Basters zijn Namibiërs geworden

Namibië één volk, was de slogan van de nu vertrekkende president Nujoma, toen hij in 1990 aan de macht kwam. Dat beleid bedreigt de identiteit van de Basters, nakomelingen van Hollandse kolonisten en inheemse Khoi-San.

Zodra de deuren van drankhandel Bottle Inn in Rehoboth opengingen, om negen uur vanochtend, hebben Richard en George het op een zuipen gezet. Ieder heeft zo zijn eigen reden. Richard heeft problemen met zijn vrouw: ,,Ze laat me er niet meer in.'' George is gisteren bij een knokpartij zo hard op zijn gezicht geslagen dat zijn voorhoofd nog druipt van het wondvocht. Werkloos, laveloos en haveloos is er voor de twee tenminste nog één triomf te vieren: ,,Ons is Basters''.

Rehoboth is de enige plek ter wereld waar dat woord een compliment is. De bastaarden van Namibië, zo'n 35.000 in getal, zijn de nakomelingen van de vroege Hollandse kolonisten uit de Kaap, nu Zuid-Afrika, die niet van de inheemse Khoi-San af konden blijven. Eind negentiende eeuw vestigden zij zich in de gortdroge uitlopers van het Khomas-gebergte, honderd kilometer ten zuiden van waar nu de Namibische hoofdstad Windhoek ligt.

De Basters zijn tenger gebouwd. Ze hebben een huidkleur die het midden houdt tussen blank en zwart, rond veelal gifgroene of felblauwe ogen in diepe oogkassen. In Zuid-Afrika zouden ze kleurlingen heten. Maar waag het niet ze in Namibië zo te noemen. ,,Ons is Basters.''

De trots voor die naam stamt uit een ver en grauw verleden. De Basters zijn het eerste volk in het voormalige Zuid-West Afrika met een geschreven grondwet, sinds 1873. Gelovige calvinisten zijn ze, die hun verhaspelde Hollands al spraken voor de Zuid-Afrikanen het land in 1915 van de Duitsers overnamen. De Basters behoorden ooit, samen met de blanken, tot de best opgeleiden van het land. De Basters hebben gouden handjes. In dit land zo groot als Frankrijk en Italië is geen oord zo afgelegen of er staat wel een gebouw dat door een Baster is gemetseld.

Maar vraag een willekeurige Namibiër nu naar de Basters uit Rehoboth en hij zal een beeld schetsen van verval. Met meer dan 50 procent werkloosheid staat Rehoboth tegenwoordig voor misbruik van drank, drugs, vrouwen en kinderen. Rehoboth is de schandvlek van Namibië, dat met zijn kaarsrechte en schoongeveegde straten elders net zo pünktlich probeert te zijn als oud-kolonisator Duitsland. Waar is het misgegaan met Rehoboth?

John McNab heeft aan de telefoon een antwoord beloofd. Noem me liever Kapitein, zegt hij thuis op de veranda. Zo noemen de Basters hun gemeenschapsleider. Voor het huis van McNab razen vierwiel aangedreven pick-ups in grote stofwolken van de hoofdstad naar de Zuid-Afrikaanse grens. McNab zou willen dat de tijd stil was blijven staan.

,,Sinds de onafhankelijkheid van Namibië in 1990 is alles wat we hier in de voorgaande eeuw hebben opgebouwd, vernietigd. Het jeugdcentrum, de melkfabriek, de looierij, alles is verdwenen. Omdat de SWAPO-regering van Sam Nujoma het nodig vond onze grond, en dus onze waardigheid af te nemen.''

Nee, Sam Nujoma, die bij de verkiezingen deze week voor het eerst sinds 14 jaar geen presidentskandidaat meer is, houdt niet van apartheid. Namibië, één volk, was zijn slogan toen hij in 1990 aan de macht kwam. Het land dat hij van de Zuid-Afrikanen overnam was een lappendeken van zogenoemde thuislanden. Iedere bevolkingsgroep kreeg onder de apartheid een eigen territorium: Hereroland, Bushmanland, Damaraland, Namaland. Arbeidsreservaten in onvruchtbare uithoeken van het land.

Onder dat systeem waren de Basters relatief goed af. Blanker dan de zwarten verdienden ze volgens de Zuid-Afrikaanse filosofie van `gescheiden ontwikkeling' een grote mate van zelfbestuur. De Basters hadden hun eigen rechtssysteem, een eigen regering, een eigen vlag. Het waren glorietijden voor de Baster-nationalisten die, sinds ze in 1870 de Kaap ontvluchtten, snakten naar een grondgebied zonder zwarten.

McNab laat het oude Kapiteinshuis zien, bovenop de heuvel die uitkijkt over de uitgestrekte savanne. Vanwege zijn slechte knieën woont hij er niet meer. Het is de plek die in Rehoboth symbool staat voor moedig verzet tegen de gedwongen integratie van het ras dat niet blank maar ook niet zwart genoeg is. Tijdens de onderhandelingen over onafhankelijkheid in 1989 barricadeerde McNabs voorganger hier deuren en ramen met zandzakken. Kapitein Hans Diergaardt hield het weken vol, met een handvol karabijnen en een paar flessen sterke drank. Toen hij door zijn proviand heen was, gaf hij op.

Na de onafhankelijkheid probeerde Diergaardt het lot van de Basters aan te kaarten bij de Verenigde Naties. Maar niemand had interesse. Hij gaf duizenden Namibische dollars uit aan vergeefse rechtszaken in eigen land. Hij riep moord en brand over de honderden zwarten die zich na 1990 in Rehoboth vestigden. En toen stierf hij, in 1998.

,,Diergaardt heeft onze zaak waarschijnlijk weinig goed gedaan'', geeft McNab toe. Nog steeds gelooft Kapitein in een federale staat, met een eigen grondgebied voor de Basters. ,,Maar ik denk dat we met praten meer kunnen bereiken.'' Andere bevolkingsgroepen als de Herero en de San klagen ook steeds luider over de inbeslagname van hun weidegronden na de onafhankelijkheid. Hun grieven zijn ironisch in het licht van de campagne die de SWAPO-regering de afgelopen jaren zelf heeft ingezet, waarin blanke boeren als de imperialistische landdieven worden bestempeld.

In Rehoboth zijn er nog die in de onafhankelijkheidsstrijd geloven. Dabs Izaaks, in de jaren tachtig prominent lid van Rehoboth-regering noemt het huidige leiderschap ,,te slap''. ,,Er is ons onaanvaardbaar onrecht aangedaan.''

Maar onder de jonge generatie in Rehoboth is het verlangen naar afscheiding gesleten. Bij de laatste verkiezingen voor een nieuwe Kapitein kwam nog geen kwart van de stemgerechtigden opdagen. En een paar maanden geleden, bij lokale verkiezingen, stemden een meerderheid van de kiezers voor regeringspartij SWAPO. Dat was voor het eerst sinds 14 jaar trouw aan oppositiepartijen, die voor de onafhankelijkheid de apartheid predikten.

,,Het stemgedrag is het gevolg van puur opportunistische redenen'', zegt predikant Eugen Bentes. Hij voorspelt opnieuw een overwinning voor de regeringspartij bij de parlements- en presidentsverkiezingen, die maandag en dinsdag werden gehouden, maar waarvan de uitslag nog niet bekend is. ,,Swapo belooft ons geasfalteerde wegen en een treinverbinding met de hoofdstad. Het besef is langzaam doorgedrongen dat stemmen op Swapo de enige weg uit de ellende is.'' De Basters zijn Namibiërs geworden.