Top-entertainment met gevoel van Rammstein

Met tweemaal een vol Ahoy bereik je minder publiek dan met een vol Gelredome. Het siert Rammstein dat de immens populaire rockgroep uit voormalig Oost-Duitsland, terugkeert naar de betrekkelijk `intieme' omgeving van Ahoy waar je de gloed van het vuur nog overal kunt voelen. Vuurwerk en knallen vormen een belangrijk onderdeel van hun show.

Hoewel Rammstein niet meer zo uitbundig met petroleum en exploderende attributen kan werken als tien jaar geleden, brachten ze gisteren in Rotterdam een even beheerst als spectaculair vertoon van pyrotechniek: vlammende gitaristenarmen, hemelwaarts reikende vuurtongen op maat van de muziek en de brandende man waarin zanger Till Lindemann als gewoonlijk veranderde tijdens de herkenningstune Rammstein, genoemd naar het stadje in de DDR waar kort voor hun oprichting in 1993 een rampzalig vliegtuigongeluk plaatshad.

In de drie jaar sinds het voorlaatste album Mutter werd Rammstein een wereldwijde stadionattractie, die ondanks de Duitstalige teksten ook in de VS bijzonder geliefd is. De scherpe kantjes van hun industriële hardrock, door de groep `Tanzmetal' gedoopt, zijn op het recente album Flugrekorder grotendeels weggepoetst. Het popgeluid van de single Amerika overheerst en het typisch Duitse gevoel voor humor (`Amerika, Coca Cola, Wonderbra') herinnert aan de manier waarop Kraftwerk het `Fah'ren fah'ren fah'ren' uit Autobahn op `Fun fun fun' kon laten lijken.

Live is Rammstein niet meer de grimmige mijnwerkersbrigade van weleer, maar een met militaire precisie georganiseerd peloton dat in gestileerde officiersuniformen over het podium paradeerde. De ouverture van roadies in nette overhemden die met zaklantaarns het publiek beschenen, had iets van de paranoïde sfeer van een leven onder de Stasi. Maar Rammstein heeft altijd verklaard dat het grauwe West-Berlijn hen na de val van de Muur was tegengevallen, en dat het leven in de DDR zo slecht nog niet was. Nu spotten ze met hun paramilitaire achtergrond in het op kampvuurgitaren gespeelde wandellied voor jonge communisten Los en met Links 234, voorzien van het meest swingende marstempo ooit.

Nu accordeon en mondharmonica hun intrede hebben gedaan tussen de snerpende machinezaaggitaren, valt eens te meer op dat Rammsteins industrial metal altijd een ambient-element heeft gehad. Toetsenman Christian `Flake' Lorenz vervult een vergelijkbare rol als Brian Eno bij Roxy Music, van extravagante ontregelaar. Muzikaal is Rammstein een stuk interessanter geworden nu ze niet alleen stoer en staalhard klinken en er ook gevoelig gedaan mag worden.

Een neiging tot het absurde is gebleven, met name in het lied Mein Teil dat geïnspireerd werd door de ware geschiedenis van de Duitse kannibaal die met instemming van zijn slachtoffer een heel mensenlichaam opat. Het nummer ging gepaard met een nogal flauw toneelstukje rond een enorme kookpot. Het werd pas leuk toen daaronder een enorm vuur werd ontstoken – zoals het hele hoog boven het podium uittorenende high tech-decor erop ingesteld was om ruimte te bieden aan zeeën van Bengaals vuur, ronddraaiende vonkenregens of (bij Amerika) rood-wit-blauwe confettikanonnen.

De nadruk lag dit keer op siervuurwerk en de muziek was hard maar niet oorverdovend. Het top-entertainment van Rammstein werd verzorgd door beheerste kermisgasten, want roekeloze rockers kunnen niet avond aan avond zonder gevaar vuurspuwen en met vlammen jongleren.

Concert: Rammstein. Gehoord: 4/11 Ahoy, Rotterdam. Herhaling: 5/11.