Palestijnse leider Yasser Arafat dood

De Palestijnse leider Yasser Arafat, bijna 40 jaar lang voor Palestijnen symbool van hun onafhankelijkheidsstrijd en voor Israëliërs belichaming van het terrorisme, is vanochtend om half vier in Parijs gestorven.

Arafat zal naar de Egyptische hoofdstad Kairo worden overgebracht, waar morgen een rouwplechtigheid zal plaatshebben. Daarna wordt hij in Ramallah op de bezette Westelijke Jordaanoever begraven. Arafats functies zijn meteen overgenomen door parlementsvoorzitter Fattuh (interim-president), ex-premier Mahmoud Abbas (PLO-leider) en Farouk Kaddoumi (Fatah-leider).

Met gesloten gezichten, vochtige ogen, geweersalvo's en brandende autobanden om de lucht rouwzwart te kleuren, gaven Palestijnen vandaag in Ramallah en andere steden en kampen uiting aan hun droefheid over het overlijden van Arafat (1929-2004). ,,Abu Ammar is dood. Wij hebben onze rais, onze leider, onze president, onze vader verloren'', aldus Mazen Kahaba, een 20-jarige student van de Bir Zeit Universiteit, terwijl hij samen met zijn vader diens gele taxi beplakte met posters van Arafat en krantenpagina's met historische foto's. Daarop is een ongeschoren Arafat met zwart-witte keffiyeh te zien in de verschillende fasen van zijn 75-jarige leven: als jonge studentenleider in zijn geboortestad Kairo, als Palestijnse vechter in Jordanië en Libanon en als guerrillaleider/diplomaat/president in gesprek met Arabische, Israëlische, Amerikaanse en Europese regeringsleiders, inclusief de beroemde handdruk in 1993 in Washington met de later vermoorde premier Rabin.

Ook was er een prominente plaats voor het recente beeld waarop een vermagerde, duidelijk zieke Arafat te zien is als hij in een Frans legervliegtuig wordt getild. Het was de laatste keer dat de Palestijnen hem levend zagen, want na 13 dagen van geruchten, intriges en verwarring stierf hij in het militaire ziekenhuis Percy bij Parijs na een comateus ziekbed en een hersenbloeding. De doodsoorzaak was aan het begin van de middag nog niet bekendgemaakt.

Al vroeg in de ochtend hadden honderden, merendeels jonge mannen zich op het plein in het centrum van Ramallah verzameld. Net als de meeste Palestijnen hebben zij de dagenlange aanloop tot Arafats dood gevolgd via de lokale radiostations en Al-Jazira. De imams in de moskeeën omlijstten de hele ochtend het stervensbericht met koranverzen en citaten over de strijd van Arafat.

[Vervolg ARAFAT: pagina 4]

ARAFAT

'Een dag zwarter dan de sterfdag van mijn vader'

[vervolg van pagina 1]

,,Het is een zwarte dag, zwarter dan de dag dat de Israëliërs Jeruzalem bezetten, zwarter dan de dag dat mijn vader stierf in de oorlog van 1967'', aldus Mohammed Kahaba, Mazens vader, terwijl hij nog een paar palmtakken tussen de foto's en posters stak. Er heerst beheerste droefheid in Ramallah, passend bij de veertig dagen durende rouwperiode, die vandaag is ingegaan.

Verreweg de meeste aanwezigen hebben net als een grote meerderheid van de Palestijnse bevolking nooit een andere leider meegemaakt dan Arafat, die in de jaren vijftig de guerrillabeweging Al-Fatah stichtte en sinds 1968 de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) leidde. Hij domineerde de Palestijnse politiek, figureerde als kwade genius in Israël en speelde een hoofdrol in het Midden-Oosten.

