Tien dagen crisis

Wat gebeurde er sinds de moord op Theo van Gogh en hoe reageerden politici daarop? Wanneer sprak Van Aartsen van terreur en Zalm van oorlog? En wat zei Balkenende?

Dinsdag 2 november

8.45 uur, de Linnaeusstraat in Amsterdam. Filmmaker en columnist Theo van Gogh wordt op het fietspad ingehaald door een man die op hem begint te schieten. Hij overlijdt ter plaatse. Na een schietpartij in het Oosterpark volgt de aanhouding van een 26-jarige man van Marokkaans-Nederlandse afkomst.

Verslaggevers op het Binnenhof en in de Tweede Kamer vragen ministers en fractieleiders vrijwel meteen naar hun reactie. De politici gebruiken woorden als `geschokt' en `verbijsterd'. Minister Remkes (Binnenlandse Zaken) laat zich na een (reeds geplande) vergadering met het hoofd van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD), Van Hulst, ontvallen dat de verdachte mogelijk een bekende van de veiligheidsdiensten is. ,,Maar dat is nog iets anders dan honderd procent zekerheid.''

Hieruit trekt fractieleider Van Aartsen (VVD) voor het radiojournaal van twaalf uur als eerste politicus de conclusie dat de moord wellicht een terroristische aanslag is: ,,Iedereen zegt in deze uren dat we nog niet alles weten. Maar als ik de minister van Binnenlandse Zaken zojuist hoor zeggen dat er sprake is van een bekende van de inlichtingendiensten, zegt mij dat natuurlijk het nodige. En dan moet je bijna – en ik zeg er ook direct bij: `met een vraagteken' – je afvragen: is dit dan niet een terroristische moord?''

Premier Balkenende gaat zover niet, wanneer hij om half één een persconferentie geeft op Algemene Zaken. Hij zegt onder meer: ,,Ik wil een beroep doen op iedereen om niet direct vergaande conclusies te trekken. De feiten moeten zorgvuldig op een rij gezet worden. Laten wij de opsporingsdiensten hun werk laten doen. [...] Het is onaanvaardbaar wanneer het uiten van een vrije mening de oorzaak van deze brute moord zou zijn. Nederland is een land waarin mensen voor hun mening kunnen uitkomen. Daar moeten we met elkaar voor staan.''

Op de Dam in Amsterdam komen 's avonds naar schatting 20.000 mensen bijeen voor een door burgemeester Cohen aangekondigde `kabaalbijeenkomst'. Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie) is op eigen verzoek één van de sprekers. Ze zegt: ,,We staan op een tweesprong. De keuze is haat en angst. Of wordt gezegd: tot hier en niet verder. Stoppen.''

De ministers Remkes en Donner (Justitie) sturen 's avonds een drie kantjes tellende brief aan de Tweede Kamer: ,,De verdachte is naar voren gekomen in lopende onderzoeken van de AIVD naar andere personen. De daaruit beschikbare informatie gaf geen aanleiding te veronderstellen dat hij voorbereidingen trof voor gewelddadige acties. [...] Gezien hetgeen thans bekend is moet ernstig rekening gehouden worden met het feit dat de verdachte handelde uit radicaal-islamitische overtuiging.''

Woensdag 3 november

Naast de vermoedelijke dader van de moord op Van Gogh, Mohammed B., worden nog acht personen aangehouden in Amsterdam: zes Marokkanen, een Spaanse Marokkaan en een Algerijn, in leeftijd variërend van 19 tot 27 jaar.

NRC Handelsblad schrijft dat de brief die op het lichaam van Van Gogh is achtergelaten teksten bevat waarin wordt opgeroepen tot de islamitische heilige oorlog. Op één van de opiniepagina's staat een artikel van Van Aartsen: ,,Het kabinet spreekt in zijn brief preuts van een `criminele daad'. [...] De jihad is brisanter en gevaarlijker voor onze samenleving dan clubs als Rara of de Hells Angels. De ontkenningsfase moet zo langzamerhand over zijn. [...] Deze mensen willen onze samenleving niet veranderen, maar vernietigen. Wij zijn hun vijand. En dat hebben we sinds 1940 niet meer gezien.''

