Laat een enkele terrorist niet alle huiskamers bedreigen

Media zijn zuurstof voor terreur en verspeiders van angst, vindt Maarten Huygen, de reizende commentator.

Wie in deze roerige tijden rust zoekt, moet zijn huiskamer ontvluchten en de straat op gaan. Daar blijkt in tegenstelling tot binnen weinig aan de hand te zijn. Het is fris, de laatste bladeren vallen, de buurman groet en de tram dendert langs.

Maar als je weer naar binnen gaat, en de televisie gaat aan, breekt het pandemonium los. Afgezette wijk, brandende moskeeën, bedreigingen, hitlijsten, brandstichting, woedende atheïsten tegenover verontwaardigde moslims, eindeloze gesprekken zonder nieuwe informatie en de rouwende vrienden van Van Gogh. Dat is nu al twee weken lang aan de gang en het einde is niet in zicht. ,,Eén vermoorden, honderdduizenden afschrikken'', zei Lenin al. Dankzij herhaling op herhaling wordt niemand overgeslagen.

Ik moest terugdenken aan de tvonthouder die ik twee weken geleden was tegengekomen bij een breinstorm over het jaar 2020 van het adviesbureau Twynstra Gudde waar ik te gast was. De Amsterdamse architect Jan Richard Kikkert kijkt al jaren niet meer. Hij volgt het nieuws alleen via internet en kranten. Ik bezag hem toen meewarig. Wat mis je niet zonder tv. Je hebt het toch zelf in de hand hoe lang je kijkt.

Nu ben ik jaloers op hem. Al die tijd die je steekt in het bekijken van heftige emoties van woede en verdriet, speculatie, herhaling van argumenten, gebeurtenissen die zich nog ontwikkelen. Het is heftig en boeiend, maar je hebt er uiteindelijk niets aan, want het gaat om de afloop en die is meestal in een paar zinnen samen te vatten. Toen ik Kikkert deze week opbelde, bleek hij evenveel over het nieuws te weten als ik. Alleen had hij er veel minder tijd aan besteed en hij zag de feiten meer in proportie dan ik.

Tijdens die breinstormsessie in Amersfoort opperde columnist Jan Kuitenbrouwer dat de media in het jaar 2020 de rol van het bestuur zouden hebben overgenomen. Kijk maar naar de hangjongeren in de Amsterdamse Diamantbuurt die door vandalisme en geweld een echtpaar hadden verjaagd. De bureaucratie deed niets, maar dankzij de aandacht van de krant en de televisie werd het probleem aangepakt.

De laatste weken zag ik hoe de televisie de regie van de overheid overnam. Media zijn altijd de zuurstof voor de terrorist en helpen hem angst te verspreiden. Dat kan niet anders in een vrije samenleving – leugens door censuur zijn erger – maar de terreur mag niet alleen aan het woord komen. Er zijn ook andere onderwerpen. Kikkert noemt de televisie een `angst-industrie'. Amerika is mede dankzij de angst-industrie in een onbezonnen oorlog beland. Hadden de media zich maar beheerst.

Misschien omdat premier Balkenende elders zat, volgde hij het nieuws op afstand en zag hij niet wat er na dat infotainment-bombardement in sommige huiskamers begon te gisten. En daarmee ontnam hij zich te lang de mogelijkheid om zelf in de huiskamers te komen om tot kalmte en verdraagzaamheid te manen. Toen hij sprak, hadden zijn ministers al ruzie en hadden scholen, moskeeën en kerken al gebrand.

Niet dat televisiemakers altijd rellerige programma's samenstellen, maar het gaat om het effect van de vele herhalingen. De geluidsuitgang komt terug in de microfoon en alles zingt piepend rond. Iedereen wordt intiem nabestaande van het slachtoffer. Twee jaar geleden betrapte ik mezelf al op het gebruik van Pim, terwijl ik hem niet persoonlijk kende. De zichtbaar getraumatiseerde vrienden van Theo kwamen vaker in de studio dan goed voor hen was, avond aan avond. Woensdag werd de hele dag in crisissfeer de afzetting van het Haagse Laakkwartier op radio en tv gevolgd na een politie-inval bij een terreurcel (goed nieuws). Er was meestal niets te zien. Wel interviewtjes met buurtbewoners die het ook niet wisten.

De publieke crematie was al heftig genoeg met begrijpelijke woede en haat van de nabestaanden. De zus van Van Gogh citeerde een variant op het gedicht van Van Randwijk over de bezetting: ,,Een volk dat voor barbaren zwicht/ zal meer dan lijf en goed verliezen/ dan dooft het licht.'' Voor haar als zwaar getroffene is de parallel met de oorlog begrijpelijk, maar hij gaat in het algemeen niet op.

We moeten de ernst van moslimterreur onder ogen zien, maar het is geen bezetting. Het gaat om een klein aantal gevaarlijke terroristen in Europa, en niet om een vijandelijk leger dat honderdduizenden burgers vermoordt. Bij de uitgang van de talkshowstudio's staat geen Gestapo.

Ik woonde in Italië toen de christen-democratische partijleider Aldo Moro werd gegijzeld en omgebracht. Tegelijkertijd werden lukraak bedrijfsleiders, journalisten en gemeentepolitici neergeschoten of vermoord. Het emotionele en weinig heldhaftige Italië leek kalmer dan Nederland nu. Media waren luidruchtig maar niet in 24-uurs herhaling. Deze terreur komt in veel Europese landen voor en moet niet te veel worden geholpen. Dan kan de huiskamer zo rustig worden als de straat.