Mannen, mannen, mannen

Mooi en nuttig, en prettig duidelijk. Mag ik desondanks toch een punt van kritiek noemen? De titels van de paragrafen zijn zo dat je vooral aan mannen denkt. Nu zal dat wel onvermijdelijk zijn 1) omdat mannen die hoofdrollen ook werkelijk speelden en 2) omdat de taal geen duidelijk onderscheid maakt tussen generiek en mannelijk meervoud. In paragraaf 7 is te zien waar dit exclusief mannenperspectief (pruiken = mannen) toe leidt. Er staat: `Iedereen is in principe te benoemen in elke politieke functie'. Ik vraag me af of dat waar is: waren vrouwen etc?

Daarom zou ik willen vragen om een enkele uitspraak die specifiek over vrouwen gaat en een herformulering van geciteerd zinnetje.