Die avond pleit Van Aartsen in Nova voor meer informatie: ,,Ik vind bijvoorbeeld dat de Nederlandse samenleving er ook gewoon recht op heeft om te weten wat nou op die brief stond die op het lichaam van Van Gogh is gevonden.'' Ook laat hij zijn ongenoegen blijken over het vermeende `gebrek aan capaciteit' bij de AIVD: ,,Als er een probleem is met de capaciteit, moet dat gewoon opgelost worden. En dat is de taak van de minister van Binnenlandse Zaken. [...] Deze man had in de gaten gehouden moeten worden en in de groep van 150 opgenomen. Maak er dan de groep van 151 van.''

Donderdag 4 november

Premier Balkenende vertrekt voor twee dagen naar Brussel. Vice-premier Zalm is zijn directe vervanger. Donderdagavond tegen elf uur wordt de brief vrijgegeven die Mohammed B. achterliet op het lichaam van Van Gogh. Het blijkt een `open brief aan Hirsi Ali' waarin zij met de dood wordt bedreigd: ,,Sinds uw aantreden in de politieke arena van Nederland bent u constant bezig om de Moslims en de Islam te terroriseren met uw uitlatingen. [...] U heeft met al deze vijandelijkheden een boemerang losgelaten en u weet dat het slechts een kwestie van tijd is voordat deze boemerang uw lot zal bezegelen.'' In de brief worden ook de VVD in de Tweede Kamer, Van Aartsen en burgemeester Cohen genoemd.

De ministers Remkes en Donner lichten de brief, die tegen de zin van de Amsterdamse hoofdofficier van justitie De Wit is vrijgegeven, op een persconferentie toe. Donner: ,,Dit is verontrustend omdat de indruk wordt gewekt dat het niet uitsluitend gaat om een uiting die voortkomt uit één persoon, maar mogelijk uit een bredere beweging. Het is ook verontrustend door de implicaties daarvan voor de wijze waarop we hier in de toekomst kunnen samenleven.''

Eerder die avond heeft oud-premier Kok zich in Netwerk uitgelaten over de aanslag, in een vraaggesprek ter gelegenheid van zijn rapport over de Europese economie. Kok: ,,Ik was diep geschokt. Ik was er echt ... (hij laat een stilte vallen, red.) ... ik was zonder woorden. En ik heb me onmiddellijk afgevraagd: wat gaat dit betekenen voor de verhoudingen tussen groeperingen in de samenleving. Het is ook een aantasting van wat je toch dacht in marmer gebeiteld te hebben in Nederland: het vrije woord. [...] Maar de consequentie van wat nu gebeurd is, mag natuurlijk niet zijn dat het wij/zij-denken of het wij/zij-handelen verder wordt verscherpt. Dat is mijn zorg.''

Vrijdag 5 november

Op internet blijkt een brief te hebben gestaan waarin ook het Kamerlid Geert Wilders met de dood wordt bedreigd. De brief is ondertekend door Saifu Deen alMuwahhied. Die naam stond ook onder de brief op het lichaam van Van Gogh.

Om twee uur 's middags vraagt een verslaggever van het NOS-Journaal aan premier Balkenende in Brussel: ,,Deze groep rondom Mohammed B. is lange tijd in de gaten gehouden. Dat heeft blijkbaar weinig geholpen. Wat kunt u eigenlijk doen?''

Balkenende: ,,Door steeds waakzaam te blijven, door informatie te delen en door elkaar ook steeds voor te houden: het is een morele kwestie, dat we op deze manier nooit met elkaar om mogen gaan.''

Vice-premier Zalm staat na afloop van de ministerraad de pers te woord. Voor het RTL Nieuws verklaart hij: ,,Ik zeg het niet gauw, maar hier zal geld geen rol spelen. Dit moet gebeuren. We moeten dit beter aanpakken en harder aanpakken.''

