Slechts één steunbetuiging

Minister Remkes (VDD) kwam gisteren in de Tweede Kamer zwaar onder vuur te liggen. Vooral van zijn eigen fractievoorzitter Van Aartsen en voormalig partijgenoot Wilders.

Diep in de nacht was het minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) nog niet gelukt de Tweede Kamer te overtuigen dat er onder zijn leiding geen fouten zijn gemaakt bij het volgen van de religieuze extremist Mohammed B., die verdacht wordt van de moord op de filmmaker Theo van Gogh. ,,Gelukkig'', concludeerde VVD-fractieleider Van Aartsen veelbetekenend aan het einde van het debat over de moord op Theo van Gogh en het bestrijden van religieus extremisme, ,,heeft de minister van Binnenlandse Zaken gezegd dat het altijd beter kan''. Dat had Remkes, overigens pas na herhaaldelijk aandringen van Van Aartsen, toegegeven.

Het was ook meteen de enige zin van waardering die de VVD-leider in de Kamer aan het einde van het debat over had voor zijn partijgenoot. Het was minister Donner (Justitie, CDA) geweest, zei Van Aartsen er met nadruk bij, die met de feiten was gekomen ,,die mijn fractie accepteert.''

De twijfelachtige steunbetuiging illustreert de zwakke positie waarin Remkes verkeert na een week van aanhoudende kritiek op zijn optreden. Hij maakte er in de Kamer geen geheim van zich te hebben beraden op zijn positie, ook omdat hij ,,een bepaald publicitair beeld'' zag groeien. Eerder op de dag had Remkes met de VVD-leider in het kabinet, vice-premier Zalm, afgesproken dat hij de eer aan zichzelf zou houden als hij te veel kritiek in de Kamer zou krijgen. Er zou geen apart kabinetsberaad meer nodig zijn geweest, zeggen goed ingevoerde bronnen. In hoge ambtelijke kringen hield men al rekening met de komst van minister Verdonk, nu belast met Vreemdelingenzaken en Integratie.

Even leek het die kant inderdaad op te gaan, toen Remkes de Kamer bij herhaling uitlegde dat de veiligheidsdiensten niet kon worden verweten dat Mohammed B. de laatste maanden voor zijn aanslag niet gevolgd was, gezien de prioriteiten die nu eenmaal gesteld moeten worden. Van Aartsen keerde zich met emotionele stemverheffing tegen de minister. ,,Er is een moord gepleegd, er is een burger niet beschermd!', riep hij. ,,Er is een keuze gemaakt, en dat was wel de verkeerde keuze!''

Ook andere partijen legden de vinger op gevoelige plekken voor minister Remkes. CDA-fractieleider Verhagen en LPF-fractieleider Van As vroegen door over een brief die de minister, dit keer zonder Donner, eerder op de dag naar de Kamer had gestuurd. Daarin schrijft hij dat ,,nog moet worden vastgesteld'' wat de schade is voor lopende AIVD-onderzoeken naar moslimextremisten van het lek in de dienst waarover deze krant deze week berichtte.

Het antwoord kan van cruciaal belang worden voor Remkes. Verhagen opperde dat het lek invloed gehad kan hebben op de werkwijze van Mohammed B., waardoor deze buiten beeld kon blijven. Pas wanneer Remkes deze vraag kan beanwoorden, zei Verhagen, kan beoordeeld worden of het achteraf redelijk was dat de AIVD Mohammed B. niet als gevaarlijker inschatte.

Remkes zei op dit moment niet te weten of Mohammed B geheime informatie heeft gekregen. Volgens Remkes was er echter ,,geen verandering van gedrag'' gesignaleerd bij Mohammed B., terwijl volgens hem in het algemeen wel aangenomen kan worden dat mensen die vermoeden dat de AIVD hen volgt ,,veiligheidsbewuster'' zijn.

Maar gisteren was niet het moment voor politieke afrekeningen. De Kamerleden waren er in deze dagen van maatschappelijke onrust op gebrand geen ,,debat over Haagse poppetjes'' te voeren, zoals GroenLinks-leider Halsema zei. De fractieleiders opereerden ongewoon ingehouden en zagen af van de gebruikelijke stroom van interrupties die doorgaans het ritme van het Kamerdebat bepalen.

Dat hing mede samen met het vertrouwelijke overleg dat de fractieleiders 's morgens hadden met Remkes en Donner in de commissie voor Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. Zij waarin daarin niet alleen geïnformeerd over geheime informatie rond het volgen van Mohammed B. maar ook over van de omvang van dreiging van nieuwe aanslagen door moslimextremisten. Remkes verhoogde de spanning door te zeggen dat het massale politie-optreden in Den Haag bedoeld was om een concrete dreiging van een aanslag te beëindigen.

's Avonds richtte de ene na de andere spreker zich in nadrukkelijke termen op het bestrijden van het radicalisme zelf. De fractieleiders van onder meer PvdA, CDA, D66, GroenLinks en VVD trachtten het beeld te bestrijden van een groeiende tweedeling in de samenleving tussen moslims en niet-moslims. ,,De tweedeling moet zijn: wij die de waarden van de democratie verdedigen tegen zij die geradicaliseerd zijn'', was de formulering van CDA-fractieleider Verhagen.

Van Aartsen en PvdA-leider Bos bleken in dit opzicht de zorg te delen dat het kabinet het fenomeen van radicalisering nog steeds onderschat en te veel beschouwt als een probleem van integratie, waarover gesproken kan worden. ,,Lieden als de Syrische terrorist die tussen Duitsland, Portugal, Pakistan en het huis van Mohammed B. pendelde, bereik je echt niet met een Postbus 51-spot'', zei Van Aartsen. Hij haalde zijn partijgenote minister Verdonk aan, die deze week zei dat het land naïef is geweest. ,,Het is buitengemeen kwalijk dat daarvoor een terroristische moord nodig was'', zei Van Aartsen. Hij wil ,,het huis van de Staat optuigen om de krachten die de democratische orde bedreigen het hoofd te bieden.''

In deze stemming bleek dat in de Kamer nauwelijks discussie is over de meeste maatregelen die het kabinet gisteren voorstelde om radicalisering tegen te gaan. Eerder omstreden maatregelen zoals het weren van buitenlandse imams (vanaf 2008, op voorstel van de PvdA) en het vergroten van de bevoegdheden van de AIVD om af te luisteren en te observeren en kregen van links tot rechts steun.

Dat gold ook voor het vergroten van de mogelijkheid om op te treden tegen moskeeën en radicalen zonder dat deze strafrechtelijke overtredingen hebben begaan. Waar radicalisering plaats vindt, aldus Donner, ,,dus bijvoorbeeld in moskeeën'' wordt een beleid gevoerd van verstoring van het proces van radicalisering.

Hij stelde met deze maatregelen wel de LPF en de groep-Wilders teleur. Zij willen bijvoorbeeld radicale moskeeën zonder omwegen sluiten. Daar ligt nu ongeveer de grens, voor de andere partijen.