Via auto- en draagbare radio's werd geluisterd naar de reacties van Palestijnse leiders, de Arabische wereld, de VS en natuurlijk Israël. De Palestijnse leiders spreken over een kalme overdracht van de machtsfuncties. Er worden presidentsverkiezingen aangekondigd die binnen zestig dagen gehouden moeten worden. De tweede man van de overkoepelde Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO), Mahmoud Abbas, is gekozen als voorzitter van de PLO. De nieuwe eerste man van Al-Fatah is de in Tunesië verblijvende Farouk Kaddoumi, een havik die de gewapende strijd wil voortzetten. In de hiërarchie van de Palestijnse machtspyramide bezet Abbas, alias Abu Mazen, de belangrijkste plaats en hij wordt ook beschouwd als de belangrijkste presidentskandidaat als er inderdaad verkiezingen worden gehouden.

Het staat al vast dat in Kairo, morgen een militaire uitvaartsceremonie gehouden zal worden onder auspiciën van de Arabische Liga. De begrafenis heeft vervolgens plaats in de muqata, Arafats geteisterde hoofdkwartier waar de autowrakken, en provisorische anti-tank barrières (olievaten gevuld met beton, een idee van Arafat zelf) zijn verwijderd. Het bericht dat `de leeuw van Palestina' zal worden begraven in een stenen kist, zodat hij ,,na de bevrijding van Jeruzalem'' op het terrein van de Al-Aqsamoskee in Jeruzalem zijn laatste rustplaats zal vinden, is in Ramallah met instemming begroet.

,,De muqata is een symbool van Arafats verzet tegen de Israëlische bezetting, maar het is maar een tijdelijk graf'', legde Sabrine Horanya, een studente politicologie aan de Bir-Zeit Universiteit uit. Zij was een van de weinige vrouwen in een demonstratieve rouwtocht in Ramallah die door Mohammed Kahaba's gele taxi werd aangevoerd.

Vuisten werden gebald en er werd gejuicht toen de reacties van Hamas en de Al-Aqsabrigades bekend werden gemaakt. Het waren verklaringen vol lof over ,,de grote leider'' en aankondigingen van voortgaande strijd tegen de zionistische bezetters. De Aqsabrigades kondigden aan dat iedere Palestijn die verraad pleegt aan de idealen van Arafat en compromissen sluit met Israël over Jeruzalem, het recht van terugkeer van vluchtelingen en andere Palestijnse stokpaarden, geliquideerd zal worden. ,,Hamas en ook de Aqsabrigades genieten groot respect onder de studenten. Zij doen tenminste wat, de oude leiders, die nu de macht overnemen zijn allemaal corrupt'', meende Sabrine Horanya. Zij vertolkt een breed levende gedachte onder de Palestijnen, die weinig vertrouwen hebben in de oude garde.

Met woedend gesis, gefluit en enkele harde salvo's werden de reacties uit Israël verwerkt. De Israëlische minister van Justitie, Tommy Lapid, sprak over ,,diepe, persoonlijke haat'' die hij voelde voor de terrorist Arafat. ,,Ik haatte hem omdat hij verantwoordelijk was voor de dood voor talloze Israëliërs en omdat hij niet toestond dat het vredesproces resultaat zou opleveren'', aldus Lapid. In Israël overheerst opluchting en het gevoel dat Arafats dood het begin is van een nieuwe, mogelijk vreedzamere periode.

Woordvoerders van kolonisten, politieke partijen, ook de Arbeidspartij, leggen het accent op de terroristische activiteiten van Arafat, zowel in de jaren zestig en zeventig, als tijdens de eerste en tweede intifada.

Maar, en niet voor het eerst, hoe harder en scherper een Israëlische minister Arafat veroordeelt en beschuldigt ,,de vader van terrorisme'' (Yehoshua Mor Josef van de kolonistenbeweging) hoe groter het respect is voor de enige Palestijnse leider die men heeft gekend en waarvan de talrijke tekortkomingen worden bedekt met een mantel van liefde en respect. Temidden van jonge, demonstrerende en rouwende Palestijnen klonken daarom de beschouwingen van commentatoren en internationale politici over nieuwe kansen voor het vredesproces vooralsnog abstract en theoretisch. ,,Arafat blijft onze leider, ook al is hij dood. We zullen hem niet verraden'', verklaarde Sabrine, net 19 jaar.

necrologie: pagina 5

HOOFDARTIKEL: pagina 9