Remkes vleugellam

Ternauwernood is minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) er afgelopen nacht in geslaagd op zijn post te blijven. De bewindsman kwam begin deze week in zwaar weer terecht nadat hij zich kritisch had uitgelaten over zijn ambtsgenoot Donner (Justitie, CDA). Tijdens het marathondebat gisteren in de Tweede Kamer naar aanleiding van de moord vorige week op Theo van Gogh gaf de liberale fractievoorzitter Van Aartsen de minister in ongewoon harde bewoordingen te verstaan dat hij ernstige fouten had gemaakt. Maar uiteindelijk schaarde bijna de hele volksvertegenwoordiging zich opmerkelijk eensgezind achter het kabinet. En dat valt te prijzen, want dat gebeurde tegen de achtergrond van de splijtende geweldspiraal in de samenleving, gericht tegen moskeeën, kerken en scholen sinds de moord op Theo van Gogh en de gevoelde noodzaak om eendrachtig en hard op te treden tegen islamitisch radicalisme. Dit is inderdaad niet het juiste klimaat voor een Haags zuiveringsritueel.

Intussen kwamen wel degelijk alle politieke vragen op tafel. Zoals: waarom kreeg Van Gogh geen beveiliging? Heeft de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst geen cruciale inschattingsfout gemaakt ten aanzien van Mohammed B., de verdachte van de moord op van Van Gogh? Maar ook: beschikte de groep rond de verdachte mogelijk over belangrijke tactische informatie uit gelekte AIVD-dossiers? Minister Remkes belandde bij de beantwoording in een moeras van cirkelredeneringen van het type `Van Gogh hoefde niet beveiligd te worden omdat hij niet beveiligd hoefde te worden'. Uiteindelijk kon hij slechts met behulp van zijn collega Donner worden gered uit een spervuur van kritische vragen die hij had opgeroepen.

De betogen van de bewindslieden noch de ongewoon uitvoerige schriftelijke informatie over hun handelen tot nu toe konden de indruk wegnemen dat door de inlichtingendienst en de daarmee samenwerkende lokale en landelijke politiediensten inschattingsfouten zijn gemaakt. Bovendien zijn zij onvoldoende in staat geweest snel informatie te bundelen en te analyseren. Het gaat in ieder geval niet aan om – zoals Remkes met enige hardnekkigheid deed – het tegenovergestelde beeld te schetsen van het optreden van de autoriteiten als een aaneenschakeling van schitterende successen. Donner voelde wat dit betreft beter aan welke toon hij moest kiezen: hij vroeg zich af hoe het de volgende keer beter kan. Daarmee gaf hij impliciet toe dat er fouten zijn gemaakt.

Aan het eind van het debat stond vast dat minister Remkes een motie van wantrouwen van het Kamerlid Wilders ruimschoots overleefde. Tegelijkertijd is zijn positie ernstig ondergraven. Van Aartsen heeft in woord en gebaar duidelijk kenbaar gemaakt dat hij van zijn eigen minister afwil. De VVD is terecht van oordeel dat Remkes wellicht wat al te flegmatiek opereert en in het recente verleden een aantal keer niet accuraat is gebleken. Op een voor de openbare orde en veiligheid zo cruciale post als Binnenlandse Zaken kan een bewindspersoon zich niet veel fouten permitteren. Daar komt bij dat Remkes naar de smaak van de liberalen te veel macht is kwijtgeraakt aan de christen-democraat Donner. Complicerend is bovendien dat het van de VVD afgescheiden Kamerlid Wilders electoraal in de peilingen de wind in de rug heeft met een hard law and order verhaal. De VVD-fractievoorzitter heeft kortom behoefte aan een krachtdadig persoon op Binnenlandse Zaken in het kabinet – en naar het zich laat aanzien was het daar eerder deze week ook al bijna van gekomen. Het CDA verzet zich hiertegen, uit een oogpunt van stabiliteit. Terecht schaarde zich ten slotte het hele parlement achter dat motief. Minister Remkes weet echter als geen ander dat hij hiermee vleugellam is geworden. En dat is op de langere termijn niet houdbaar.