Theater met grote thema's uit het nieuwe Europa

Het herwonnen paradijs met een vraagteken, `Paradise Regained?', heet het theaterfestival waarop in drie weken tijd alle belangrijke schouwburgen in het land stukken uit het nieuwe Europa laten zien. Landen als Kroatië, Hongarije, Polen, Slovenië, Litouwen en Macedonië laten zien op welk bijzonder en hoogstaand niveau het theater in Oost-Europa staat. Vooraanstaande regisseurs als Warlikowski (Polen), Árpád Schilling (Hongarije) en Béla Pintér (Hongarije) durven grote thema's aan en verdiepen zich in auteurs van het wereldrepertoire, zoals Dostojevksi, Tsjechov en Sophokles.

Ernst is een woord dat zich aandient na het zien van de eerste drie uitvoeringen. Crime and Punishment (Misdaad en straf) naar de gelijknamige roman van Dostojevski speelt zich af in een traag tempo, waarbij videobeelden en het langzame, gesproken woord een surrealistische ervaring geven. Het toneelbeeld is nagenoeg donker. De jongeman Raskolnikov, die zijn hospita vermoordde, overheerst met zijn nauwkeurig-vertellende speelstijl het toneel. Hij leeft in een waanwereld van angst en schuldbesef, waarin dag en nacht, licht en duister met elkaar vervloeien. Zo ziet angst eruit.

In het verlengde van deze speelstijl ligt de theaterversie van het klassieke joodse drama Dybuk van Szymon An-Ski, vermengd met een hedendaagse versie door de Poolse schrijfster Hanna Krall. De kwelgeest of dybuk behekst het leven van een kleine joodse gemeenschap waarin de liefde opbloeit tussen Lea en Chanan. De kracht van deze voorstelling, geregisseerd door Krzysztof Warlikowksi, schuilt in het rituele karakter ervan. Ook hier lange, trage verhaallijnen en een beklemmende atmosfeer. Wie een eerdere versie van Dybuk zag, herkent vooral het traditionele joodse erfgoed. Schrijfster Krall voegt daar het nieuwe element van de harde hedendaagse samenleving aan toe, waarin voor oude waarden geen plaats lijkt. Hierbij past het vraagteken uit Paradise Regained?. Het verlies van oude waarden doet de personages in Dybuk pijn.

Het meest extreme voorbeeld van nieuw theater is de Hongaarse variatie op De meeuw (The Seagull) van Tsjechov in de regie van Schilling. Geen kostuums, geen decor, helemaal niks wat met traditioneel theater te maken heeft. De acteurs bevinden zich in de Utrechtse Snijzaal tussen het publiek en dragen hun dagelijkse kloffie. Opeens komt op de kale vloer het ene karakter na het andere opdagen. De van `nieuwe vormen' bezeten jongen Kostja, de schrijver Trigorin, Masja en Nina. Met de eenvoudigste middelen denkbaar vertellen ze het drama met als hoogtepunt de ijzige confrontatie tussen Kostja en zijn moeder, Irina Arkadina. Hij heeft zich verwond aan zijn hoofd en zijn moeder verbindt hem. Kostja gooit het verband door de lucht waar het zweeft als een verlamde meeuw, precies de meeuw die hijzelf uit de lucht schoot.

Vooral de rol van moeder Irina, een actrice, is onvergetelijk. Met subtiele gebaren en veelzeggende oogopslag laat ze zien dat ze bang is voor haar zoon. Hij haat de theaterconventies waarvan zij deel uitmaakt en wil het nieuwe, het gedurfde. Als er één voorstelling theater uit het nieuwe Europa laat zien, dan is het deze Meeuw. Een lege ruimte en acteurs, meer is niet nodig.

Voorstellingen: Festival Paradise Regained. Dybuk door Rozmaitosci Theatre. Gezien: 4/11 Schouwburg, Utrecht. The Seagull door Krétakör Theatre. Gezien: 7/11 Snijzaal, Utrecht. Crime and Punishment door Croation Drama. Gezien: 8/11 Stadsschouwburg, Groningen. T/m 22/11. Inl.: www.paradiseregained.nl.