De verslaggever: ,,Betekent dit dat het kabinet de oorlog verklaart aan deze vorm van terrorisme?''

Zalm: ,,Ja.''

De verslaggever: ,,Zo wilt u het kenschetsen: echt oorlog verklaren aan het terrorisme?

Zalm: ,,Ja.''

Later die avond vraagt de verslaggever van Met het oog op morgen: ,,Is het oorlog?''

Zalm: ,,We verklaren in ieder geval de oorlog terug. We gaan de oorlog aan om dit soort extremisme en radicalisme te bestrijden. Daar zullen we op alle fronten extra middelen voor inzetten.''

In IJsselstein worden 's avonds twee molotovcocktails tegen een moskee gegooid. Bezoekers blussen het vuur en voorkomen dat een auto vlam vat.

Zaterdag 6 november

's Ochtends vroeg proberen drie mannen de An Nasr-moskee in Huizen in brand te steken. Ze hebben een rugzak bij zich met terpentine, wasbenzine, spiritus en papier. Leden van de moskee betrappen hen op heterdaad.

De meeste kranten maken een kop van Zalms `oorlogsverklaring': `Kabinet verklaart terreur de oorlog' (Telegraaf en Trouw), `Moord begin heilige oorlog in Nederland' (Volkskrant) en `Zalm: We zijn in oorlog' (AD)

Zondag 7 november

Meer incidenten. Onbekenden proberen in de Archimedesstraat in Breda een moskee in brand te steken. Als de politie arriveert, is het vuur gedoofd.

In Rotterdam-West is de Mevlana-moskee zondagochtend doelwit. Een pallet wordt tegen de toegangsdeur gezet en in brand gestoken. Alleen de deur raakt beschadigd. Elders in Rotterdam blijkt een moskee te zijn volgeplakt met voor moslims beledigende teksten en met afbeeldingen van varkenskoppen. Ook in Groningen wordt geprobeerd brand te stichten bij een moskee.

Maandag 8 november

Omstreeks half vier 's morgens ontploft een bom bij de islamitische school Tarieq Ibnoe Ziyad in de Frankrijkstraat in Eindhoven. De ingang is ernstig beschadigd. In de omgeving van de school sneuvelen ruiten van woningen. Moslimorganisaties dringen aan op beveiliging van moskeeën. Minister Remkes vindt dat daar vooralsnog geen aanleiding toe is, aldus de Volkskrant. In NRC Handelsblad zegt hij dat zijn collega Donner niet ver genoeg wil gaan bij het aanpassen van de wet aan terreurdreiging.

Er is geen sprake van oorlog, verklaart premier Balkenende 's avonds tegenover het NOS Journaal.

De verslaggever: ,,Hebben de daders de oorlogsverklaring van het kabinet misschien iets te letterlijk genomen en zijn ze op deze manier de strijd aangegaan met de islam?''

Balkenende: ,,Je moet altijd de strijd aan binden tegen radicalisme, tegen extremisme, tegen terrorisme. Dat is wat nu aan de orde is. Laten we nu niet over woorden vallen. Het gaat om strijd tegen extreme uitingen, en zeker om een strijd tegen geweld.''

Maandagavond proberen onbekenden twee kerken in brand te steken in Rotterdam-West, een kerk in de Utrechtse wijk Kanaleneiland en een gebouw van de Pinkstergemeente in Amersfoort.

Dinsdag 9 november

Op begraafplaats De Nieuwe Ooster in Amsterdam wordt Theo van Gogh aan het eind van de middag gecremeerd. Zo'n 150 genodigden zijn bij het afscheid, dat live wordt uitgezonden door de NOS. Op de kist liggen een gsm en een agenda en staat een drankfles.

In het Journaal reageert PvdA-leider Wouter Bos 's avonds op wat in Den Haag wordt gezien als de `ruzie' tussen de ministers Remkes en Donner: ,,Gênant. Ronduit gênant. Theo van Gogh is nog niet gecremeerd en men is hier al aan het zwartepieten wie de schuld heeft. Waar het nu echt om gaat is dat we het in de hand houden, hard aanpakken waar hard aangepakt moet worden.''

