Conceptuele congresbla-bla en cola met condooms

Voorzitter Nederland van de Europese Unie organiseerde een conferentie over Corporate Social Responsibility. Voor ingewijden, maar heel nuttig.

Een bijeenkomst voor ingewijden. Zo kan men de conferentie over Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (CSR in het Engels) in Europa, die dezer dagen in Maastricht werd gehouden, wel typeren. Luister mee bij de sessie over `Best practices in CSR'.

,,It's absolutely essential to develop a new culture, in which corporations recognise their social responsiblities.''

,,We create frameworks to help SER's to create their own accountiblity.''

,,Forming a global network of multilateral cooperation...''

Als de sessie na anderhalf uur is afgelopen, is er welgeteld één concreet project genoemd, een vluchtige opmerking over woningbouw in Polen. Navraag leert dat het bij de overige sessies niet anders was.

Conferenties als deze zijn een noodzakelijk kwaad, zegt Tom Dodd, een Engelsman die bij de Europese Commissie werkt. Want al is er aan ,,conceptuele bla-bla'' geen gebrek, er worden volgens hem wel degelijk nuttige contacten gelegd en ervaringen uitgewisseld. Dat daarbij veel jargon wordt gebruikt, beschouwt Dodd als onvermijdelijk. ,,Het zijn nu eenmaal allemaal specialisten, die zich dagelijks met het onderwerp bezighouden. En als ze weer aan het werk gaan, zijn ze heel concreet bezig.''

Dodd moet voor de Europese Commissie het maatschappelijk verantwoord ondernemen bij het bedrijfsleven onder de aandacht brengen. En dat is lang niet altijd even makkelijk. ,,Veel bedrijven hebben hun handen vol om te overleven. Dan is het niet vanzelfsprekend om een ondernemer te vragen een volle dag over maatschappelijk verantwoord ondernemen te praten.''

Toch heeft het onderwerp, in al zijn vaagheid, de afgelopen tien jaar een grote vlucht genomen. Een goed voorbeeld zijn de zogeheten `Equator Principles', een gedragscode van de Wereldbank die moet voorkomen dat banken kredieten verstrekken aan projecten die vervuiling, gezondheidsrisico's of sociaal onrecht opleveren. Alle grote banken ter wereld hebben de gedragscode ondertekend.

Dodd: ,,Tien jaar geleden was het beperkt tot onderwerpen als kinderarbeid of milieuvervuiling. Bedrijven, bijvoorbeeld Nike of Shell, reageerden om hun reputatie te beschermen. Dat was een negatieve benadering. Wij proberen het onderwerp positief te brengen: als iets waar bedrijven baat bij kunnen hebben.''

Ook staatssecretaris Karien van Gennip (Economische Zaken) benadrukt in haar openingstoespraak dat maatschappelijk verantwoord ondernemen vooral in het belang van bedrijven zélf is. Het wordt volgens Van Gennip tijd om het onderwerp uit de hoek van de filantropie te halen. Of, zoals een andere spreker het formuleert: ,,Het gaat er niet om hoe je het geld op zondag uitgeeft, maar hoe je het van maandag tot zaterdag verdient.''

Maar wat merkt een werknemer uit een land als Oeganda van al die mooie woorden? Heel wat, zegt Dr. Maggi Kigozi, directeur van de Uganda Investment Authority. ,,De multinationals hoeven we niets meer te leren'', zegt Kigozi. ,,Die zijn allang van het belang van het onderwerp doordrongen.'' Ze noemt de voorlichtingscampagne van Coca Cola als voorbeeld. Bij ieder blikje deed de frisdrankfabrikant een voorlichtingsfolder en een condoom. Het is volgens haar mede aan Coca Cola te danken dat Oeganda nu een van de laagste HIV/AIDS-besmettingen van heel Afrika heeft. Die bedraagt volgens haar nu rond de 6 procent, tegen 30 procent in 1987.

Kigozi probeert nu het Oegandese midden- en kleinbedrijf maatschappelijk bewuster te maken, van arbeidsomstandigheden tot milieuverontreiniging. Om het zo concreet mogelijk te maken voor ondernemers deelt haar organisatie een brochure uit met min of meer concrete adviezen, bijvoorbeeld dat producten `veilig' moeten zijn en rechten van werknemers `gerespecteerd' worden.

Ook in Nederland is nog genoeg ruimte voor verbetering, vindt Arjan Laan, vastgoedbeheerder voor de familie Brenninkmeijer (C&A). ,,De Kalverstraat en de Nieuwendijk zijn `s nachts onprettige straten, waar veel mensen niet durven te komen. Boven de winkels in die straten is een enorme leegstand, terwijl er een woningentekort is. Wij moeten ervoor zorgen dat wonen en werken weer samenvallen zoals vroeger. Zodat je niet van die nare uitgestorven stadsdelen krijgt.''