De 007 van Slotervaart gaat overal op af

Mohammed B., verdacht van de moord op Theo van Gogh, woonde achter het het August Allebéplein in Amsterdam. Het stadsdeel meldde de AIVD 1,5 jaar geleden dat hij ,,extreem gedrag'' begon te vertonen.

De straten rond het August Allebéplein in het Amsterdamse stadsdeel Slotervaart-Overtoomse Veld zien er schoon en opgeruimd uit. Er ligt nauwelijks zwerfvuil op het trottoir. Langs de goten is geen versplinterd autoglas te zien. De parkjes zijn getrimd en geschoren, en op de muren is slechts een spatje graffiti te bespeuren. Het is het tastbare resultaat van een gecoördineerde actie om het `AA-plein' en de buurten er om heen weer leefbaar te maken.

De ochtend van de moord op Theo van Gogh ging de veiligheidscoördinator van het stadsdeel, Frank Cardon, meteen naar het plein om de stemming te peilen. Daar hoorde hij oudere Amsterdammers zich woedend uitlaten over ,,de'' Marokkanen. Cardon spreekt van ,,pure frustratie'' door ,,een opeenvolging van akkefietjes waarvan ze slachtoffer zijn geweest''. Achter het August Allebéplein staat op een kledingophaalbak van Amnesty International gekalkt: `God kills more than cancer'. Maar dat wil volgens Cardon nog niet zeggen dat de jonge Marokkanen ,,achter de schermen aanslagen voorbereiden''. Cardon heeft geen uitingen gezien van anti-islamitische of anti-Marokkaanse gevoelens.

Op het plein doen in alle rust gehoofddoekte vrouwen boodschappen. De dag van de moord klonk opeens het geknal van vuurwerk over het plein. Cardon: ,,Twee agenten op een scooter wisten de dader staande te houden. Het was een scholier en meteen kwamen de leraren van een naburige school in actie om hun leerlingen naar binnen te halen.'' Hij spreekt zijn waardering uit over dit optreden. Te vaak gebeurt het volgens hem dat docenten scholieren in de openbare ruimte niet tot de orde roepen.

Henk Goettsch, voorzitter van stadsdeel Slotervaart-Overtoomse Veld, roemt oud-spoorwegpolitieman Cardon. ,,Ik noem hem de 007 van de buurt. Hij gaat er altijd meteen op af.'' De veiligheidscoördinator is niet groot, wel erg breed. Hij heeft de hele dag contact met winkeliers, hulpverleners, stadsdeelambtenaren, en met veel buurtbewoners. Met de buurtregisseur van de politie vormt hij voor Goettsch de ogen en oren van de stadsdeelraad.

Volgens Goettsch werd anderhalf jaar geleden al geconstateerd dat Mohammed B. ,,extreem gedrag'' begon te vertonen. ,,Hij ging zijn geloofsovertuiging zo uitdragen dat het hier opviel''. Dat `signaal' is vervolgens doorgegeven aan de AIVD, zegt Goettsch.

Zou Cardon ook een islamitische extremist à la Mohammed B. er uit kunnen plukken? Cardon: ,,Waar moet ik op letten? Zijn alle mensen in islamitische gewaden extremisten? Dan ben ik de hele dag bezig.'' Veel felle anti-westerse islamieten in de buurt zijn volgens hem juist keurig in Amerikaanse kledij gestoken. ,,Mohammed maakte zijn havo af en volgde de opleiding voor sociaal pedagogisch werk. Eigenlijk was hij een model-Marokkaan'', zegt de veiligheidscoördinator.

En wat is extremisme? Cardon zegt geschrokken te zijn van de breed gedragen mening onder Marokkanen na de moord op van Gogh: ,,Hij is dood, wat maakt het uit. In Irak gaan duizenden mensen dood''. Cardon: ,,Er zijn veel sentimenten waar je niet bij kan''. Hij vertelt over de reacties van islamitische scholieren toen hij het schoolplein betrad met een blonde vrouw. Platte grofheden vlogen hen om de oren. Hij had er met de schooldirecteur over gesproken, die had gezegd: ,,We kunnen niet altijd bij alles zijn om het te voorkomen. Maar weet u misschien wie dat riepen?''

Van alle instanties en instituten waarmee hij te maken krijgt, is Cardon het minst te spreken over de scholen. Een uitzondering daargelaten vindt hij dat scholen veel te vaak incidenten ,,wegstoppen, er voor wegkijken of ontkennen''. Moskeeën en scholen zouden zich vaker in het normen en waarden debat moeten mengen, vindt hij.

De twee allochtone groenteboeren aan het plein hebben hun waar op straat uitgestald. Over de appels en druiventrossen liggen geen diefstalvertragende netten. De combinatie van groepen scholieren en toegankelijk opgetast fruit lijkt een indicatie van buurtveiligheid. Maar een wijkbewoonster in een buurtcafé zegt bits: ,,Nee, natuurlijk stelen ze dat fruit niet. Ze stelen niet van hun eigen mensen.''

Volgens stadsdeelvoorzitter Goettsch is er de laatste jaren veel verbeterd, maar volgens een buurtbewoner is er 'snachts na tienen nog steeds veel overlast. ,,Er zijn een stuk of wat van die hangplekken hier in de buurt. Daar wil je echt niet langs in het donker.'' De voornamelijk Marokkaanse jongens schreeuwen, pissen in portieken en blowen, zegt hij, en je kan ze maar beter niet op hun gedrag aanspreken. ,,Een vriend van me heeft hier een eethuis en als die jongens voor je raam staan te klieren, moet je er niets van zeggen, want voor je het weet zit je raam onder de ketchup.'' Hij is ook al een keer beroofd. Tas over zijn schouder, twee jongens op een scooter, een harde ruk en weg was de dagopbrengst van zijn baas. Lopen van of naar zijn huis doet hij niet meer, ,,ik ga voor een wandeling van vijf minuten met de auto''.

CDA-Raadslid van het stadsdeel Mourad Taimounti (23) vindt alle aandacht voor overlast van Marokkaanse jongens sterk overdreven. ,,Het zijn jonge jongens, die doen nu eenmaal stoer. Ze komen uit warme landen waar het gewoon is om op straat te zijn en misschien praten ze een beetje harder dan hun Nederlandse leeftijdsgenoten, maar dat is nog geen criminaliteit. Ja, je moet ze niet beledigen natuurlijk, want dan kunnen ze fel zijn.''

Goettsch: ,,Zes jongens in het donker kunnen heel intimiderend overkomen. En als er signalen van straatgeklier bij ons binnenkomen, gaan we er op af.'' Hij pakt een stapel papieren en wijst getallen aan. ,,Vaststaat dat bij ons al een paar jaar de kleine criminaliteit dalende is.'' Debet aan die daling in de westelijke stadsdelen is een keten van instanties die zich gezamelijk buigt over de overlastgevers. In Slotervaart dus vaak voorafgegaan door een waarneming ter plekke van Cardon.

Cardon is kind aan huis bij het politiebureau Meer en Vaart. Afhankelijk van de situatie schakelt hij het mobiele jeugdteam in van Nieuwe Perspectieven dat volgens Goettsch ,,de bokken van de schapen'' kan scheiden, in casu de onverbeterlijke Harde Kernjeugd van de meelopers. In een later traject richten justitie, jeugdzorg, kinderbescherming en leerplichtambtenaren zich vanuit hun werkterrein op de `problematische jongeren'. Ook Mohammed B. is door zo'n corrigerend traject gegaan.