Minister Donner gaat onderzoek doen naar louche advocaten en notarissen

Minister Donner (Justitie, CDA) stuurt binnenkort een voorstel naar de Tweede Kamer voor onderzoek naar louche praktijken in vrije beroepsgroepen, zoals advocaten en notarissen. Dat doet hij op verzoek van de Tweede Kamer die daar afgelopen voorjaar om had gevraagd. De Kamer krijgt van de minister op korte termijn een inventaris naar de vraag of dergelijk onderzoek moet leiden tot verruiming van de sanctiemogelijkheden van notarissen en advocaten die direct betrokken zijn (geweest) bij criminele handelingen, zoals financiële malversaties van hun cliënten.

In augustus concludeerde de dienst nationale recherche informatie (dNRI) in het rapport `Nationaal dreigingsbeeld zware of georganiseerde criminaliteit' dat advocaten en notarissen `met enige regelmaat' in opsporingsonderzoeken in verband gebracht worden met corruptiepraktijken. Dergelijke criminaliteit vormt volgens de dienst ,,een dreiging waarmee de komende vijf jaar ernstig rekening moet worden gehouden.''

Sinds de parlementaire enquêtecommissie-Van Traa naar ongeoorloofde opsporingspraktijken staan de vrije beroepsgroepen, zoals advocaten en notarissen, in de beklaagdenbank. Directe aanleiding was het verhoor van toenmalig korpschef J. Wilzing (regiopolitie IJsselland) in september 1996 die in de openbare verhoren melding maakte van een lijst van 29 corrupte advocaten en notarissen.

De criminoloog H. van der Bunt had daar in 1995 ook al onderzoek naar gedaan, in opdracht van de Centrale Recherche Informatiedienst. Hij legde 40 criminele contacten bloot tussen de onderwereld en de advocatuur, waarvan er 26 werden bevestigd door politieregio's waarbij Van der Bunt navraag deed.