Hoe de vijand steeds verder weg raakte

De Egyptenaar Ayman al-Zawahiri is een van de meest gezochte mensen in de wereld. Hij geldt naast Osama bin Laden als de tweede man binnen al-Qaeda en er wordt zelfs gezegd dat Zawahiri het brein is achter de aanslagen van 11 september 2001. Maar wie is hij en wat weten we van hem? In The Road to al-Qaeda, oorspronkelijk verschenen in Kairo (2002) en nu pas in het Engels vertaald, vertelt zijn landgenoot en vriend Montasser al-Zayyat over Zawahiri's leven en idealen. Tegelijkertijd biedt het boek ook inzicht in het verschijnsel van de militante Islam in zijn algemeenheid.

Al-Zayyat, werkzaam als advocaat, is door zijn jarenlange betrokkenheid bij de militante islamitische beweging in Egypte een controversiële persoonlijkheid. Hij ontmoette Zawahiri in 1981 in de gevangenis, toen beiden verdacht werden van betrokkenheid bij de moord op de Egyptische president Sadat. Zawahiri werd beschuldigd van het dragen van een vuurwapen, Al-Zayyat van het onderschrijven van de jihad-ideologie. Na drie jaar kwamen beiden vrij. Zawahiri heeft altijd volgehouden dat zijn cel (die volgens hem in 1981 elf leden telde), niet verantwoordelijk was voor Sadats gewelddadige dood. Hij had juist confrontaties met de regering willen vermijden, omdat zijn cel nog niet klaar was voor het eigenlijke doel: een staatsgreep plegen en in Egypte de islamitische wet, de shari'a, invoeren. `Zo was het volgens Zawahiri in strijd met de islamitische wet dat de Egyptische regering zaken als gokken, nachtclubs en het schenken van alcohol gelegaliseerd had. Het ontbreken van islamitische lijfstraffen was hem eveneens een doorn in het oog', aldus al-Zayyat.

De militante islamitische beweging in Egypte kwam eind jaren zestig tot bloei. Volgens Zawahiri zelf is dit een rechtstreeks gevolg van de nederlaag die de Arabische wereld in de Zesdaagse Oorlog van 1967 tegen Israël leed. Zawahiri meent dat door die nederlaag de toenmalige president Nasser, en met hem het communistische Rusland en `Het Westen', van hun voetstuk vielen. Vooral onder studenten ontstond toen een wens om terug te keren naar de oorspronkelijke islam. In deze jaren studeerde Zawahiri medicijnen in Kairo. In 1974 studeerde hij cum laude af en in 1978 promoveerde hij in de medicijnen.

Na de moordaanslag op Sadat in 1981 ging de Egyptische regering ertoe over de militante islamitische oppositie hardhandig te elimineren. Vele leden werden in de gevangenis gezet en gemarteld. Na hun vrijlating vluchtten velen naar Afghanistan, waar ze zich stortten in de heilige oorlog tegen de Russen en zich konden voorbereiden op het omverwerpen van de Egyptische regering. Ook Zawahiri vluchtte in 1985 naar Afghanistan. Een jaar later ontmoette hij daar Osama bin Laden. Al-Zayyat: `De twee werden al spoedig vrienden, alhoewel ze er verschillende ideeën op nahielden. Zawahiri slaagde erin Bin Laden te overtuigen van het belang van gewapende heilige oorlog. Dientengevolge veranderde Zawahiri Bin Laden van een fundamentalistische preker die liefdadigheidswerk deed in een jihadi strijder.'

Maar Bin Laden bracht ook een verandering teweeg bij Zawahiri. Hij probeerde, vooralsnog zonder succes, de Egyptenaar ervan te overtuigen dat niet de Egyptische staat maar Israël en Amerika de werkelijke vijanden waren. Voor Zawahiri bleef de Egyptische overheid de `nabije vijand'. Voor de `verre vijand', de niet-moslimstaten Israël en Amerika, had hij nauwelijks belangstelling. Al-Zayyat: `Zijn motto was namelijk: de weg naar Jeruzalem loopt via Kaïro, Tunesië en Algerije, dat wil zeggen, de ergste vijanden van de islam zijn de islamitische regimes die niet volgens de islamitische wet regeren. Pas als deze regimes verslagen waren was het volgens Zawahiri gerechtvaardigd om de strijd aan te binden met de ``verre vijand''.' Het was dan ook een volkomen verrassing, toen Zawahiri in februari 1998 samen met Bin Laden de oprichting bekendmaakte van het `Internationale Islamitische Front voor Jihad tegen Joden en Kruisvaarders' oprichtte. Dit front is beter bekend onder de naam al-Qaeda.

