Buffett-epigoon redt Kmart

De 42-jarige superinvesteerder achter de mega-deal tussen Kmart en Sears, Edward Lampert, was tot voor kort nergens te bekennen in de media, maar nu is zijn naam overal. Hij wordt al de nieuwe Warren Buffett genoemd – een etiket dat hem allerminst tegenstaat, aangezien Buffett miljarden dollars verdiende met het investeren in ondergewaardeerde bedrijven.

Nadat Lambert economie had gestudeerd aan Yale begon hij op zijn 25ste bij zakenbank Goldman Sachs in New York. Eerst als zomerse stagiair, maar meteen daarna als assistent van Robert Rubin, die later minister van Financiën zou worden onder Clinton en nu commissaris is bij Citigroup. Luttele jaren later begon hij voor zichzelf. Met 28 miljoen dollar, het grootste gedeelte voorgeschoten door Richard Rainwater, een Texaanse financier, begon hij in 1988 zijn hedgefund ESL (zijn initialen). In de geest van Buffett, die bedrijven opkoopt die een potentie hebben die andere investeerders is ontgaan, vermeerderde hij langzaam maar zeker zijn belang in Kmart, dat toen al in de problemen zat. Op het moment van Kmarts bankroet, in 2002, terwijl iedereen afwilde van Kmarts schuld, nam Lampert juist een grote gok. Hij won. Met een miljard dollar wist hij 53 procent in handen te krijgen van het bedrijf, dat 22 miljard dollar waard was. Sindsdien is Kmarts beurswaarde verachtvoudigd tot meer meer dan honderd dollar per aandeel.

Ook al presteert de nieuwe combinatie van Kmart en Sears ondermaats, het bedrijf zal cash genereren die Lampert kan gebruiken om elders te investeren, zoals hij recentelijk deed in AutoZone, en AutoNation, respectievelijk een grote handelaar in auto-onderdelen, en een nationale autodealer.

Daarmee volgt Lampert het voorbeeld van Warren Buffett, die in de jaren zestig zijn beleggingsportefeuille kon uitbreiden dankzij de inkomsten van een inferieure textielfabriek uit Bedford, Massachussets, genaamd Berkshire Hathaway.