In Abidjan overheerst de angst

Paniek regeert in Ivoorkust. Ivorianen zien een Frans complot tegen president Gbagbo. Ze beschouwen elke niet-Ivoriaan als een Fransman.

`s Nachts wordt er gefluisterd, overdag alleen geschreeuwd. Het geschreeuw komt van duizenden jonge demonstranten die sinds zaterdag de miljoenenstad Abidjan terroriseren. In groepen trekken ze langs de snelwegen, door de wijk, over de brug. Ze dragen de nationale vlag, joelen, zingen. Het is een ouderwetse, misschien wel typisch Afrikaanse vorm van straatterreur. Wie rookpluimen ziet, weet waar ze zich bevinden.

Gistermiddag verzamelden de jongeren zich rond het bekendste hotel van de stad, Hotel Ivoire, gebouwd in 1962 en een monument uit de gloriedagen van het eens zo rustige Ivoorkust. Nu stonden daar pantserwagens van het Franse leger gereed om enkele honderden gevluchte Franse burgers in veiligheid te brengen. De manifestatie werd een chaos. Zeker vier jongeren kwamen om. Volgens de regering doordat in het nauw gebrachte Franse soldaten het vuur openden, volgens het Franse leger doordat de betogers begonnen te schieten. Het is, zoals nu alles in Ivoorkust, een kwestie van interpretatie.

Het gefluister begint zodra de nacht valt. Duizenden blanken durven sinds zaterdag de deur niet uit. Zij volgen de gebeurtenissen op de staatstelevisie, eten het laatste eten dat ze nog in huis hebben, bellen met landgenoten. Het zijn vooral Fransen, maar ook Nederlanders, Belgen, Canadezen, Italianen. Iedereen die blank is, voelt zich een doelwit, want de oproerkraaiers zien blanken als vanzelfsprekend voor Fransen aan. Dat is een van de resultaten van de vroegere Franse overheersing en de nauwe vriendschapsbanden die de voormalige Ivoriaanse alleenheerser Félix Houphouët-Boigny na de onafhankelijkheid met Parijs onderhield.

Ivoorkust was de lieveling van Frankrijk op het Afrikaanse continent. Frankrijk was een voorbeeld voor Ivoorkust. Maar na al die jaren is de vriendschap omgeslagen in haat. ,,Ik zit bij vrienden ondergedoken'', vertelt regionaal consul Vincent Beligné per telefoon. Beligné is eigenaar van een hotel in de hoofdstad Yamoussoukro. Zijn hotel werd zaterdagnacht volledig leeggeroofd door plunderaars. Alles is weg, het barmeubilair, het bestek, zelfs de stopcontacten zijn verdwenen. De bejaarde reuzenschildpad in de hoteltuin is in de kookpot beland. In Yamoussoukro is elk bedrijf dat de Franse aanwezigheid in Ivoorkust symboliseert door een razende menigte in puin geslagen. Beligné beschouwt Ivoorkust als zijn thuisland, maar vraagt zich af hoe lang hij nog kan blijven. ,,Ik heb een Ivoriaanse vrouw, mijn leven is hier. Maar ik weet op dit moment werkelijk niet waar ik aan toe ben.''

De terreur begon dit weekeinde. Sindsdien hangt de angst in de lucht. Het Ivoriaanse leger begon vorige week een luchtoffensief tegen de rebellen die al twee jaar het noorden van het land bezet houden. Ondanks een vredesakkoord tussen beide partijen besloot president Laurent Gbagbo voor eens en altijd een einde aan de bezetting te maken. Omdat een onder VN-mandaat opererende Franse vredesmacht zich tussen rebellen en regering heeft opgesteld, liet Gbagbo het noorden door gevechtsvliegtuigen beschieten. Volgens diplomaten stond Parijs het luchtoffensief toe op voorwaarde dat de operatie binnen drie dagen voltooid zou zijn. Op zaterdag ging het mis. De door Russische huurlingen bestuurde Soechojs troffen een Frans militaire basis net buiten de rebellenstad Bouaké. Negen soldaten vonden de dood. Het Franse leger reageerde onmiddellijk. Alle gevechtsvliegtuigen van het Ivoriaanse leger werden vernietigd.

De bevolking van Ivoorkust is woedend. Het is puur neo-kolonialisme, zegt bedrijfsleider Leon Koudou. ,,In Afrika onderhandelen we voordat we tot dit soort acties overgaan. Het is toch zeker onze oorlog, wij willen ons land bevrijden. Die vuile Chirac denkt dat hij hier nog steeds de dienst uitmaakt.''

Zodra bekend werd dat de toestellen waren vernietigd, rinkelde bij alle blanke buitenlanders de telefoon. Binnenblijven, was het advies, want er kunnen wraakacties volgen. Een parade van regeringsaanhangers verscheen op de staatstelevisie met een oproep tot mobilisatie. President Gbagbo speelde zijn belangrijkste troefkaart uit. Hij verschoof de aandacht van het noorden naar de Franse burgers in het zuiden. ,,Zonder vliegtuigen kunnen we de rebellen niet verslaan'', zegt een soldaat van het regeringsleger. ,,Maar we hebben duizenden jongeren die achter Gbagbo staan, en dat is misschien een nog veel effectiever wapen.''

Parijs zit met de handen in het haar. Het Franse leger heeft versterking laten aanrukken om de Fransen wier huis geplunderd is te laten evacueren. Helikopters circelen boven Abidjan, een aantal woonwijken is afgeschermd met pantserwagens. Maar de dominante aanwezigheid van het Franse leger in de stad heeft een averechts effect. Hoezeer generaal Henri Poncet ook het tegendeel beweert, onophoudelijk gaat het gerucht dat Frankrijk de president wil afzetten. De boze jongeren worden nog bozer en dreigen zich nu ook tegen dat deel van de bevolking te keren dat verwant is met de rebellen. Die Ivorianen zien de plunderpartijen met lede ogen aan en wachten het moment af dat ook zij worden aangevallen. Inmiddels heeft paniek zich meester gemaakt van veel Franse burgers. Parijs zei vanochtend dat mensen die weg willen spoedig op een vliegtuig naar Europa kunnen stappen.