Nederland omarmt de kennismigrant

Hoogopgeleide kenniswerkers uit het buitenland kunnen binnenkort makkelijker Nederland binnenkomen. Werkgevers en kennismigranten juichen de nieuwe regels toe. ,,Ik werk keihard. Ik draag iets bij aan dit land.''

Op de werkplek van chemisch ingenieur Archis Yawalkar staat een smalle glazen buis met een computer en meetapparatuur. Door de buis stromen water en luchtbellen. Yawalkar (30) probeert na te bootsen hoe chemische stoffen in een nieuw type reactor zich met elkaar mengen. Hij laat de drie meter hoge machine zien waar straks het echte werk moet plaatsvinden. ,,Dit is nog maar een testreactor'', vertelt hij. ,,De reactoren in de industrie, waar ze dit type straks hopelijk gaan gebruiken, zijn veel groter.''

Yawalkar kwam twee jaar geleden vanuit India naar Nederland om bij de onderzoeksgroep Reactor and Catalysis Engineering van de Technische Universiteit Delft te werken. De hoogleraar die de groep leidt, hield destijds een praatje bij de Indiase universiteit waar Yawalkar promoveerde. Het klikte en Yawalkar werd uitgenodigd in Delft te komen werken. Maar eerst moest hij de benodigde vergunningen en visa bemachtigen. Yawalkar, in het Engels: ,,Voor mij ging dat nog redelijk snel. Na drie maanden had ik een visum.'' Zijn vrouw, die architect is, kreeg vier maanden later toestemming zich bij haar man te voegen.

Dit soort wachttijden zijn binnenkort verleden tijd. Na een jarenlange lobby van universiteiten en bedrijven zijn er sinds 1 oktober nieuwe regels om hoogopgeleide kenniswerkers makkelijker in Nederland toe te laten. De invoering ervan heeft echter vertraging opgelopen, doordat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) nog niet klaar is met de voorbereidingen. Maar wanneer het werkt, is Nederland volgens het Innovatieplatform qua kennisimmigranten een van de vooruitstrevendste landen in Europa. Het is het eerste wapenfeit van het platform, dat bestaat uit vertegenwoordigers uit bedrijfsleven, politiek en wetenschap.

De belangrijkste verandering is dat een zogenoemde kennismigrant geen werkvergunning meer nodig heeft. Het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) verstrekte tot voor kort pas een werkvergunning als werkgevers hadden aangetoond dat ze binnen de EU geen geschikte kandidaat konden vinden. De overheid maakt nu een uitzondering voor kennismigranten, want ze gaat er vanuit dat die geen Nederlanders verdringen op de arbeidsmarkt. De obligate, eenregelige advertenties die bedrijven in dagbladen plaatsten, zijn niet meer nodig. In het Deltaplan Techniek van de overheid staat dat op middellange termijn een tekort van 120.000 kenniswerkers wordt verwacht, vooral bèta's en technici. Migranten kunnen dit tekort deels opvangen.

Werkgevers kunnen voor de toelating van kennismigranten voortaan alles regelen bij één loket van de IND. Hiervoor moet de werkgever een contract met de dienst sluiten waarin hij zich garant stelt voor de buitenlandse werknemer. Gesteggel over wie wel en wie geen kennismigrant is, is voorbij: iedereen die een jaarsalaris van ten minste 45.000 euro gaat verdienen, telt mee. Een duurbetaalde Chinese kok mag dus ook, alleen prostituees, geestelijk voorgangers, godsdienstleraren en voetballers vallen bij de IND buiten de boot. Voor promovendi en werknemers onder de 30 jaar geldt een lagere inkomensgrens.

Joop Lems is blij dat er iets gaat veranderen. Als personeelsfunctionaris van de Delftse faculteit Technische Natuurwetenschappen, waar Yawalkar werkt, regelt hij de toelating van zestig tot tachtig kennismigranten per jaar. Bij deze faculteit komt een kwart van de duizend medewerkers – met 53 verschillende nationaliteiten – uit het buitenland. ,,Als we het CWI kunnen overslaan, scheelt het een hoop. Dan hoef je nog maar één pakket papier op te sturen.''

Gemiddeld is Lems drie maanden bezig met administratieve zaken voordat een buitenlandse employee op het vliegtuig naar Nederland kan stappen. ,,Maar voor landen als India, Pakistan of Nigeria kan het ook zes maanden duren.'' Eenmaal in Nederland duurt het soms eindeloos voordat de werknemer een verblijfsvergunning krijgt. ,,Sommigen gaan alweer naar huis voordat ze dat kaartje hebben gezien.'' Dat werknemers zoals Yawalkar maandenlang moeten wachten voor hun gezin kan overkomen, is niet uitzonderlijk.

Dit soort gedoe bederft het werkplezier van kennismigranten. Yawalkar voelde zich alleen zonder zijn vrouw. ,,Je zit in een totaal andere cultuur, de taal is anders, het eten is anders.'' De onzekerheid leidde hem af van zijn werk. ,,Op een gegeven moment dacht ik: ik kan beter teruggaan. Joop Lems en mijn hoogleraar haalden me over te blijven.'' Lems heeft een paar keer meegemaakt dat werknemers wèl vertrokken toen ze lang op hun gezin moesten wachten.

