Iran testcase voor `andere' aanpak van EU

Tevreden geluiden gisteren in de Europese hoofdsteden naar aanleiding van het akkoord tussen Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië en Iran over de nucleaire activiteiten van het laatste land.

Het was weliswaar nog maar een voorzichtig begin, maar desondanks durfde Javier Solana, buitenlandcoördinator van de Europese Unie, toch al de woorden ,,nieuw hoofdstuk'' in de mond te nemen. ,,We willen een bestendig en langdurig samenwerkingsverband met Iran. Deze overeenkomst opent hiervoor de weg. Het biedt de mogelijkheid voor het begin van een nieuw hoofdstuk in onze betrekkingen'', aldus Solana. De Britse minister van Buitenlandse Zaken Jack Straw viel hem bij.

Zalvende woorden die een prima illustratie vormen van de `andere' buitenlandpolitiek zoals de Europese Unie deze voorstaat. Een politiek waarbij niet het dreigen met sancties en in het uiterste geval gewapend optreden voorop staat, maar het paaien met samenwerking. Of, zoals Ben Bot, de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken die thans als roulerend voorzitter van de Europese Unie fungeert, het al enige tijd uitdrukt: de carrots-and-stick-benadering.

Minister Bot noemde eerder als voorwaarde dat het moest gaan om ,,volledige en blijvende opschorting van opwerkings- en verrijkingsactiviteiten'' van Iran. Zover is het nog niet. Teheran beklemtoonde afgelopen weekeinde dat het om een tijdelijke opschorting gaat. Maar voor de Europa gold vooral het woord opschorting. Het voorkomt op korte termijn een gang naar de Veiligheidsraad, waar de Verenigde Staten mee dreigden.

Er is nu tijd gekocht. Europese diplomaten lieten gisteren weten dat de besprekingen met Iran over een definitieve oplossing volgende maand beginnen. Voor de Europese onderhandelaars geldt vooreerst dat er een voet tussen de deur is gezet en dat het gesprek met Iran kan worden voortgezet om uiteindelijk tot een brede, controleerbare overeenkomst te komen over economische en technologische samenwerking.

Zolang er gesproken wordt kan Iran zich niet isoleren. Maar het gesprek blijft trekken vertonen van de overvaller die een baan als beveiligingsbeambte krijgt aangeboden. Ook op dit vlak heeft Europa echter inmiddels enige ervaring sinds de nog niet zo lang verguisde Libische leider Gaddafi in diverse hoofdsteden weer allervriendelijkst wordt ontvangen.

Praten en proberen in te kapselen, dat is het leidend beginsel van de Europese buitenlandse politiek. Als alternatief voor de directe confrontatie.