Het oog van Toon

Tijdens zijn leven heeft Toon Hermans nooit een schilderij verkocht, maar volgende week brengen zijn erven 76 werken ter veiling. Herman van Veen ziet ze liever in een museum.

Het zelfportret is het duurste. Het is waarschijnlijk geschilderd in de jaren zestig, in het huis dat Toon Hermans destijds bewoonde in Zandvoort, en het staat in de catalogus voor 10 à 15.000 euro. De kunstenaar draagt een muts van papier, maar een bijbehorend prethoofd ontbreekt. Zijn blik is zelfs ietwat argwanend. Het is dezelfde blik die hij in 1989 afbeeldde op een bijna egaal, groengeel doek, dat nu op 6 à 8.000 euro wordt geschat. We zien alleen maar een linkeroog dat door een gaatje kijkt – zijn eigen oog, herkenbaar hemelsblauw, zoals hij ongetwijfeld jarenlang vóór de voorstelling door een gaatje in het doek naar het binnenkomende publiek heeft gekeken.

Volgende week worden 76 schilderijen van Toon Hermans geveild bij Christie's in Amsterdam. Het is een primeur, want zelf heeft de in 2000 overleden artiest nooit iets verkocht. Hij schilderde voornamelijk voor zichzelf; de meeste schilderijen zijn niet eens gesigneerd, en op één na – het oog – dateerde hij ze evenmin. Ook exposeren was er niet bij. Pas een jaar na zijn dood kwam er, min of meer bij toeval, een tentoonstelling in het Singer Museum in Laren. Eigenlijk waren Hermans' zonen alleen maar komen vragen of er misschien ruimte in het depot was om de doeken van hun vader op te slaan. Die ruimte had Singer niet, maar men wilde wel een overzichtstentoonstelling.

Zo hingen daar toen 65 werken voor het eerst bij elkaar, als de fleurige oogst van een zondagsschilder die zo ongeveer alles had uitgeprobeerd wat er de afgelopen anderhalve eeuw in de picturale schilderkunst was ontwikkeld. Het resultaat liep uiteen van dromerig tere landschapjes en stillevens naar impressionistisch voorbeeld tot de veel robuuster gepenseelde contouren van witte huizen in het heuvelachtige Limburg. Nimmer had de kunstenaar zich, zo te zien, bekommerd om techniek of theorie. ,,Als ik hoor hoe het allemaal zou `moeten' in de compositieleer en dergelijke, ontgaat me de lust tot het schilderen'', schreef hij eens. In de Singer-selectie ontbraken alleen een paar pogingen tot pure abstractie; die waren nooit zo goed gelukt, aldus zoon Maurice Hermans die de artistieke nalatenschap van zijn vader beheert.

Wegens de grote toeloop moest de looptijd van de tentoonstelling een paar keer worden verlengd, maar tenslotte was het toch voorbij en deed zich opnieuw het probleem van de opslag voor. Tot directeur Jop Ubbens van het veilinghuis Christie's de zonen benaderde met de suggestie een aantal doeken onder de hamer te brengen.

Maurice Hermans wil niet ingaan op de vraag hoe deze veiling zich verhoudt tot het feit dat zijn vader altijd weigerde een schilderij te verkopen. ,,Er zijn drie zonen'', zegt hij, ,,en om te voorkomen dat die alle drie iets anders zeggen, hebben we gezamenlijk een woordvoerder aangesteld.'' Voor nader commentaar verwijst hij naar het Amsterdamse pr-bureau van Loliet Enneking. Zij schrijft de verkoop desgevraagd toe aan het opslagprobleem: ,,De familie kan moeilijk alles houden. Wel hebben de kinderen er een aantal werken uitgehaald, die ze niet willen afstaan.'' Daartoe behoren ongetwijfeld de portretten die Hermans maakte van zijn vader (op zijn paasbest, zoals in het liedje Vader gaat op stap), zijn aanzienlijk minder schilderachtige moeder en zijn zoontje Gaby.

Op een paar uitschieters na staan de meeste schilderijen in de catalogus voor bedragen van 2 tot 6.000 euro. Een vast referentiekader voor de taxatie van zulk werk is er niet, beaamt een woordvoerder van Christie's. In dit geval zijn de richtprijzen onder meer gebaseerd op ,,de vele biedingen van fans die indertijd werk van Toon bij hem aan de muur zagen hangen''. In totaal zou de veiling minimaal 250.000 euro moeten opleveren. Een deel is bestemd voor de Toon Hermans Huizen in Sittard, Venlo, Maastricht, Amersfoort en Waalwijk, waar kankerpatiënten ,,steun, begrip en rust'' kunnen vinden. Hoe groot dat deel is, wil Christie's echter niet zeggen: ,,We houden de spanning er nog even in tot na de veiling.''

Eén man heeft intussen al openlijk blijk gegeven van twijfels over de verkoop van schilderijen die niet voor de verkoop werden geschilderd. ,,Zijn er geen iemanden zo rijk om al die vrolijke kunstwerkjes van hem te kopen'', schrijft de in Hermans' voetsporen getreden Herman van Veen op zijn website, ,,zodat wij in een Hermans-museum kunnen zien dat hij niet alleen een groot clown was, maar zeker zo'n groot schilder? Zo'n thuis moet toch in dat glooiende Limburgse land te vinden zijn?''

Christie's, Corn. Schuytstraat 57, Amsterdam; kijkdagen 19 t/m 22/11, veiling 22/11. Inl. (020) 575.5262, www.christies.com