Impasse rond gestolen schilderij

In beslag genomen gestolen cultuurgoederen bevinden zich in een juridisch schemergebied. Schilderijen liggen jarenlang in opslagplaatsen.

De achttiende-eeuwse Duc de Brissac fungeerde als kroongetuige op de openingsdag van een internationale conferentie over de strijd tegen illegale handel in cultuurgoederen binnen de Europese Unie. De bijeenkomst werd georganiseerd door in het kader van het Nederlands voorzitterschap van de EU. De hertog was wel een stomme getuige. Op het podium stond zijn portret door Carle van Loo uit 1760. Het was voor de gelegenheid even uit een gerechtelijke opslagplaats van in beslag genomen gestolen goederen gehaald. Daar bevindt het zich sinds 1997 toen het op Frans verzoek in beslag werd genomen bij een Amsterdams veilinghuis.

Het portret van de hertog was in 1995 gestolen uit het voorvaderlijk kasteel Havrincourt. Tussen diefstal en veiling zat een in België woonachtige antiquair die is veroordeeld wegens heling. Het doek had hij inmiddels in onderpand gegeven aan een verhuizer die voor hem werkte. Toen de rekening niet werd betaald wilde de verhuizer het onderpand te gelde maken. Zo kwam het op de veiling.

Het resultaat is een opmerkelijke impasse. Er bestaat sinds 1992 weliswaar een Europese Richtlijn voor de teruggave van gestolen cultuurgoed, maar die geldt slechts voor speciaal geklasseerde werken. Het portret valt daarbuiten. Bovendien zou Frankrijk dan de verhuizer, die het doek immers regulier verkreeg, moeten compenseren. Dat kan geen sprake van zijn, verklaarde de Franse delegatie op de conferentie: ,,Frankrijk betaalt niet voor zijn eigen patrimonium''. Lichte consternatie in de wandelgangen: dit haalt het kleed weg onder de hele richtlijn.

De bestolen familie piekert er niet over een advocaat in te huren om het werk te claimen, laat staan een vergoeding te betalen. Daar is geen beginnen aan; het hertogelijk kasteel is de afgelopen jaren al vijftien maal bestolen. De verhuizer kan weinig met het schilderij omdat het nu als gestolen te boek staat, maar heeft nog altijd wel zijn schuldvordering. Dus blijven alleen de opslagplaatsen van politie, justitie en douane (de Domeinen) over. Daar bevinden zich nog wel meer buitenlandse kunstobjecten in een schemertoestand, zegt het hoofd van de Inspectie Cultuurbezit, Charlotte van Rappard.

De Europese richtlijn is nooit goed uit de verf gekomen, bleek bij een evaluatie vijf jaar geleden. Een Nederlands onderzoeksrapport dat op de conferentie werd gepresenteerd door staatssecretaris Medy van der Laan (Cultuur) bevestigt dit beeld. In al die tijd heeft Nederland slechts één verzoek om teruggave gehad – van Italië met betrekking tot een oud-Grieks harnas dat het Rijksmuseum voor Oudheden had verworven bij een Zwitserse handelaar. Het verzoek werd onlangs door de rechter afgewezen. Nederland lijkt het vooral te moeten hebben van ,,toevalstreffers'' door de douane. Zo zijn in de haven van Rotterdam gesmokkelde beelden uit het Cambodjaanse tempelcomplex Angkor Wat aangetroffen en op Schiphol kostbare atlassen die waren gestolen uit een bibliotheek in Kiev.

De grenscontrole kent aanzienlijke handicaps. Gesmokkelde tekeningen zijn vrijwel niet te ontdekken in persoonlijke bagage. Oude Afrikaanse keramiek wordt aangegeven als kunstnijverheidsproducten met een lage waarde, belangrijke schilderijen als afkomstig van een kleinere meester. Is het goed eenmaal ingeklaard dan kan opeens ,,ontdekt'' worden dat het eigenlijk kostbare stukken zijn. Hoe moet de douane daar een vinger tussen krijgen? Staatsecretaris Van der Laan vroeg aandacht voor de omstandigheid dat er binnen de EU weliswaar diverse databanken van gestolen kunst bestaan maar dat deze niet met elkaar kunnen communiceren.

Gerichte bestrijding begint in elk geval met het maken van onderscheid tussen de verschillende stromen van illegale kunst, waarschuwde de Franse delegatie. Nog te vaak worden kunstvoorwerpen die in strijd met uitvoerbepalingen zijn verhandeld, of waarbij BTW wordt ontdoken, op één hoop gegooid met gestolen waar of regelrecht geplunderde oudheden.