Ver weg van de knollentuin

Nederland speelt vanavond in Barcelona tegen Andorra, dat vorige maand pas zijn derde zege behaalde in tien jaar interlandvoetbal.

Macedonië houdt Nederland op 2-2 en verliest vervolgens met 1-0 van Andorra. Volgens de statistieken van vorige maand zijn de voetballers uit het dwergstaatje vanavond favoriet tegen Oranje. Al het andere cijfermateriaal valt in het voordeel van Nederland uit. Als er geen kleine voetbalnaties meer bestaan – een onbewezen stelling van zogenaamde kenners – dan is de nationale ploeg van bondscoach David Rodrigo in elk geval een bescheiden tegenstander.

Zo telt de voetbalbond van Andorra nog geen driehonderd leden en geeft het officiële inwonertal een vertekend beeld. Van de zeventigduizend geregistreerden is een derde van buitenlandse afkomst. Veel Fransen, Spanjaarden en Portugezen zijn gezwicht voor het gunstige ski- en belastingklimaat in Andorra. In het hart van de Pyreneeën lag vorige week al een dikke laag sneeuw, maar het koude weer is niet de oorzaak van de verplaatsing van het thuisduel tegen Nederland.

De KNVB wist de voetbalbond van Andorra in een vroegtijdig stadium te overtuigen van het nut van een ander speelterrein, zo is de lezing van Nederlandse zijde. Estadio Comunal is het nationale stadion van Andorra dat plaatsbiedt aan nog geen duizend toeschouwers en over een geringe lichtcapaciteit beschikt. Bovendien zou de veiligheid in het door rotsen omgeven stadionnetje niet gegarandeerd kunnen worden. De Europese voetbalbond UEFA ging vorige maand akkoord met standplaats Barcelona, waar de najaarszon deze week eerder zomers dan winters aanvoelt.

In de Catalaanse hoofdstad wordt de WK-kwalificatiewedstrijd gespeeld in het Mini Estadi. Op een steenworp afstand van het imposante Nou Camp ligt een stadionnetje waar FC Barcelona doorgaans trainingen en oefenwedstijden afwerkt. In het voorjaar van 2001 speelde Andorra op dezelfde locatie al een WK-kwalificatiewedstrijd tegen Nederland, dat de `uitwedstrijd' toen met 5-0 won. Een half jaar later won Oranje in Arnhem met 4-0 van Andorra, dat sinds de aansluiting bij de wereldvoetbalbond FIFA in 1994 pas drie overwinningen heeft behaald, waarvan twee in oefenwedstrijden.

Hoogtepunt in de nationale voetbalhistorie van Andorra was de 1-0 overwinning van vorige maand op Macedonië, een paar dagen eerder de bedwinger van het veel sterker geachte Nederland. Kranten repten over een historische zege. Aanvoerder Juso Ruiz rende na de 1-0 huilend van blijdschap in de armen van de verbouwereerde doelman van Macedonië. Ruiz had zijn neus gebroken, maar hij ging eerst de zege vieren voordat hij het ziekenhuis bezocht. Misschien moet 13 oktober een nationale feestdag worden, repte een sportcommentator op de televisie.

Matchwinnaar tegen Macedonië was verdediger Marc Bernaus, met middenvelder Ildefons Lima de enige professional in de selectie van Andorra. Bernaus en Lima staan onder contract bij respectievelijk Elche en Rayo Vallecano, clubs uit de Spaanse tweede klasse. Bernaus is overigens geblesseerd. De meeste internationals zijn semiprof en moesten deze week een paar vrije dagen opnemen. Zij spelen in de nationale competitie van Andorra waar voetbal op gras geen zekerheid is. In de lagere divisies is gravel de ondergrond. Het thuisvoordeel tegen Macedonië, dat in de knollentuin in de Pyreneeën geen fatsoenlijk combinatievoetbal kon spelen, gaat tegen Nederland niet op. De puike grasmat in Barcelona is in het nadeel van de ploeg die doorgaans opportunistisch te werk gaat.