Tijd om te kiezen

Theo van Gogh is dinsdagmorgen doodgeschoten. Er vielen zestien miljoen gewonden. [...] Het is hoogmoedig om meteen weer met een gepast woord te komen. Te doen alsof er geen calamiteit kan plaatsvinden of de woorden stromen als lava uit een werkende vulkaan. Het is onzinnig te doen of woede en onmacht meteen hun weg vinden in de hersenen. Maar om nou een steelpan in de keuken te pakken en daar op de Dam met een pollepel tegenaan te gaan slaan, is ook weer zoiets waarvan ik denk, dat is nou precies de lege hysterie van de tijd waarin we leven. Waarin we een dooie zanger die zich kapotgezopen heeft net zo makkelijk bejubelen als iemand die ons het bloed onder de nagels vandaan getreiterd heeft.

Als er iemand is doodgegaan die niet de hemel geprezen in hoeft te worden, dan is het Theo van Gogh wel. Want laten we wel wezen, het is niet de onschuld die hier vermoord is. De vrijheid van meningsuiting wordt ook bedreigd door hen die hun mening vrij uiten. Theo leed aan de kwaal waar veel ouder wordende recalcitranten aan lijden ik spreek uit ervaring. Zijn provocaties werden geforceerd. Roken is niet gezond. En wie kleine kinderen heeft zou moeten inzien dat het ongepast is voor hun ogen langzaam zelfmoord te plegen. Niets is pijnlijker dan het sluimerende besef monddood te zijn en voor de keuze te staan: nog harder tekeer gaan of buigen, of in nederigheid de nuance zoeken.

[...] Het wordt tijd je vrienden te benoemen, het wordt tijd handen vast te pakken met wie je verder wilt. De strijd die wij op dit moment uitvechten, is een strijd tussen religieus fundamentalisme en fundamenteel consumisme. Wij zitten in hun landen hun cultuur om zeep te helpen, en zij zitten hier onze cultuur naar de kloten te helpen. Zij hebben een kristalhelder vijandsbeeld, waarin een mensenleven niet telt, waarin de massa consequent dom gehouden is en een avontuurlijk elite rücksichtslos de ellende van zijn achterban gebruikt voor een machtsspel tegen onze wereld. Waarin we ons te barsten moeten consumeren om de welvaart op peil te houden. Waarin reclame en marketing ons geluk bepalen. Waarin mensen zoekend naar hun identiteit stukje bij beetje hun gemeenschapszin verliezen. Waar ze zich even gelukkig kunnen voelen door stompzinnige liedjesteksten mee te lallen. Waar ze zich even betrokken kunnen wanen door racistische krenten uit de politieke brei van Pim Fortuyn te lichten. [...] Misschien is wel ons allergrootste probleem onze eigen massa in toom te houden. [...] Het wordt tijd om te kiezen, maar waarvoor? Voor de provocatie, die kennelijk tot moord leidt? Voor de arrogante afstandelijkheid van ironie en cynisme die tot schijntolerantie leidt, de schijntolerantie waar we nu in zitten? Voor de vrijblijvende grap, die geen ander doel dient dan de eigen parochie te behagen? Moeten we kiezen voor de confrontatie, zoals beoofd door de nieuwe president van de Verenigde Staten [...]? Of voor een monsterverbond, waarin we onverwacht samen gaan zoeken naar wat ons bindt en waarin we niet onmiddellijk onze zin willen hebben.