Dood Munir: vragen blijven

De weduwe van de Indonesische mensenrechtenactivist Munir werd veel te lang in het ongewisse gehouden over de raadselachtige dood van haar man.

De eersten zullen de laatsten zijn. Die zinsnede uit het Nieuwe Testament is volledig van toepassing op mevrouw Suciwati, de weduwe van de Indonesische activist voor de mensenrechten Munir. Zij kreeg pas vanmorgen, na lang aandringen, inzage in de resultaten van de autopsie die het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) in september heeft verricht op het lichaam van haar man.

En dat terwijl de Nederlandse instanties die zich hebben gebogen over de raadselachtige dood van Munir – Justitie en Buitenlandse Zaken – de afgelopen weken alle vragen afhielden met het argument dat ,,eerst de nabestaanden moeten worden ingelicht''.

Suciwati stelt voor het gesprek te voeren in de burelen van Imparsial, de niet-gouvernementele organisatie die haar echtgenoot heeft opgericht en die tot zijn dood leidde. Imparsial, dat onderzoek doet naar en voorlichting geeft over civiel-militaire relaties in Indonesië, houdt kantoor in de Jakartaanse willawijk Menteng. Suciwati is op het afgesproken tijdstip niet aanwezig. Een medewerker vertelt dat ze nog niet terug is van een bezoek aan de politie.

Een uur later loopt ze, kennelijk aangeslagen, het kantoor binnen en verontschuldigt ze zich voor de vertraging. Toch is zij eigenlijk de enige die niet te laat is. Twee maanden lang bleef ze vragen stellen en werd ze aan het lijntje gehouden. Toen het hoge woord er eindelijk uitkwam – Munir is vergiftigd tijdens een vliegreis van Jakarta naar Amsterdam – was zij er niet bij.

Suciwati is NRC Handelsblad dankbaar dat die het bericht gisteren bracht en haar op de hoogte stelde. Maar ze is vooral teleurgesteld dat zij het te horen kreeg van een journalist, niet van de Nederlandse of Indonesische autoriteiten.

De coördinerende minister van Veiligheid, admiraal b.d. Widodo Adi Sutripto, zei gisteravond laat dat hij het autopsierapport, dat die ochtend aan de Indonesische regering was overhandigd door Nederlandse diplomaten, had doorgeleid naar de politie met de opdracht de familie Munir in te lichten. Toen dat vanochtend nog niet was gebeurd, stapte ze zelf naar het landelijke politiehoofdkwartier. Daar werd ze te woord gestaan door het hoofd van de criminele recherche, Suyitno Landung.

Suciwati mocht het rapport inzien, maar niet meenemen. Ze kreeg bovendien het dringende verzoek de cijfers – de arsenicumgehaltes in Munirs maag, urine en lever – niet wereldkundig te maken. De politie houdt voorlopig de hand op het rapport ,,in het belang van het onderzoek'', maar zelfs een kopie kon er niet af. Suciwati was overigens blij te horen dat er een onderzoek wordt ingesteld. Het Nederlandse openbaar ministerie heeft vanochtend laten weten dat het de zaak-Munir verder laat rusten.

Het Nederlandstalige origineel van het NFI-rapport was door de ambassade in het Engels vertaald, niet in het Indonesisch, en het kostte haar grote moiete het technische jargon helemaal te doorgronden. Maar ,,abnormaal hoog'' en ,,dodelijke dosis'' begreep ze moeiteloos.

Suciwati houdt zich aan haar toezegging – ook in dit opzicht is ze een uitzondering – en wil geen cijfers geven. Dat lijkt van ondergeschikt belang, want dodelijk is dodelijk. Ze heeft niet in het rapport kunnen vinden hoe lang voor overlijden het gif is toegediend. Dat is wel degelijk van belang, want dat zou een aanwijzing zijn voor de plaats waar het misdrijf is gepleegd: Jakarta, Singapore – waar het Garudatoestel een tussenstop maakte – of tijdens de vlucht.

Na het gesprek vertrekken we naar het naburige kantoor van het Comité voor de verdediging van vermisten en geweldsslachtoffers (KontraS), een andere schepping van Munir. Daar geven Suciwati, de voorzitters van beide clubs en de advocaat van de familie, T. Mulya Lubis, een persconferentie.

Suciwati zegt nu ook publiekelijk te betreuren dat ze het nieuws van ,,de internationale pers'' moest vernemen en dat de bron van het bericht – of die nu Nederlands of Indonesisch is – het ook rechtstreeks aan haar had kunnen vertellen.

Namens het voltallige gezelschap achter de tafel eist ze spoedige overdracht van het NFI-rapport aan de familie. ,,Diplomatieke etiquette mag dit niet in de weg staan, want dit is een recht'', aldus Suciwati.

Ten slotte eist ze een ,,integraal onderzoek, waarbij ook niet-regeringsinstanties die het vertrouwen van de samenleving genieten, worden betrokken.''

De weduwe heeft het laatste woord.