Taalboeken

Nu Sinterklaas weer in aantocht is, zijn veel mensen op zoek naar een mooi/goed/interessant/nuttig boek om cadeau te geven. Mocht u een taalboek zoeken, dan wil ik u de onderstaande titels in overweging geven.

Nicoline van der Sijs: Taal als mensenwerk: het ontstaan van het ABN. Sdu, 718 blz., €54,49.

Wat mij betreft het belangrijkste taalboek van het afgelopen jaar. Over het algemeen zijn taalkundigen van mening dat taal niet maakbaar is. Dit mag waar zijn voor het heden, Van der Sijs laat zien dat het niet gold voor het verleden. Het Standaardnederlands zoals wij dat nu kennen, stelt zij, is voor een deel in de 16de en 17de eeuw in elkaar geknutseld door wetenschappers en schrijvers. Let wel: dit is geen makkelijk boek, maar vernieuwend en zeer de moeite waard. H. Brandt Corstius noemde het onlangs in deze krant een ,,magistrale studie''. Overigens schrijft Van der Sijs niet alleen over het verre verleden. Zij besteedt ook aandacht aan diverse hedendaagse onderwerpen, zoals spellingherzieningen, ideeën over taalverloedering, de verschillen tussen de standaardtaal in Nederland en Vlaanderen enzovoorts.

Jaap Engelsman: Bekende citaten uit het dagelijks taalgebruik. Sdu, 559 blz., €39,90.

Na de moord op Theo van Gogh zei burgemeester Job Cohen dat Van Gogh opereerde in de geest van de Franse filosoof Voltaire. ,,Met iedereen oneens, maar altijd op de barricades om dat recht te verdedigen.'' Cohen verwees hiermee naar de uitspraak ,,Ik ben het niet eens met wat u zegt, maar ik sta met mijn leven in voor uw recht om het te zeggen.'' Maar heeft Voltaire dit ook werkelijk gezegd?

Nee dus. ,,De toeschrijving aan Voltaire is onhoudbaar. In tientallen jaren van speurwerk heeft niemand zo'n passage in het werk van Voltaire kunnen aanwijzen. De oorsprong ligt dan ook in een modern boek óver Voltaire'', schrijft Jaap Engelsman in Bekende citaten, een prachtig boek waarin hij het doopceel licht van 250 gevleugelde woorden. In drieënhalve bladzij zet Engelsman uiteen hoe die toeschrijving aan Voltaire tot stand is gekomen en wat daar in de internationale literatuur over te doen is geweest. Hij doet dit ook voor onder meer ,,het wordt nooit meer zoals het was'' (niet zo gezegd door Joop den Uyl), ,,als de wereld vergaat, ga ik naar Nederland, want daar gebeurt alles vijftig jaar later'' (niet van Heine), en ,,dan liever de lucht in'' (niet de laatste woorden van Van Speyk). Van verreweg de meeste citaten weet Engelsman de maker trouwens wél te traceren. Hij gaat steeds terug naar de bron, geeft varianten, bronverwijzingen en dat allemaal in een prettig leesbare tekst.

J.B. Glasbergen: Beroepsnamenboek.

L.J. Veen, 575 blz., €45,00.

Genealogen, historici en archiefmedewerkers stuiten in oude documenten vaak op beroepsnamen die ze moeilijk kunnen thuisbrengen. Wat deed bijvoorbeeld een balsanenmaker, een darinkdelver of een flessiaan? En waarmee verdiende een jezusmaker, een ravodeur of een waterbrander z'n centen? Zelfs historische woordenboeken, zoals het Woordenboek der Nederlandsche Taal, laten u op dit punt vaak in de steek. Om in deze leemte te voorzien bracht J.B. Glasbergen in dit dikke boek de namen van 25.000 beroepen bijeen. De meeste namen zijn voorzien van een eeuwaanduiding, een vindplaats en een verklaring. Ze zijn alfabetisch geordend in korte, zakelijke lemma's. Een voorbeeld: bij ravodeur staat simpelweg ,,17 [= 17de eeuw], ravodeuse, `voddenraper resp. voddenraapster'.'' Bij andere lemma's staan af en toe citaten uit gildenkeuren, plakkaatboeken, octrooiaanvragen, stadsrekeningen, advertenties en gevelopschriften. Het gaat om beroepsnamen die werden gebruikt in de periode 1300-1900 in Nederland en België. Glasbergen is gelukkig niet preuts: hij vermeldt ook het oudste beroep ter wereld.