,,Je voelt je onwelkom, gediscrimineerd'', vertelt Jamila Laoukili (31). De Marokkaanse biologe werkt sinds 2001 bij het Nederlands Kankerinstituut (NKI). Ze was aangesteld voor vier jaar, maar na twee jaar verliep haar werkvergunning. Het instituut moest advertenties plaatsen en sollicitanten uitnodigen om te bewijzen dat het niemand anders kon vinden om het project, waar Laoukili al twee jaar aan werkte, voort te zetten. ,,Ik moest maar afwachten of ik kon blijven. En dat terwijl je als onderzoeker al constant onder druk staat. Onderzoek doen is niet makkelijk, je carrière is afhankelijk van je resultaten.'' Voor onderzoekers zoals zij zou het niet zo moeilijk moeten zijn om toegelaten te worden, vindt Laoukili. ,,Ik heb ruim tien jaar gestudeerd, ik betaal belasting en ik werk keihard. Ik draag iets bij aan dit land.''

Door kennismigranten voortaan een voorkeursbehandeling te geven, moet Nederland voor hen een aantrekkelijker bestemming worden. ,,Een kenniswerker kan kiezen waar hij heen gaat'', vertelt Sip Nieuwsma, arbeidsmarktdeskundige van werkgeversorganisatie VNO-NCW. ,,Engelstalige landen hebben sowieso de voorkeur. Als in Nederland dan veel obstakels zijn, hoeft het voor hem niet meer. Doordat er nu één loket is, zullen waarschijnlijk meer kennismigranten hiernaartoe komen.'' Ook zullen bedrijven zich volgens hem eerder vestigen in een land waar ze met weinig moeite werknemers uit de hele wereld kunnen aannemen.

De werkgeversvereniging is blij met het kennisloket, maar onderhandelt nog met de overheid of er meer mogelijk is. Zo gaan waarschijnlijk de kosten voor een verblijfsvergunning omlaag. In totaal is een kennismigrant die vijf jaar blijft nu 1.655 euro kwijt aan een verblijfsvergunning en de verlenging daarvan. Volgens de nieuwe regels hoeft een kennismigrant zijn vergunning niet te verlengen, en betaalt hij in vijf jaar 618 euro. Minder gewenste immigranten hebben pech, voor hen worden de vergunningen een stuk duurder. Overigens is 618 euro veel meer dan omringende landen vragen. Een andere wens van VNO-NCW is dat partners van kennismigranten ook geen werkvergunning meer nodig hebben en dus makkelijker in Nederland aan de slag kunnen.

Multinationals in Nederland hebben vaak buitenlanders in dienst. Alexandra Middendorp van levensmiddelenconcern Unilever legt uit dat dat nodig is omdat het bedrijf zijn producten in honderdvijftig landen verkoopt. Ze schat dat er zo'n 55 nationaliteiten op het hoofdkantoor van Unilever rondlopen. ,,Nederlanders kunnen niet weten wat de eetgewoonten zijn op het platteland van India. Dat geldt ook voor wasmiddelen. In India is het belangrijk om heel wit te wassen. Die expertise haal je daarvandaan.''

Het Nederlands Kankerinstituut en de universiteit van Delft willen de meest geschikte onderzoekers, daarom hebben ze kennismigranten in dienst. Joop Lems: ,,De vakgebieden zijn klein, een hoogleraar is op de hoogte van wat er op wereldniveau gebeurt. Dan hoort hij van een buitenlandse collega: die jongen is goed, die moet je nemen.''

Het aantal Nederlanders dat wil promoveren is beperkt. Lems:,,Nu het minder gaat met de economie zijn het er meer, maar een tijdje geleden werden studenten zo uit de collegebanken geplukt door Akzo of Shell.'' Intussen daalt het aantal studenten dat een bètaopleiding doet gestaag.

Het is afwachten hoeveel meer kennismigranten dankzij de nieuwe regels naar Nederland zullen worden gehaald. Instellingen die nu al met kennismigranten werken, zullen dat niet opeens vaker gaan doen. ,,Zo werkt het niet'', zegt Lems. ,,Je zoekt de juiste mensen en die haal je hierheen.'' De moeite die dat nu kost, is voor de universiteit geen belemmering. Ook Unilever zal geen extra werknemers naar Nederland halen. ,,We gaan geen mensen heen en weer schuiven voor het schuiven.''

Een toename zou moeten komen van bedrijven die zich tot nu toe niet aan de lange procedures waagden. Nieuwsma van VNO-NCW schat in dat kennismigranten uit Oost-Europa voor het midden- en kleinbedrijf interessant kunnen zijn. Maar het kennisloket is tot eind dit jaar alleen nog open voor werkgevers die al eerder kennismigranten hierheen haalden.

Kennismigranten krijgen volgens de nieuwe regels een verblijfsvergunning voor de duur van hun contract en voor maximaal vijf jaar. Wie vijf jaar rechtmatig in Nederland woont, mag blijven. Laoukili denkt erover om dat te doen. ,,Ik geloof dat mensen dat niet leuk vinden. Die denken: weer zo'n immigrant die wil blijven. Maar ze begrijpen niet dat er in Marokko geen geld is voor onderzoek. Als ik terugga, kan ik daar alleen lesgeven.''

Yawalkar daarentegen verheugt zich op zijn terugkeer naar India. Zijn contract, en dus zijn verblijfsvergunning, loopt in april af. Alleen volgt zijn vrouw inmiddels een masteropleiding architectuur in Delft die ze pas volgend jaar december afrondt. Yawalkar zal zijn vrouw weer een aantal maanden moeten missen.