aan politieke speelruimte.

In Italië wordt naar hem uitgekeken, maar in Brussel is Romano Prodi, de nog niet eens vertrokken voorzitter van de Europese Commissie al weer bijna vergeten. Prodi... is dat niet die voorganger van Barroso?

,,Een leider met visie', heette Prodi, toen de regeringsleiders van de (toen nog) vijftien landen van de Europese Unie hem in 1999 aanwezen als voorzitter van het dagelijks bestuur van Europa. En nu? Aan negatieve kwalificaties geen gebrek. ,,Een ramp', zo laat de in Brussel veel gelezen Financial Times een anonieme ambasadeur zeggen. ,,De meest onsuccesvolle voorzitter die de Commissie ooit heeft gekend', aldus Charles Grant, directeur van het Centre for European Reform in dezelfde krant. Iemand die zich vanuit Brussel veel te veel met de Italiaanse binnenlandse politiek bezighield, luidde het herhaalde verwijt van Hans-Gert Poettering, fractieleider van de Europese christen-democraten en conservatieven.

`Mompelende professor', was de laatste jaren één van zijn bijnamen. Alleen al zijn kleine postuur bracht met zich mee dat het leiderschap niet van hem afstraalde. Op talloze groepsfoto's van de `groten der aarde' is hij aanwezig, maar altijd in de ondergeschikte bijrol. Prodi, de machteloze. Zoals ook de wens was van degenen die hem vijf jaar geleden aanstelden: de regeringschefs in de Europese hoofdsteden.

Zij vonden in Prodi de zetbaas van wie ze niet al te veel last hoopten te ondervinden. En daarin zijn ze niet teleurgesteld. Mister Europe is Romano Prodi nooit geworden, omdat hij het ook niet mocht worden. De wereld buiten Europa moest altijd nog met de hoofdsteden van de grote landen bellen als het over buitenlands beleid gaat.

De macht van de Europese Commissie is afhankelijk van de ruimte die de Europese regeringen toestaan. Anders gezegd: had Prodi anders gekund? Toen hij vijf jaar geleden zijn werkprogramma aan het Europees Parlement presenteerde, brandde Prodi nog van ambitie. ,,Beslissende en doeltreffende actie' was nodig om de ,,ontgoochelde en ongeruste' burgers in het met hoge werkloosheid kampende Europa weer vertrouwen te geven. Europa had het in zich om met de invoering van de euro (1 januari 2001) en de voorziene uitbreiding (1 mei 2004) met een groot aantal landen in Midden- en Oost Europa een wereldmacht te worden. Het Parlement klapte zich de handen blauw.

De afgelopen weken maakte Prodi in diverse fora de balans op. Hij constateerde teleurgesteld dat Europa op het terrein van de economische politiek verdeeld is. ,,We hebben de euro maar we hebben geen geharmoniseerd economisch beleid', zei hij. En de Lissabon-strategie om de EU in 2010 tot de meest concurrerende economie ter wereld te maken, is volgens Prodi een ,,complete mislukking' geworden.

Een adviesgroep onder leiding van de Nederlandse ex-premier Wim Kok legt de schuld voor de trage uitvoering van de Lissabon-strategie in de eerste plaats bij de lidstaten, die te weinig politieke wil tot samenwerking tonen. Meer dan 40 procent van de al overeengekomen EU-richtlijnen over `Lissabon' was niet tijdig door de lidstaten in nationale regels omgezet.

De gebrekkige economische samenwerking werd eind vorig jaar pijnlijk duidelijk door de crisis over het Stabiliteits- en Groeipact voor de euro – het pact dat eerder door Prodi wegens de rigide regels als ,,dom' was afgedaan. Duitsland en Frankrijk ontsnapten ondanks schendingen van het pact aan boetes, doordat een meerderheid van lidstaten de Europese Commissie buitenspel zette. Het Europese Hof van Justitie keurde deze handelwijze van de lidstaten weliswaar af, maar de Commissie zag in dat hervorming van het pact onvermijdelijk was.

Op het gebied van interne markt en mededinging valt de Commissie-Prodi geen gebrek aan actie te verwijten. En op die terreinen ligt voor elke Europese Commissie een kerntaak als hoedster van het Europese Verdrag. Mededingingscommissaris Mario Monti deelde bijna 5 miljard euro boetes uit aan bedrijven wegens kartelvorming of misbruik van marktdominantie. Dat is meer dan alle eerdere door Brussel opgelegde boetes terzamen. Ingewijden onderstrepen dat de Commissie-Prodi er niet voor terugschrok bedrijven uit Duitsland en Frankrijk wegens ongeoorloofde staatssteun aan te pakken. Dat was in zekere zin een trendbreuk. Zelfs de veelgeprezen Commissie-Delors was in zulke dossiers heel gevoelig voor politieke druk uit Berlijn en Parijs.

Bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) kreeg Brussel in enkele belangrijke handelsdisputen met de Verenigde Staten gelijk. Eurocommissaris Pascal Lamy (Handel) speelde deze zomer een voortrekkersrol in het vlottrekken van de Doha-ronde over handelsliberalisering. Dat hij die rol kon spelen is vooral te danken aan de ingrijpende hervorming van het handelsverstorende Europese landbouwbeleid, die eurocommissaris Franz Fischler vorig jaar tot stand bracht. Op het gebied van voedselveiligheid – na de gekkekoeienziekte een belangrijke prioriteit om het vertrouwen van burgers terug te winnen – kwam nog nooit zo veel nieuwe wetgeving.

De Commissie-Prodi zal vooral de geschiedenis ingaan als de Commissie die de grootste uitbreiding van de Unie uit de geschiedenis tot stand bracht. Maar ook hier was het dagelijks bestuur goeddeels afhankelijk van de politieke besluiten die elders werden genomen. Zo waren het de regeringschefs die besloten tot een big bang: ondanks grote onderlinge verschillen mochten tien van de twaalf kandidaten tegelijk toetreden.

Waar de Europese Commissie zelf geheel verantwoordelijk voor was, is het op orde brengen van het eigen administratieve apparaat. Prodi's voorganger Jacques Santer moest aftreden vanwege boekhoudschandalen. Er werd een nieuw systeem van checks and balances aangekondigd. Maar deze week deed het Nederlandse lid van de Europese Rekenkamer, Maarten Engwirda, deze inspanningen af met ,,een zesje': ,,De Commissie Prodi heeft er niet echt de vaart in weten te houden.' Engwirda zei te hopen dat Prodi's opvolger José Manuel Barroso de zaak met nieuw elan oppakt.

Nieuw elan is de opdracht die elke nieuwe Commissie-voorzitter mee krijgt. Daarna volgt de barre werkelijkheid. ,,Ik heb altijd tegen de stroom in moeten zwemmen', liet Prodi zich eens ontvallen. Het grootste probleem van Prodi was dat die moeizame zwemtocht voor iedereen zo zichtbaar was.

Rectificatie

Euro

In het artikel De man die geen `Mister Europa' mocht worden (19 november, pagina 4) en in een van de fotobijschriften erbij staat dat de euro op 1 januari 2001 werd ingevoerd. Dat gebeurde op 1 januari 2002.