Even daarvoor heeft de redactie van Netwerk Balkenende vastgelegd voor een interview die avond. De premier zegt: ,,Iedereen die op het ogenblik het nieuws volgt, die een moordaanslag ziet, die geweld ziet in de richting van een islamitische school, moskeeën, maar ook van kerken, die moet zich zorgen maken over het maatschappelijke klimaat.''

De interviewer: ,,Wat doet het kabinet concreet om de situatie te normaliseren?''

Balkenende: ,,U weet dat het kabinet al langer bezig is met het debat te stimuleren over de vraag: hoe gaan we met elkaar om. Zorgen dat mensen elkaar met respect tegemoettreden. Maar tegelijkertijd: als mensen over de schreef gaan, zich niks aantrekken van de eisen die een rechtsstaat en een rechtsorde stelt, dan moet je ook ingrijpen. Er is natuurlijk wel wat veranderd. Na elf september en de aanslagen in Madrid zijn de juridische mogelijkheden natuurlijk wel toegenomen om mensen aan te pakken die in de fout gaan en een bedreiging vormen voor onze rechtsorde.''

De interviewer: ,,Het lijkt allemaal nog niet echt te helpen?''

Balkende: ,,Nou, de juridische mogelijkheden zijn wel toegenomen, omdat we ons zorgen maken over de situatie. Ik ben wel blij dat tal van Nederlanders met elkaar in gesprek gaan. Het houdt mensen bezig. Ik ben blij dat vertegenwoordigers van islamitische organisaties afstand hebben genomen van handelingen die ontoelaatbaar zijn. In zo'n samenleving van toenemend geweld en toenemende risico's willen mensen niet leven.''

De interviewer: ,,Ondertussen worden wel moskeeën en scholen in brand gestoken.''

Balkenende: ,,Dat is iets wat iedereen op dit moment eigenlijk ter harte gaat. Dit geweld is onacceptabel. Ik maak me er boos over, mensen maken zich er boos over. Nederland is altijd een mooi land geweest.''

De uitzending van Netwerk is nog niet afgelopen als er een vuurzee ontstaat bij een islamitische school in Uden, Brabant. De school gaat in vlammen op.

Woensdag 10 november

Een inval 's morgens vroeg in een woning in het Haagse Laakkwartier mislukt. Één van de verdachten gooit een handgranaat, vier politieagenten raken gewond. Honderden manschappen van politie, marechaussee en leger worden ingezet. Aan het einde van de middag worden alsnog twee verdachte mannen uit de woning gehaald. Ook in Amsterdam (4) en Amersfoort (1) worden verdachten aangehouden. GroenLinks vraagt of koningin Beatrix een oproep tot verzoening en vredelievendheid wil doen.

De NOS doet de hele dag verslag van `het beleg' van Den Haag. ,,Het land staat in brand'', zeggen journaallezer Aldith Hunkar. Tegen twaalf uur tekent de televisie de eerste reactie op van de premier. Balkenende: ,,Op dit moment lopen zaken nog. Ik word door minister Donner op de hoogte gehouden. Het geeft wel aan dat we te maken hebben met een sfeer van verharding en dat je je zorgen moet maken wanneer mensen zich bedienen van instrumenten van geweld.''

De verslaggever: ,,Wat is er aan de hand met dit land?''

Balkenende: ,,Ik heb een tijdje geleden – toen ik terugkwam uit het ziekenhuis – gezegd dat ik me zorgen maakte over het klimaat van verharding. Op het ogenblik zien we dat dan weer moskeeën, hetzij islamitische scholen dan weer kerken... Er is echt alle reden dat we zo'n klimaat, wijzigingen die we nu in Nederland zien – om die krachtig te veroordelen.''

