Zinnen en minnen

Grote ruimtes lenen zich slecht voor kleine kunst. Veel van de schilderijen met voorstellingen van het dagelijks leven uit de Hollandse Gouden Eeuw zijn niet meer dan een halve meter hoog. Het is daarom toepasselijk dat de tentoonstelling Zinnen en Minnen, schilders van het dagelijks leven in de zeventiende eeuw in Museum Boijmans Van Beuningen is ingericht in het oude gedeelte van het gebouw, in zaaltjes en kleine kabinetten. In een daarvan wordt het intieme karakter van de rest van de expositie echter weer teniet gedaan: de beroemde Briefschrijvende Vrouw van Johannes Vermeer heeft een heel kabinet voor zichzelf. Mogelijk voorziet het museum een grote toeloop van publiek voor dit werk, dat normaal alleen in Washington te bezichtigen is. In een chronologisch overzicht zijn zo'n tachtig schilderijen bijeen gebracht van de hand van specialisten in het weergeven van het dagelijks leven: van elegante gezelschappen aan de maaltijd tot liederlijke boeren in kroegscènes, van deftige interieurs met musicerende lieden tot morsige bordelen met obsceen gebarende bezoekers. Ze dateren uit de periode 1620-1670, de bloeitijd van dit type schilderijen ook wel `genreschilderkunst' genoemd. De verbindende factor is de levensechte manier waarop de werkelijkheid of een manipulatie daarvan op het doek of paneel is gepenseeld. De tentoonstelling laat dat zien met fraaie voorbeelden en belangrijke bruiklenen. Naast beroemde meesters als Jan Steen, Gerrit Dou en Frans van Mieris, zijn er prachtige werken van minder bekende schilders.

Zinnen en minnen; schilders van het dagelijks leven in de zeventiende eeuw. t/m 9 jan in Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Di-zo 11-17u