Bloot klussen bij de prof in de tuin

Het is een lastig genre, het verhaal met een bestaande historische figuur als hoofdpersoon. Als het tegenzit, vraag je je steeds af wat er écht gebeurd is en wat er verzonnen is. T. Coraghessan Boyle vindt het wel leuk om zulke twijfels te zaaien. Hij heeft historische romans geschreven over de Schotse ontdekkingsreiziger Mungo Park, over de uitvinder van een oogstmachine, over een van de eerste Nederlandse koloniale families in Amerika, en over John Harvey Kellogg, gezondheidsfreak en uitvinder van de cornflake. In het boek over Kellogg, The Road to Welville (1993), liet Boyle zijn hoofdpersoon zelfs iemand vermoorden. Mag dat zomaar? Van Boyle natuurlijk wel, want die houdt van een beetje provoceren.

T.C. Boyles nieuwe roman, The Inner Circle, gaat over een historische figuur die nog korter geleden leefde en misschien nog wel bekender is dan Kellogg: seksonderzoeker Alfred C. Kinsey. In de jaren veertig interviewde deze hoogleraar samen met collega's duizenden mensen over hun seksleven en publiceerde hij twee kloeke wetenschappelijke werken over de seksuele ervaringen van mannen en vrouwen. In The Inner Circle (de titel slaat op de kleine kring van seksonderzoekers) wordt Kinsey geportretteerd door de ogen van zijn trouwste student, volgeling en later collega John Milk. Milk is een afhankelijke, volgzame jongen die `Prok', zoals de professor door intimi genoemd wordt, adoreert. Binnen de kortste keren kan Milk zich niets belangrijkers meer voorstellen dan het ontsluiten en in kaart brengen van het seksleven van `de diersoort mens'.

Het is duidelijk dat Boyle dat contrast interessant vond: zo'n melkmuiltje, een nogal wereldvreemde nerd, die seksonderzoek doet en die zich tegen de tijdgeest in gemakkelijk door zijn professor laat overtuigen dat seks zo natuurlijk is als het maar kan. Tot op zekere hoogte. John Milk werkt als student dagelijks bijna naakt in Proks tuin, laat zich al snel op zolder door de professor bespringen, vraagt vervolgens of hij het een keer met diens vrouw mag doen omdat hij zich toch meer hetero dan homo voelt (het mag, natuurlijk) –, maar heeft tegelijkertijd een tijdgeestgetrouw preuts vriendinnetje met wie hij nog niet vrijt en aan wie hij zijn andere seksuele ervaringen ook niet vertelt.

Er zitten meer potentieel interessante tegenstellingen in The Inner Circle. Zo is Prok natuurlijk een seksbeest, maar vooral ook een charmante, beschaafde gentleman die het met iedereen kan vinden – wel zo handig natuurlijk, als je mensen over hun seksleven moet ondervragen. En Prok lijkt nooit echt van seks te genieten, maar het als iets klinisch, abstract belangrijks te beschouwen, een houding die John Milk bewondert. Tegelijkertijd is Prok duidelijk oversekst, als dat concept nog bestaat: hij doet het met iedereen en is obsessief bezig met zijn onderzoek, altijd op reis om meer seksinterviews af te nemen. Proks vrouw zegt daarover: toen mijn man met seks begon, is mijn eenzaamheid begonnen.

Die opmerking is jammer genoeg de enige grappige observatie in het boek, en de eenzaamheid van de vrouwen van de wetenschappers is de enige invoelbare emotie. Geen van de personages komt echt tot leven; Boyle heeft het voor elkaar gekregen om de seksonderzoekers als doodsaaie wezens neer te zetten en hun werk zonder humor te beschrijven. Had hij nou maar een non-fictiewerk geschreven, dan had je je niet steeds hoeven afvragen of Kinsey écht Prok werd genoemd, of hij écht steeds over `the human animal' sprak, of Prok en Milk écht de karakters hadden die Boyle hun toeschrijft, of Milk wel bestaan heeft – in hoeverre The Inner Circle op waarheid berust, kortom.

In non-fictie was er bovendien meer ruimte geweest voor resultaten van Kinseys onderzoek. Die hebben minder geschiedenis gemaakt dan het feit dát Kinsey in die bekrompen tijd seksonderzoek deed. Heeft hij destijds iets interessants ontdekt? Uit The Inner Circle valt alleen aan nieuws te leren dat er veel meer mannen zijn die bij het klaarkomen druppelen dan spuiten, maar ook daarvan weten we niet of het feit is of fictie.

T.C. Boyle: The Inner Circle. Bloomsbury, 418 blz. €23,60. De vertaling door Gerda Baardman en Tjadine Stheeman is als De ingewijden verschenen bij Anthos, 388 blz. €22,95