`Na de invasie was mijn land naakt'

De Iraakse toneelschrijver Jawad Al-Asadi kon na de val van Hussein terug naar zijn land. Maar blij met de huidige toestand is hij niet. Een toneelstuk van hem is te zien in Londen.

Hij leefde 26 jaar in ballingschap en dankzij de val van Saddam Hussein kon hij vorig jaar terug naar Bagdad om er een van zijn toneelstukken te regisseren. Maar in Londen is hij in zekere zin op bezoek bij de vijand, vindt hij, omdat de bevrijding nu in haar tegendeel is omgeslagen.

,,Mijn land wordt mede door dit land bezet'', zegt de Iraakse toneelschrijver en regisseur Jawad Al-Asadi. ,,Britten en Amerikanen dragen in Irak de kleren van verlichting en democratie, maar daaronder blijkt barbarij te zitten. Waarom is een raadsel.''

Al-Asadi (1949) is in het Londense East End om de Britse première van zijn toneelstuk Women in War bij te wonen. Het stuk, geschreven voor de Amerikaans-Britse inval van 2003, portretteert drie vrouwen uit verschillende delen van Irak die in Duitsland wachten op een beslissing over hun asielaanvraag. Het maakt met drie andere stukken deel uit van War Stories, een project van AZ Theatre, een toneelgezelschap dat zegt te geloven in het ,,theater als klaaglied'' en als ,,instrument om conflicten op te lossen''. Voor Al-Asadi was en is theater vooral een uitlaatklep voor machteloosheid. ,,Het Iraakse volk heeft dertig jaar in een reusachtige oven gezeten'', zegt hij. ,,Die hitte voel je ook als balling, maar je kunt er niets aan veranderen. Je staat overal buiten. Het theater is de enige plek waar ik personages kan scheppen die voor me spreken.''

Hij woonde onder meer in Libanon, Egypte, Bulgarije en kent ook Nederland, waar zijn moeder asiel kreeg en hij een prijs kreeg van het Prins Claus-fonds. Vorig jaar keerde zijn moeder terug naar haar geboorteland. Ook hij zelf ging terug en regisseerde vorige maand Women in War in een annex van het Institute of Fine Arts, de kunstschool van Bagdad, die temidden van autobommen en ontvoeringen is blijven doordraaien. De drie vrouwen in het stuk zijn samen in ballingschap, maar zoeken verschillende uitwegen: in religie, in glasharde ontkenning of in een droomwereld. Hun vriendschap is gedoemd en asiel krijgen ze ook niet. Die sombere boodschap, die model stond voor Irak, is volgens Al-Asadi door de laatste oorlog niet verbeterd. Integendeel, zegt hij. ,,Voor de oorlog was er nog hoop dat we één volk konden worden, nu voelen veel mensen zich juist helemaal verloren.''

De voorstelling in Bagdad ,,was zo intens, dat het leek alsof acteurs en publiek samen in de cel zaten'', zegt hij. En dat kwam niet alleen omdat het zweet de toeschouwers van de gezichten droop in de Iraakse hitte. Al-Asadi is maar matig tevreden dat de regisseur van de Britse opvoering, Jonathan Chadwick, het stuk heeft bekort om tijd te winnen voor de twee andere `oorlogstoneelstukken' die op dezelfde avond gespeeld worden. ,,Zo kun je de ontwikkeling van mijn personages minder goed volgen: het wordt te simpel'', zegt hij. Om eraan toe te voegen dat het ,,pure'' en ,,spontane'' spel van de merendeels jonge cast iets goed maakt.

Al-Asadi erkent dat de Amerikaans-Britse invasie hem in staat heeft gesteld om opnieuw als kunstenaar in Irak te werken. Als Irak één ding nodig heeft is het wel dat schrijvers en andere kunstenaars terugkeren. ,,Want ik geloof dat cultuur mijn stad kan rehabiliteren. Ik hoopte dat een verlicht Iraaks volk zijn vrijheid in eigen hand kon nemen na de bevrijding van het bewind van Saddam. Maar dat ideaal lijkt nu verder weg dan ooit, omdat er geen echt leven is in Bagdad nu de invasie permanent lijkt geworden. Irak is een doodlopende weg ingeslagen.''

Over de chaos in zijn land is hij niet verbaasd, omdat de `bezetters' die deels zelf hebben veroorzaakt. ,,Door de mishandelingen in de Abu Ghraib-gevangenis en omdat ze wel een plan hadden om Saddam omver te werpen, maar niet voor de situatie erna. Ze hebben de geschiedenis van Irak niet gelezen, wisten niets van de tradities. Na de invasie was mijn land naakt.''

Terugtrekking van de troepen is geen oplossing, erkent hij. Een ,,radicale dialoog tussen de Irakezen en de bezetter'' is alleen een begin. Voorlopig houdt Al-Asadi's machteloosheid noodgedwongen aan en blijft de vrijheid een droom voor de planken. En zelfs daar misschien niet.

Women in War. Tot 27/11 in `War Stories', met de stukken `Strive' (Stephen Lowe), `Atsumori' (Motokiyo Zeami) en `Until He Hums Again' (Eunice Wanjiru). Oh!art, Oxford House, Derbyshire St, London E2; di-za 19u45; www.aztheatre.org.uk en 00-44-20-7739 9001