Waarom veranderde Zawahiri van standpunt? Volgens Al-Zayyat ligt het antwoord in de crisis die Zawahiri's groep, `Islamic Jihad', onderging. Deze groep haalde de woede van de publieke opinie op haar hals toen burgers per ongeluk werden gedood bij aanslagen op Egyptische politici. Deze mislukte operaties leidden ertoe dat veel leden werden gearresteerd. Dit resulteerde zowel in interne verdeeldheid binnen de groep als tot het opdrogen van financiële middelen om de activiteiten te sponsoren. Bin Laden had echter wel geld. Veel geld zelfs. `Zawahiri wilde zijn beschadigde reputatie herstellen, en hij had ook geld nodig. In ruil daarvoor besloot hij om Bin Laden te volgen en zijn strijd te verleggen van Egypte naar Israël en Amerika.'

Hoe hechter de relatie tussen Zawahiri en Bin Laden werd, hoe slechter de verhouding tussen Zawahiri en de leden van zijn groep. Al-Zayyat beweert dat de aanslagen van Zawahiri en Bin Laden door de meeste islamistische groeperingen in de wereld werden afgekeurd. Verder schrijft al-Zayyat dat de aanslagen niet in het voordeel van de islamistische groeperingen werkten, maar juist in het voordeel van de dictatoriale regimes in de islamitische wereld. Deze regimes kregen onder het mom van de Amerikaanse `oorlog tegen terreur' alle vrijheid om islamistische groeperingen met harde hand te onderdrukken. `De werkwijze van Bin Laden en Zawahiri is niet effectief', meent al-Zayyat, `omdat zij de umma (de islamitische gemeenschap) verdeelt en verzwakt. Hierdoor kan de umma, die door een meedogenloze kruistocht wordt bedreigd, zich niet verdedigen.'

Waarom voelde nu juist de groep goed opgeleide jongeren waartoe Zawahiri in zijn studietijd behoorde, zich aangetrokken tot een terugkeer naar de islam en de shari'a? Alhoewel al-Zayyat geen antwoord biedt op deze vraag, is hij wel van mening dat het wijdverbreide idee dat vooral armoede mensen in de handen van religieus fundamentalisme drijft, ongegrond is. Zawahiri en Bin Laden komen allerminst uit kansarme milieus. `Integendeel, Zawahiri kwam uit een aristocratische familie en groeide op in Maa'di, een van de welvarendste wijken in de Egyptische hoofdstad Kairo.' Ook tegenwoordig lijkt deze constatering op zijn plaats. De meeste kapers van 11 september waren ook goed opgeleide jongeren die vaak een deel van hun leven in het westen doorgebracht hadden. Zij hadden alle mogelijkheden om hun leven in te richten zoals ze wilden. Toch kozen zij voor het martelaarschap.

Wat The Road to al-Qaeda waardevol maakt is dat iemand die nauw betrokken is geweest bij de militante islamitische beweging in Egypte, inzicht biedt in de denkwijze van een van de meest gezochte mensen ter wereld. Tegelijkertijd maakt het boek veel duidelijk van de militante islam in het algemeen. Het laat zien hoe klein en verdeeld de verschillende groeperingen zijn en hoezeer hun strategieën beïnvloed worden door praktische zaken als geldtekort en onderlinge verdeeldheid. Het boek maakt duidelijk dat, behalve hun echec in eigen land, ook de internationale politiek, met Amerika en Israël in de hoofdrollen, ertoe heeft geleid dat islamistische groeperingen hun prioriteiten verlegden van het omverwerpen van de eigen dictatoriale regimes tot het bestrijden van `de verre vijand'. Ondanks deze gedeelde noemer hebben de meeste islamistische groeperingen de manier waarop Bin Laden en Zawahiri deze strijd voeren afgekeurd, ook omdat zij er zelf ernstig verzwakt door zijn geraakt.

Montasser al-Zayyat: The Road to al-Qaeda. The Story of Bin Laden's Right-Hand Man. Vertaald uit het Arabisch door Ahmed Fekry. Pluto Press, 137 blz. €21,44 (pbk), €64,70 (geb.)