's Middags roept Balkenende in de Tweede Kamer mede namens koningin Beatrix de bevolking op te stoppen met geweldplegingen. Balkenende: ,,Van scholen blijf je af. Van moskeeën en kerken blijf je af. Van mensen die hun mening geven blijf je af. Iedereen dient goed te beseffen wat de regels zijn in dit land: geen geweld.''

De premier reist dan af naar de afgebrande islamitische Bedir-school in Uden. Tegen half vier wordt hij daar opgewacht door leerkrachten, ouders, kinderen buurtbewoners en pers.

Een moeder met hoofddoek: ,,De duidelijke oorzaak hiervan is Hirsi Ali. Is het niet belangrijk om haar eens duidelijk te maken dat ze respect moet hebben voor de islam? En dat zij nou eigenlijk degene is die dit als gevolg heeft? Of moeten wij dit maar pikken en haar zo maar laten praten?''

Balkenende: ,,We moeten nu oppassen...''

De moeder: ,,Ik vind dat dit gezegd moet worden, want dit is de oorzaak, de aanleiding.''

Balkenende: ,,Ik begrijp uw gevoel. Maar we hebben het net over de vrijheid van godsdienst gehad. Nederland is een land waar we het recht hebben om onze meningen naar voren te brengen.''

De moeder: ,,Als mensen vanuit de regering met dit soort uitspraken doorgaan, dan zal de samenleving constant met dit soort actie te maken krijgen.''

Balkenende: ,,U zegt: dit soort acties. Waar ik me echt zorgen over maak is: nu is het een moskee hier, dan is het een islamitische school, dan is het een kerk, en dan zijn het de huizen. [...] Laten we oog hebben voor elkaar. Laten we beseffen dat we één land, één volk zijn. Dat is het punt.''

Desgevraagd zegt Balkenende tegen journalisten dat het Kamerdebat dat is voorzien voor donderdag, wat hem betreft niet over posities van ministers zou moeten gaan. Balkenende: ,,Er is veel meer op het ogenblik aan de hand. Laten we vooral ook kijken hoe Nederlanders zich voelen. Dat een samenleving zich keert tegen extremisme en juist wil bouwen aan een samenleving waar de mensen goed met elkaar kunnen samenleven.''

Donderdag 11 november

Aan het begin van de middag spreekt premier Balkenende een uur met bewoners van het Haagse Laakkwartier. Na afloop verklaart hij: ,,Wat ik hier bij de bewoners merk, is dat men behoefte heeft aan saamhorigheid. Men heeft helemaal geen zin in het opkloppen van maatschappelijke tegenstellingen. En men is af en toe wel een beetje verbaasd hoe soms ook de pers zaken uit hun verband rukt. En soms ook zaken aanwakkert.''

Aan het eind van de middag begint in de Tweede Kamer het debat over de moord op Van Gogh. VVD-leider Van Aartsen is weer fel: ,,Ja'', zegt hij, ,,dialoog is fundamenteel, dat vinden wij ook. Niemand betwist dat. Maar je moet niet beginnen met praten over saamhorigheid, wederzijds respect en verantwoordelijkheid jegens elkaar. Ieder, wij ook, liberalen zeker, veroordelen krachtig de excessen op de scholen, de moskeeën en kerken waar brand werd gesticht. Dialoog is belangrijk, maar niet nummer één.''

Van Aartsen, zo wordt tijdens het debat duidelijk, kreeg pas twee dagen na de moord op Van Gogh persoonsbeveiliging. Hoofdofficier van justitie De Wit wist op de dag van de moord al dat zijn naam wordt genoemd in de dreigbrief op het lichaam van de filmmaker.

Over de concrete maatregelen die het kabinet voorstelt – zoals het weren van buitenlandse imams en het uitbreiden van de bevoegdheden van de AIVD – is nauwelijks discussie. Een motie van wantrouwen tegen Remkes, ingediend door Geert Wilders, krijgt van niemand steun. De minister van Binnenlandse Zaken maakt in de Kamer bekend dat met het politie-optreden twee dagen eerder een nieuwe moordaanslag is verijdeld.