Drie glazen bollen

DEAF04 legt zich toe op groepen artiesten die wereldwijd proberen tijd en plaats met elkaar te verbinden met technologie als hulpmiddel.

Op de Van Nelle Ontwerp Fabriek in Rotterdam staat een glazen koepel, waarin je kunt uitkijken over de stad: de moskee aan de ene kant, water aan de andere kant, wegen, kerktorens en vooral flats. Een blauwdruk van de stad, de stad als een `open levend systeem'. De kunst van Open Systemen, een nogal vage term, is het thema van het vierde Dutch Electronic Art Festival (DEAF04) in Rotterdam.

V_2, centrum voor kunst en mediatechnologie, heeft het festival georganiseerd. De kunstenaars met wie V_2 samenwerkt, zijn geïnteresseerd in systeemtheorie, een begrip dat vooral opgeld doet in de biologie en natuurkunde. Binnen de systeemtheorie wordt gekeken naar verbanden, hoe dingen samenhangen, terwijl de nieuwe-media-kunst zich richt op hoe het publiek het kunstwerk kan beïnvloeden, hoe het erbij betrokken kan worden door technologie.

Het Van Nelle fabrieksterrein is op zichzelf al een bezoek waard, wegens de bijzondere architectuur: prachtige brede trappenhuizen, fraaie details zoals de patronen in tegelvloeren, sierlijke leuningen, donkerblauw glazen loketten. Achter het hoofdgebouw staat een ronde bioscoop, de 9 meter hoge DOOM, als onderdeel van de expositie. De films zijn speciaal voor deze bol gemaakt. Als je binnenkomt krijg je een koptelefoon op en een bandje om je voorhoofd dat ervoor zorgt dat je slechts een gedeelte van de film op de bol ziet geprojecteerd. Dus telkens als je je hoofd draait, zie je andere stukken, andere details van de film. Prachtig is de film Si Poteris narrare licet (Als je het kunt vertellen dan sta ik het je toe). Deze installatie is gebaseerd op het idee dat de naakte waarheid (in de vorm van de badende Diana, godin van de jacht) nooit gekend zal worden, het geheel nooit overzien kan worden, daarom verandert Diana de jager Actaeon, die haar in haar naaktheid betrapt, in een hert. Het geheel herinnert aan de fresco's in een Italiaanse kerk, maar deze fresco's komen tot leven: een blote neger, met een gewei op zijn hoofd, tilt zijn wit geschilderde been op terwijl hij begint te brommen. Draai je je hoofd, dan zie je onder in de koepel zacht neuriënde vrouwen.

Onder techneuten en kunstenaars is DEAF een begrip. Behalve lezingen en workshops, is DEAF de plaats voor een expositie van internationaal bekende kunstenaars die zich bezighouden met techniek, wetenschap en interactiviteit. Veel werk, vooral uit Japan, Duitsland, Oostenrijk en Engeland, was niet eerder in Nederland te zien. Zo staat er een installatie van de Britse kunstenaar Luke Jerram. Het werk dat hij op DEAF toont heet Tide en staat in een aparte ruimte. Een drietal glazen bollen op metalen driepoten zijn op ooghoogte met water gevuld. In de hoek van de ruimte staat een duur apparaat: een zwaartekrachtmeter. Doordat onze aarde draait en zich in een heelal bevindt met meer planeten, verandert de zwaartekracht. Simpel gezegd daalt en stijgt de aarde elke dag een meter en in Tide is deze meting gekoppeld aan de watertoevoer in de drie ronddraaiende bollen die, net als wijnglazen, kunnen zingen. Daalt het aardoppervlak, oftewel verandert de zwaartekracht, dan wordt de toon hoger; stijgt het tij, dan hoor je het verschil in zwaartekracht door een diepere klank.

Pixels

Van een heel andere orde is de VSSTV, Very Slow Scan Television, een waanzinnig apparaat dat bestaat uit een metersbrede rol bobbeltjes-plastic, met elektronica erboven. Het ding pakt via de satelliet een willekeurig televisiebeeld en vertaalt dat in pixels. Elk bobbeltje in het doorzichtige verpakkingsmateriaal krijgt een injectie van drie naalden met daarin de juiste verfmenging: Rood, Geel en Blauw (RGB). Dus elk bobbeltje vormt een pixel van een willekeurig satellietbeeld. Het allermooiste van deze logge, zinloze machine is dat hij tien uur nodig heeft om een plaatje uit te printen. Daarna heb je (ja hoor) een metersgroot beeld, dat afgeknipt en opgehangen kan worden.

Op DEAF zijn er installaties te zien die internationaal prijzen hebben gewonnen, zoals n-Cha(n)t van de Canadese kunstenaar David Rokeby. De ruimte waarin de bezoeker komt is donker, er hangt een aantal beeldschermen waarop overal een oor is te zien. Je kunt wat zeggen tegen dat oor, waarop onder in het scherm je eigen tekst is te lezen. Elke computer luistert namelijk met spraakherkenning-software en verwerkt wat hij hoort. Praten er te veel mensen, dan zien we een vinger in een oor, of soms een hand erop. Dan sluit het systeem zich en praten de computers tegen elkaar waarbij ze alle zinnen herhalen die de toeschouwers geuit hebben. Het lijkt op in bed liggen en, voor je in slaap valt, terughalen wat er die dag allemaal voorbijgekomen is. Alles verweeft zich en krijgt een andere duiding.

Broncode

Al met al legt DEAF04 zich toe op groepen artiesten die wereldwijd proberen tijd en plaats met elkaar te verbinden. Technologie is een hulpmiddel geworden.

Na het bezoek aan de expositie realiseer ik me dat de opvatting van wat een kunstenaars is of wil zijn, nu beïnvloed wordt door technologie.

In de internetwereld heeft de `open-sourcebeweging' veel invloed. Je ziet bijvoorbeeld dat steeds meer (officiële) instellingen gebruik maken van open-source software, zoals het besturingssysteem Linux. Open-source software wil zeggen dat men voortbouwt op elkaars ideeën, en verwijst naar elkaar. Niet één programmeur schrijft een stuk software, mensen uit de hele wereld werken mee, en dat is mogelijk doordat de broncode openbaar is. De broncode van een multinational als Microsoft is beschermd en dus afgesloten.

Op een festival als DEAF zie je dat ideeën van de technologische avant-garde doordringen. Opeens zijn termen als netwerken of open systemen geen loze begrippen meer, maar inderdaad drukken ze een andere mentaliteit uit, een andere benadering van het vormgeven van de wereld.

Dutch Electronic Art Festival 2004 (DEAF04). Van Nelle Ontwerp Fabriek, Rotterdam, 10-21/11, 11-20u. Inl. http://www.deaf04.nl

Luke Jerram: http://www.LukeJerram.com/