`Onderwijs is geen uitgave, maar een investering'

Nederland moet zijn uitgaven aan onderwijs en onderzoek fors opvoeren, vindt SER-voorzitter Wijffels. ,,Kennis is de drager van onze welvaart.''

Wat er mis is in Nederland? Nou, dit bijvoorbeeld. ,,Dat onderwijs als consumptieve uitgaven worden gezien, in plaats van als investering in onze eigen toekomst. Dat is een fundamentele denkfout en dat moet veranderen'', zegt Herman Wijffels.

De voorzitter van de Sociaal-Economische Raad en lid van het Innovatieplatform presenteerde vanmiddag zijn rapport `Vitalisering Kenniseconomie'. Aan het werkstuk hebben behalve Wijffels onder anderen mensen van het energieconcern Shell, het elektronicaconcern Philips, het ministerie van Economische Zaken en de TU Twente gewerkt. De belangrijkste boodschap is dat Nederland meer moet investeren in wetenschappelijk onderzoek. En dan bij voorkeur in die sectoren waarin Nederland een goede reputatie heeft zoals voedingstechologie en waterbouw.

Het is `de Nederlandse kennisparadox'. Wetenschappelijk onderzoek van hoog niveau, een goed opgeleide bevolking en een hoog aantal octrooien per hoofd van de bevolking. Waar het al jaren aan schort, is het omzetten van die kennis in commerciële toepassingen. Universiteiten en andere kennisinstituten werken te weinig samen met het bedrijfsleven. Dit geldt vooral voor het midden- en kleinbedrijf, dat de weg naar de onderzoekers maar moeizaam weet te vinden.

Maar er wordt ook domweg te weinig geld geïnvesteerd in onderzoek & ontwikkeling, vindt Wijffels. Dat wordt duidelijk uit de kennisinvesteringsquote: een staafdiagram met de uitgaven aan onderwijs en onderzoek, privaat of publiek gefinancierd.

Zuid-Korea besteedt daaraan 11,1 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Zweden: 10,8. De Verenigde Staten: 10,2. Pas na Denemarken, Finland, België, Duitsland, Japan en het Verenigd Koninkrijk, komt Nederland met 6,8 procent. Wat bovendien opvalt, is dat het overgrote deel hiervan wordt besteed aan publiek onderwijs. Het zijn de uitgaven voor onderzoek waarin Nederland laag scoort, en dan vooral het particulier gefinancierde onderzoek. Maar ook de uitgaven voor publiek onderwijs zijn aan de magere kant, en die worden bovendien niet gecompenseerd door hoge uitgaven in particulier onderwijs, dat in Nederland nauwelijks bestaat.

Het Nederlandse bedrijfsleven investeert te weinig in nieuwe producten en technieken, en dat is op termijn funest voor een land dat het vooral van kwaliteit moet hebben. Het bedrijfsleven is dus aan zet? ,,Zeker'', zegt Wijffels. ,,Maar de overheid kan het bedrijfsleven wel stimuleren. Een van de suggesties die wij aan het kabinet doen is om het aantal stimuleringsmiddelen verder uit te breiden. Een lager tarief in de vennootschapsbelasting voor inkomsten uit research bijvoorbeeld.'' Andere mogelijkheden: het fiscaal bevorderen van legaten en schenkingen, en een vast deel van de opbrengsten van loterijen of van liefdadigheidsfondsen reserveren voor de wetenschap.

Is de alma mater zo armlastig geworden dat ze om een aalmoes moet bedelen bij loterijen? ,,We zijn te sterk geörienteerd op publieke middelen. In landen als de Verenigde Staten, maar ook Europese landen, is het veel gebruikelijker om geld te schenken aan scholen en universiteiten. We moeten de wetenschap in Nederland als `goed doel' op de kaart zetten.''

De werkgroep-Wijffels stelt daarnaast een fundamentele verandering voor in de financiering van het onderzoek bij universiteiten. Nu ligt het rijksdeel (de eerste geldstroom) voor een belangrijk deel vast. Al twintig jaar krijgen universiteiten en hogescholen ongeveer hetzelfde budget. De werkgroep adviseert om daarmee te breken en de financiering prestatieafhankelijk te maken. Eerst als experiment met een budget van 200 miljoen euro, later misschien voor een groter deel.

Verwacht Wijffels dat de voorstellen voor belastingverlaging voor onderzoek in goede aarde zullen vallen bij minister Zalm? ,,Ik verwacht geen groot enthousiasme. Maar ook in het kabinet zal iedereen moeten inzien dat kennis de drager van onze welvaart is. Dat vereist een omslag in het denken.''