In Falluja is het erop of eronder

Al is de militaire tactiek nog zo goed, zonder een goede politieke strategie ten aanzien van de soennieten zal Amerika in Irak niets tot stand brengen, meent Fareed Zakaria.

Waarschijnlijk wordt Falluja hoe dan ook een keerpunt in de oorlog. De ene mogelijkheid is dat het een beslissende slag blijkt tegen de revolte, en dus het sein voor vergelijkbare operaties in andere steden, die verkiezingen in januari mogelijk zullen maken. De andere mogelijkheid is dat het op de opstand als geheel weinig effect heeft, en dan zal Irak zeer instabiel blijven. In dat geval wordt Falluja voor Irak wat Tet was voor Vietnam: het punt waarop duidelijk werd dat de opstand veel groter, wijder verbreid en taaier was dan tot dusverre was aangenomen.

Maar het is nog te vroeg om te zeggen hoe het zal uitpakken. De operatie in Falluja is een militair succes geworden in de zin dat de Amerikaanse troepen de stad in handen krijgen. Maar denk eens aan de gevolgen: de leiders van de opstand, zoals Abu Mussab al-Zarqawi, zijn niet gevangen of gedood. Kennelijk zijn de meesten van hen, en hun strijders, de stad ontvlucht.

In verscheidene andere steden hebben de opstandelingen hun aanvallen opgevoerd. In Mosul, de derde stad van Irak, en meer dan driemaal zo groot als Falluja, heerst nu chaos. De opstandelingen hebben vele politieposten in de stad platgebrand, de gevangenissen opengezet en zwerven nu door de stad.

Na raketaanvallen op vliegtuigen is het vliegveld van Bagdad voor onbepaalde tijd gesloten.

Het Verbond van Islamitische Geleerden, een gezaghebbende groep soennitische leiders, heeft in reactie op de operatie in Falluja de soennieten opgeroepen om de verkiezingen te boycotten.

De Iraakse Islamitische Partij, de enige soennitische groep die van meet af aan met de Amerikanen heeft samengewerkt – ze had zitting in de eerste Regeringsraad onder Paul Bremer – heeft haar steun aan de voorlopige regering van premier Ayad Allawi ingetrokken.

Daarbij moeten wij bedenken dat het er in de strijd tegen een opstand – en daar hebben de Verenigde Staten op het moment in Irak mee te maken – bovenal om gaat de ideeënoorlog en de politiek-militaire strijd om de macht te winnen. Het zwaartepunt van de operaties ligt in zo'n geval bij de plaatselijke bevolking. Het verwerven en behouden van haar steun is cruciaal. Terreinwinst is minder belangrijk dan het uitschakelen van steun aan de opstandelingen.

Vindt u dit een beetje een slappe analyse?

Ik heb haar niet bedacht. De zinnen hierboven zijn ontleend aan het jongste handboek van het leger voor bestrijding van opstanden (FMI 3-07.22). Het is geheime informatie, die echter volop beschikbaar is op internet.

In praktische doelstellingen vertaald gaat het er in Falluja om, verkiezingen in soennitisch gebied mogelijk te maken, opdat de regering die na die verkiezingen wordt gevormd de steun krijgt van de hele bevolking, inclusief de soennieten. Als daarentegen de kans groter lijkt dat Falluja leidt tot een soennitische boycot van de verkiezingen, wat is er dan eigenlijk bereikt? Als de anti-Amerikaanse gevoelens onder de bevolking erdoor worden verhevigd, is de prijs dan niet te hoog geweest? Als door Falluja de sympathie voor en steun aan de opstandelingen toenemen, zullen daardoor nieuwe toevluchtsoorden ontstaan, terwijl er één werd vernietigd.

Het ziet er steeds minder naar uit dat de verkiezingen in Irak volgens plan zullen plaatsvinden. De veiligheidssituatie in de rest van het land verslechtert. Artsen Zonder Grenzen, CARE en het International Rescue Committee – drie gerespecteerde humanitaire organisaties – verlaten het land. Polen, Hongarije, Singapore en Thailand verminderen allemaal hun troepenmacht.

Het politieke probleem in Irak, ik heb het al vaker betoogd, is het gebrek aan een soennitische strategie. De Verenigde Staten hebben een shi'itische strategie gehad voor de meerderheid in Irak, en een Koerdische strategie voor die groep. Maar wat de soennieten betreft hebben zij geen andere strategie gevolgd dan alle machtsstructuren waarin de soennieten het voor het zeggen hadden – het leger, de politie, de bureaucratie – te vernielen, en te verkondigen dat de shi'ieten onvermijdelijk de macht zouden krijgen. ,,De soennieten zullen de nieuwe regels moeten accepteren'', zei een regeringsfunctionaris eens tegen mij. Wel, dat hebben ze niet gedaan. Al is de militaire tactiek nog zo goed, zonder een goede politieke strategie ten aanzien van de soennieten zal ze niets tot stand brengen.

Allawi, een hard, wijs man, ziet de noodzaak van zo'n politieke benadering in. Hij heeft soennitische leiders de hand gereikt. Hij heeft hun feitelijk amnestie aangeboden, ook al hebben de Verenigde Staten in hun dwaasheid geprobeerd dat te verhinderen. Maar hij heeft maar beperkt succes gehad.

Misschien is de situatie al te ver heen en was wat hij bieden kon te mager en kwam het te laat. Daarom heeft hij ingestemd met de aanval op Falluja, in de hoop dat daardoor de dynamiek zou veranderen.

Falluja zal ook voor Allawi een keerpunt zijn. Als de aanval slaagt, is hij in de ogen van de mensen een winnaar en zal hij een grootmoedige overwinnaar zijn. Gaat het mis, dan krijgen zijn geloofwaardigheid en zijn populariteit, die nu al tanende zijn, een vreselijke klap. Men zal hem beschouwen als een marionet van de Amerikanen – onbemind, niet effectief, niet in staat het geweld een halt toe te roepen. En dan zitten wij in Irak écht in de problemen.

Fareed Zakaria is columnist van Newsweek.

© Newsweek.