Geeuwen 2

Het is voor mij moeilijk te bevatten dat Wolter Seuntjes in een periode van 18 jaar overwegend gegevens heeft gevonden over de erotische kant van geeuwen (W&O, 30 okt). Het geeuwen heeft nog verscheidene andere functies, die zeker bij logopedisten, zangpedagogen en ademtherapeuten bekend zijn.

Een van de belangrijkste is het op de juiste spanning (eutonus) brengen van het lichaam al naar de behoefte van het moment. Het geeuwen beïnvloedt namelijk het adempatroon en, in combinatie met uitrekken, de tonus van de lichaamsmusculatuur. Het speelt dan ook een belangrijke rol bij de overgang van waken naar slapen en omgekeerd en je ziet mensen geeuwen zowel vlak voor het uitvoeren van een moeilijke taak (stress) als bij vermoeidheid.

Tijdens de slaap wordt de ademhaling oppervlakkiger en is de tonus van de spieren verlaagd. Door geeuwen (diepe middenrifademhaling) en uitrekken (verhoging van spiertonus) bij het opstaan, brengen we het lichaam vanuit de rustfase in de actieve toestand. 's Avonds heeft de geeuw een tegengestelde werking waardoor we ons kunnen voorbereiden op de slaaptoestand.

Bij de invloed die geeuwen, kan uitoefenen op symptomen van dagelijks optredende stress, moet men vooral denken aan verschijnselen van een opgekropt gevoel (globusgevoel) en een oppervlakkige ademhaling. Bij opgekropt gevoel wordt het strottenhoofd via spierspanningen in een te hoge stand gehouden; dat kan leiden tot benauwd gevoel in de keel en keelpijn. Bij oppervlakkige ademhaling is er nauwelijks middenrifactiviteit.

Tijdens geeuwen, wordt diep ingeademd; daarbij daalt het strottenhoofd naar zijn laagste stand. Zo kan men dan de spanning in de keel verminderen. Door enkele malen achtereen te geeuwen wordt het adempatroon minder oppervlakkig.

Het is dus mogelijk om door geeuwen, bepaalde stressverschijnselen, op eenvoudige wijze te verminderen. Als mensen, van pasgeborenen tot hoogbejaarden, geeuwen, kunnen ze dus ook gewoon even bezig zijn om hun balans te herstellen.