Den Bosch investeert in de toekomst

Na drie keer op rij de play-offs te zijn misgelopen, lijken de hockeyers van Den Bosch voorgoed de aansluiting met de topvier kwijt.

Wijze woorden vielen na afloop te beluisteren aan de toog van wat al eens gekscherend `de grootste en gezelligste kroeg van Noord-Brabant' is genoemd. ,,Den Bosch moet een keuze maken: of onvoorwaardelijk kiezen voor tophockey of gewoon lekker meedoen in het rechterrijtje, en dan bedoel ik ook echt meedoen, want meer is het dan niet.''

Aan het woord was Ronald Jansen, de oud-international die vijf seizoenen het doel van Den Bosch verdedigde, en aan de Oosterplas daarna twee jaar (2001/2003) optrad als trainer-coach. Feilloos schetste hij het dilemma van de club, die sinds het behalen van de landstitel (2001) de aansluiting met de top langzaam maar zeker kwijt dreigt te raken: ,,Ben je bereid om de portefeuille te trekken, ja of nee?''

Na drie nederlagen op rij vond de club met de grote achterban (1.800 leden) zichzelf vorige week terug op de tiende plaats op de ranglijst. ,,En dat strookt niet met onze ambities'', beaamde hoofdcoach Harrie Delmee. Het duel van gisteren, tegen het al even ambitieuze HCKZ, stond dan ook te boek als een sleutelduel. Opnieuw een nederlaag en het `HGC-scenario' van vorig jaar zou in werking treden: een tobbende topclub verstrikt in de eigen onmacht.

Dat doemscenario is vooralsnog afgewend. Met dank ook aan de opponent uit Den Haag, die gisteren de indruk wekte al aan de winterstop te zijn begonnen en dan ook zo vriendelijk was om Den Bosch de helpende hand toe te steken: 3-2. Het lijdt geen twijfel of HCKZ rolt over twee maanden de rode loper uit wanneer international en strafcornerschutter Taeke Taekema weer terugkeert van zijn hockeyvakantie in Nieuw Zeeland.

Den Bosch heeft andere zorgen, en Delmee hoefde gistermiddag na afloop van pas de derde competitieoverwinning niet lang na te denken toen hem werd gevraagd naar de insteek voor de rest van het seizoen. ,,Zonder al te veel kleerscheuren de eindstreep halen en dan maar hopen dat de investeringen in de jeugd zich volgend jaar gaan uitbetalen.''

Maar de bedaagde coach die al een mensenleven werkzaam is in het Brabantse hockey had ook een waarschuwing in petto: ,,Wil je structureel meedoen in de top, dan red je het niet met alleen maar eigen talent uit de regio. Ik zeg niet: kopen, kopen, kopen. Helemaal niet zelfs, maar Jeroen (Delmee's zoon en motor van de ploeg, red.) heeft niet het eeuwige leven. Je hebt één of twee toppers nodig die de rest de weg wijzen.''

Eén voordeel heeft de gisteren zeer behoudend spelende oud-landskampioen (1998 en 2001): in het post-olympisch seizoen is, mede door de onstuimige aanwas van buitenlandse hoofdklassespelers, sprake van nivellering. ,,Twee ploegen steken uit boven de rest, Oranje Zwart en Bloemendaal. Maar daaronder kan iedereen van iedereen winnen, zo blijkt vandaag maar weer'', grijnsde aanvaller Matthijs Brouwer.

Maar de rol van uitdager van de gevestigde orde staat Den Bosch niet voor ogen. Al zag technisch directeur Willem Kemps de bui vanzelfsprekend al hangen, toen afgelopen zomer twee steunpilaren (Rob Derikx en Willem Gassner) en een onderschatte spits (de nu bij Tilburg veelscorende Stefan Duyf) opstapten. Cynisch: ,,Wij meenden in de winterstop met alle spelers harde afspraken te hebben gemaakt, maar sommige jongens dachten daar anders over.''

Den Bosch probeerde nog wel de opengevallen plekken op te vullen, en nam onder meer contact op met twee gelouterde internationals van olympisch kampioen Australië, Bevan George en Matthew Wells. Tot een akkoord kwam voorzitter Rob Campbell echter niet met beide verdedigers. ,,Wij zijn best bereid iets te doen in de sfeer van vergoedingen, maar wij weigeren de hoofdprijs te betalen.''

Tot overmaat van ramp overwoog ook spits Brouwer deze zomer te vertrekken. ,,Na drie keer op rij de play-offs te zijn misgelopen, stond ik open voor een andere club.'' Een indringend gesprek met onder anderen Campbell en Kemps bracht de 24-jarige international alsnog op andere gedachten. ,,Nu de benen nemen, zou de makkelijkste weg zijn geweest. Deze club heeft mij de kans gegeven om uit te groeien tot de hockeyer die ik nu ben. Juist nu het wat minder gaat, mag en kan ik Den Bosch niet laten vallen.''

In schril contrast met de mannen staat de vrouwenploeg van Den Bosch. Het geheim van de succesformatie die dit voorjaar de zevende landstitel op rij won: jeugdige talenten al op zeer jonge leeftijd één of twee keer in de week laten meetrainen met de A-selectie, zodat ze versneld worden klaargestoomd voor `het grote werk' en nauwelijks aanpassingsproblemen kennen.

Maar zowel Kemps als Delmee weerspreekt de suggestie als zou de mannenploeg de voorbije jaren onvoldoende oog hebben gehad voor het tijdig inpassen van talentvolle tieners. Delmee: ,,Als ze er niet zijn, dan zijn ze er niet, heel simpel. Bovendien: een ventje van veertien kan ik onmogelijk met ons mee laten trainen. Dat werkt gewoon niet.''

Noodgedwongen voert Den Bosch dit seizoen echter alsnog een versnelde verjongingskuur door. Symbool voor het jeugdige elan stond gistermiddag Bas Campbell, de pas 17-jarige zoon van de voorzitter die vlak na de rust met een fraai backhandschot de score en daarmee ook de wedstrijd openbrak.

Kemps keek goedkeurend toe. Met een knipoog: ,,Heus, zo slecht doen we het nog niet.''